Ganzouri volgt Sedki op; Egypte krijgt na negen jaar nieuwe premier

KAIRO, 3 JAN. De Egyptische president Hosni Mubarak heeft gisteren premier Atef Sedki vervangen door vice-premier Kamal Ganzouri.

Mubarak zei dat de maatregel was bedoeld om de levensstandaard in Egypte te verhogen door middel van voortgezette economische hervormingen. Hij voegde eraan toe dat er geen wijzigingen in de politieke koers, binnenlands noch buitenlands, te verwachten zijn. “De regering verandert, maar haar doeleinden niet”, aldus Mubarak op een persconferentie.

Zijn stap kwam voor veel waarnemers onverwachts; na de veel-gekritiseerde parlementsverkiezingen van 29 november en 6 december verzekerde hij nog geen reden te zien voor belangrijke wijzigingen van zijn kabinet, gezien de overweldigende zege van zijn Nationaal-Democratische Partij (NDP). Oppositiekandidaten veroverden niet meer dan 14 van de 444 zetels die op het spel stonden; de rest ging naar Mubaraks partij of onafhankelijke kandidaten, van wie de meerderheid zich vervolgens bij de NDP aansloot. Een diplomaat meende dat Mubarak de noodzaak had ingezien om het imago van de regering na de verkiezingen te verbeteren, en daartoe Sedki had geofferd.

Atef Sedki (65) was sinds 1986 premier. Mubarak prees hem gisteren voor de manier waarop hij economische en sociale hervormingn had doorgevoerd tijdens “Egyptes moeilijkste stadia”. Economen wijzen er echter op dat Sedki vaak is gekritiseerd wegens het trage tempo van zijn hervormingen, en met name wat betreft de privatisering van de honderden staatsbedrijven.

De 62-jarige Ganzouri, die al acht jaar vice-premier was en tegelijk minister van planning, heeft economie gestudeerd in de Verenigde Staten. Hij heeft vaak onderhandeld met het Internationale Monetair Fonds (IMF), dat samen met de Wereldbank het Egyptische hervormingsprogramma heeft helpen opzetten. Ganzouri wordt gezien als integer en als krachtiger dan Sedki.

Zelf weigerde hij details te geven over zijn nieuwe kabinet. Mubarak op zijn beurt suggereerde alvast dat de belangrijkste ministeries, die van binnenlandse zaken, defensie en buitenlandse zaken, niet in andere handen zouden komen. (Reuter, AP, AFP)