Fragmenten oud-Amsterdam op video verzameld

Het Amsterdams Gemeentearchief heeft deze week de derde aflevering van een succesvolle serie videobanden met archiefbeelden uitgebracht. De belangstelling voor historisch filmmateriaal groeit, en de inventarisatie komt steeds beter op gang.

Wim Visscher: Amsterdam in de film. Uitg. Waanders/ Gemeentearchief Amsterdam, 392 blz. Prijs ƒ 59,50. De videobanden 'Historisch Amsterdam in beeld' duren 45 minuten en kosten ƒ 19,95 (eerste deel) en ƒ 24,95 (tweede en derde deel).

AMSTERDAM, 3 JAN. “Als warme broodjes” gaan ze volgens de baliemedewerkster van het Amsterdams Gemeentearchief over de toonbank - de videobanden die worden uitgebracht onder de verzameltitel Historisch Amsterdam in beeld. Sinds de lokale tv-zender AT5 beelden uit het archief als pauzefilmpjes gebruikt, is de behoefte aan méér sterk gegroeid. Van de eerste twee banden zijn al meer dan duizend exemplaren verkocht, ondanks het feit dat de rangschikking van het materiaal een tamelijk willekeurige indruk maakt. Ook de zojuist verschenen derde aflevering kent geen thema: de beelden dateren uit de jaren twintig en dertig, tonen scènes uit de bevrijding en laten ook een enkele naoorlogse gebeurtenis zien. Een programmatische structuur ontbreekt.

Maar dit gebrek aan samenhang is tegelijk exemplarisch voor de wijze waarop de recente geschiedenis van een stad als Amsterdam op film is vastgelegd. Wat er zich de laatste honderd jaar heeft afgespeeld, moet nu eenmaal bij elkaar worden gesprokkeld uit losse fragmenten, speelfilmscènetjes op toevallige lokaties, amateuropnamen die voor particuliere doeleinden werden gemaakt, en propagandistisch bedoeld materiaal waarvan lang niet altijd duidelijk is hoe waarheidsgetrouw het was.

“Het lukte de gemeente niet een bevredigende organisatie op te zetten voor vervaardiging van de door haar beoogde films”, concludeert Wim Visscher in een overzicht van de vooroorlogse aanzetten tot een gemeentelijk filmbeleid, als inleidend artikel opgenomen in zijn filmografie Amsterdam in de film. Het is een kleurrijk verhaal, want er is destijds danig beraadslaagd en gecorrespondeerd over plannen om films te maken die in binnen- en buitenland bekendheid zouden geven aan al hetgeen in Amsterdam tot stand was gebracht. Zelfs de veelbelovende Joris Ivens maakte rond 1930 serieus kans op een gemeentelijke opdracht. Hij wilde voor ƒ 15.000 een film maken die de stad zou tonen als “levend organisme”. Ir W.A. de Graaf, directeur van Publieke Werken, voelde wel wat voor zo'n 'werk van byzonderen aard'. Het college van B & W besloot echter dat de financiën het niet toelieten. Wel hebben diverse gemeentelijke diensten vóór 1940 films laten maken over specifieke onderwerpen als de verkeerssituatie in het centrum, werkverschaffing aan werklozen, de haven, de bouw van Schiphol en het Gemeentegirokantoor.

Wie derhalve wil weten hoe Amsterdam in die tijd bewoog, is vooral aangewezen op andere bronnen. In de door Visscher samengestelde filmografie over de periode 1896-1940 zijn 1060 films en filmpjes opgenomen van zeer uiteenlopende aard - van journaalopnamen tot speelfilms en van familiefilmpjes tot bioscoopreclame voor Amsterdamse bedrijven. Ongeveer tweederde daarvan is nu in openbare archieven terug te vinden. Van de rest is alleen, omdat er destijds over is gepubliceerd, het bestaan bekend. Veel moet dus nog worden opgespoord.

Van structurele geschiedschrijving op film is ook nu nog geen sprake. Maar de vraag is of dat moet worden geweten aan de blijvende afwezigheid van een gemeentelijk filmbeleid. Opdrachtgevers zijn immers per definitie geneigd tot manipuleren. Dat bleek al in 1927, toen Publieke Werken een reclamefilm liet maklen over de asfaltering van de straten: het regent waar het in de film nog niet is geasfalteerd, en de zon schijnt zodra er een geasfalteerde straat in beeld komt. Misschien wordt de geschiedenis meer recht gedaan door het ratjetoe aan materiaal dat pas later - bijvoorbeeld door een historicus - tot één geheel wordt gevormd.

    • Henk van Gelder