Mars van Bengaalse vrouwen tegen opmars moslim-radicalisme

DHAKA, 2 JAN. Ten minste 100.000 vrouwen hebben gisteren in Dhaka, de hoofdstad van Bangladesh, gedemontreerd tegen de opkomst van het moslim-fundamentalisme in hun land.

De vrouwen kwamen met treinen, bussen en zelfs vrachtwagens uit heel Bangladesh. Het ging vooral om boerenvrouwen van het platteland. Voor velen van hen was het de eerste keer dat ze een bezoek brachten aan de grote stad. “Ik heb het gevoel dat ik nu belangrijk ben”, zei één van de demonstranten.

“Tot nog toe hebben de fundamentalisten het op ons gemunt”, aldus één van de vrouwen die de demonstranten toespraken. “Het wordt hoog tijd dat we het nu eens op hen gemunt hebben.” Op spandoeken eisten de demonstranten gelijke rechten voor mannen en vrouwen.

De demonstratie werd financieel mogelijk gemaakt door de Associatie van Ontwikkelingsorganisaties in Bangladesh. Deze groep van ongeveer 800 niet-gouvernementele organisaties ontvangt het grootste gedeelte van haar ontwikkelingsbudget van Westerse donoren.

Moslim-fundamentalistische geestelijken zijn sterk gekant tegen het werk van de Associatie. Zo is de steun van de ontwikkelingsorganisaties voor scholingsprojecten voor meisjes de moslim-fundamentalistische geestelijken een doorn in het oog omdat een opleiding voor meisjes in strijd zou zijn met de richtlijnen van de islamitische wet, de shari'a. Het grootste gedeelte van de 120 miljoen inwoners van Bangladesh is moslim.

In 1994 begon een groep van moslim-fundamentalistische geestelijken, het zogeheten Gecombineerde Actiecomité, aan een felle campagne tegen onderwijs voor jonge meisjes. In dat jaar werden ten minste 1.400 Bengaalse meisjesscholen in brand gestoken of op andere wijze vernield. In 1995 nam het vandalisme tegen meisjesscholen af, hoewel de moslim-fundamentalistische geestelijken hun campagne voortzetten.

Westerse donoren leggen in ontwikkelingslanden vaak grote nadruk op het belang van emancipatie van de vrouw. Behalve door humanitaire overwegingen wordt hun standpunt ook ingegeven door de overwegingen dat een betere toekomst voor vrouwen een effectief middel vormt om de bevolkingsgroei in de Derde wereld in te tomen. Vrouwen die een opleiding volgen en daarna een baan vinden, trouwen later en krijgen ook minder kinderen, zo blijkt uit wetenschappelijk onderzoek. (AP)