Lodders laakt Lubbers' aanval op Brinkman

DEN HAAG, 2 JAN. Vice-voorzitter Lodders van het CDA laakt de persoonlijke aanval van oud-minister-president Lubbers op zijn vroegere beoogd opvolger Brinkman. Lodders vindt de verwijten die Lubbers de voormalige CDA-fractievoorzitter vorige week maakte in het dagblad Trouw “onverkwikkelijk”.

In een vraaggesprek afgelopen zondag op radio 1 verklaarde Lodders het vooral te betreuren dat het door de uitlatingen van Lubbers lijkt alsof “de mensen in het CDA weer tegen elkaar bezig zijn”.

Volgens Lubbers zou Brinkman de komst van een kabinet van CDA, VVD en D66 hebben geblokkeerd door vast te houden aan zijn wens om zelf premier te worden. Zo zou de voormalige lijsttrekker Lubbers suggestie van de hand hebben gewezen om twee andere kandidaten voor het premierschap naar voren te schuiven: oud-Europees commissaris Andriessen en voormalig minister Kooijmans (buitenlandse zaken). Lubbers: “Het was voor Brinkman alles of niets. En alles was voor hem vooral het Catshuis”.

Lodders, die van maart 1994 tot begin 1995 waarnemend voorzitter was van het CDA, zei hierover dat het verwerken van de tragedies die de partij recent heeft doorgemaakt “de één blijkbaar wat gemakkelijker afgaat dan de ander”.

In het gesprek waarschuwde Lodders verder de CDA-fractie in de Tweede Kamer voor een te harde aanpak van het paarse kabinet. Vice-fractievoorzitter De Hoop Scheffer had eerder verklaard het kabinet “met de scherpe floret en desnoods met de moker aan te pakken”. Lodders vindt die laatste aanpak niet gepast voor haar partij. “Ik geloof niet in die moker. Die past onze partij niet. Wij hebben een gouvernementele instelling. Wij hebben voor een constructieve vorm van oppositie gekozen, dat zal de partij verder brengen.”

Wat haar eigen toekomst betreft ontkende Lodders ambities te hebben voor het lijsttrekkerschap in 1998. “Laat ik het maar zo kordaat en koelbloedig mogelijk formuleren: ik heb die ambitie niet.”