Koenigs-collectie (2)

In Z van 16 december concludeert Lucette ter Borg dat Duitsland de Koenigs-collectie kan terugeisen en dat de Nederlandse overheid het nakijken heeft. Haar stellingen zijn grotesk: Hitler betaalde de marktprijs en dus is de transactie legaal geworden. En: Duitsland heeft de zogenaamde Joint Declaration van de Geallieerden (in 1943 in Londen opgesteld, uiteraard tegen nazi-Duitsland, RdH) nooit ondertekend, dus kan Duitsland de Koenigs-collectie terugeisen van de Russische Federatie.

Zij citeert met instemming de kunsthistoricus Tetrjadnikov die in een ongeloofwaardig artikel in de Pravda op 4 oktober schreef: “De Sovjets hebben weliswaar in 1943 samen met de andere Geallieerden hun handtekening gezet onder de Joint Declaration (volgens welke alle transacties met de vijand illegaal worden verklaard), maar dat verplicht de Russische regering niet om de Koenigs-tekeningen terug te geven: het Russische parlement heeft de Joint Declaration nooit bekrachtigd.” Dat gaat geheel voorbij aan het algemene beginsel van het volkenrecht, dat een regering zich niet kan beroepen op schending van interne constitutionele vereisten ten aanzien van zijn gehoudenheid onder het volkenrecht. De huidige Russische Federatie wordt onder het volkenrecht in beginsel beschouwd als de voortzetter van de voormalige Sovjet-Unie.

Is het maken van flinke winst uit handeldrijven met de nazibezetter achteraf te beschouwen als een legitieme daad? Het is maar met welke ogen je het bekijkt. Men kon in de oorlog zijn bezit op drie manieren kwijtraken: a. het werd geroofd of anderszins ontvreemd; b. het werd onder dwang verkocht; c. het werd vrijwillig verkocht aan de bezetter. Direct na de oorlog heeft onze regering een ieder uitgenodigd om claims in te dienen om verloren goederen terug te krijgen. Hiervan is door duizenden Nederlanders gebruik gemaakt. De rechter wees na toetsing van de claims het onder a. gestelde direct toe aan de vroegere eigenaars. Het bezit onder b. genoemd werd eveneens aan de vorige bezitters toegewezen, mits men de verkregen tegenwaarde in geld weer aan de Staat vergoedde. Het onder c. genoemde evenals die zaken, waarvoor geen claims waren ingediend, verviel krachtens Koninklijke Besluiten vanaf mei 1940 genomen, in eigendom aan de Staat. Onder deze laatste categorie valt de Koenings-collectie. Volgens deze systematiek is in Nederland, maar ook in andere door de Nazi's bezette landen als België en Frankrijk na 1945 de gehele recuperatie afgehandeld.

De claim op de Koenigs-collectie is direct na de oorlog door Nederland bij de Sovjet-regering aanhangig gemaakt. Toen drie jaar geleden, in oktober 1992, de Russische regering eindelijk toegaf een groot deel van de Koenigs-collectie jarenlang in het Pushkin Museum verborgen te hebben gehouden, heeft Nederland zijn oude aanspraak herhaald.

Het gaat mij te ver om collaboratie door Nederlandse ingezetenen met Hitlers consorten achteraf als legaal voor te stellen, zoals uw artikel en sommige Russische meningen suggereren. Overigens zou op basis van het in 1954 tussen de Geallieerden en de Bondsrepubliek Duitsland gesloten verdrag ter regeling van uit de oorlog en bezetting ontsproten kwesties de Koenigs-collectie uit de Bondsrepubliek naar Nederland gerepatrieerd zijn, indien deze collectie zich niet in de Sovjet-Unie bevonden had.