Hollands Dagboek: Fokko de Vries

Fokko de Vries (35, ongehuwd) studeerde psychologie en geneeskunde aan de Universiteit van Utrecht en volgde een opleiding tot tropenarts. Sinds 1993 is hij voor Artsen zonder Grenzen werkzaam geweest in de Bosnische stad Mostar, in Rwanda en tweemaal in het noorden van Sri Lanka. Sinds twee maanden is hij gestationeerd in Sarajevo.

Woensdag 20 december

Palmbomen, krijsende meeuwen, en vissersbootjes: vanmorgen aangekomen in ons logistieke centrum in Split, aan de Adriatische kust, waar de oorlog zo ver weg lijkt. Vanmorgen hier naar toe gevlogen vanuit Zagreb met UNPROFOR (vliegtuigmaatschappij 'Maybe Airlines') in een kolossale Iljoesin. Een legendarische vlucht, luisterend naar het oorverdovend geluid dat duizend tandartsboren overtreft, zit ik tussen een Indonesische blauwhelm en een Nederlandse blauwhelm van Molukse afkomst. Hadden hun voorouders ooit kunnen vermoeden dat hun kinderen nog eens gebroederlijk op vredesmissie zouden zijn in een postcommunistisch door etnische haat verwoest Europees land? Het verplichte kogelvrije vest zit me wat ongemakkelijk, en de helm - waar ik niet echt raad mee weet - herinnert me aan een dialoog uit de film 'Apocalypse Now', vlak voordat Amerikaanse helikopters onder de klanken van Wagner een Vietnamees dorp aanvallen: “Why are you guys sitting on your helmets?” “Because we don't want our balls blown off”.

Vervolgens vertrokken in onze gepantserde auto, met roepnaam 'Panzerhans', naar Sarajevo. Bij Metkovic begint de indertijd door de Bosnische Kroaten uitgeroepen republiek Herceg-Bosna die volgens Dayton geen bestaansrecht mag hebben. Onderweg lees ik het satirische weekblad 'Feral Tribune', waarin boven de foto van een slapende president Tudzman gedrukt staat: 'Wij sluiten onze ogen niet voor oorlogsmisdaden'.

Een pagina eerder toont de nieuwste reclameslogan van de Kroatische Bank: 'Geld zonder grenzen'. Het doet me denken aan de wachtkamer van het vliegveld van Sarajevo, volbehangen met stikkers van organisaties als 'Apothekers zonder grenzen', 'Piloten zonder grenzen' en 'Journalisten zonder grenzen'. Een grapjas heeft er met koeieletters boven geschreven: 'Beethoven zonder grenzen'. Hoe was het ook al weer? Alle Menschen werden Brüder.

Ondertussen rijden we zonder problemen door Mostar, Jablanica en Konjic, hetgeen voor mij persoonlijk een bijzondere ervaring is. Hier lag immers twee jaar geleden de frontlijn. Met name was toen de situatie dramatisch in Oost-Mostar waar zestigduizend Bosniërs onder voortdurende beschietingen in kelders leefden, met zeer weinig voedsel en water. De enige medische voorziening was een geïmproviseerd oorlogsziekenhuis in een voormalige bibliotheek. Deze oorlog duurde voort totdat de Amerikanen - net als nu - er genoeg van hadden en de fragiele Federatie voorschreven die tot op heden stand houdt.

Vandaag is een historische dag want het bevel van UNPROFOR wordt overgedragen aan IFOR (NATO). Dit zien we voor onze ogen gebeuren: overal trekt het wit zich terug om plaats te maken voor meer robuuste oorlogskleuren. Adieu Britbat, Frenchbat en Spanbat, beter bekend onder de bijnamen Gunbat, Funbat en Runbat.

Om Sarajevo binnen te komen, rijden we in dichte mist over de berg Igman, voorlopig nog de enige toegangsweg tot Sarajevo die niet door het gebied van de Republika Sprska gaat. Het is een ruim twee uur durende tocht door de modder en het is verbazingwekkend hoe vrachtwagens met commerciële waar en de streekbus van Sarajevo (retourtje Sarajevo-Split 110 DM) er in slagen de berg te nemen. Bij het binnenrijden van Sarajevo is de mist zo dicht dat we zelfs niet kunnen zien of er deze avond elektriciteit is.

Donderdag

Vandaag wakker geworden in een zolderkamer in het oude gedeelte van Sarajevo. De Engelse ontbijt-tv opent met het nieuws over Lady Diana en de vraag wat er precies in de brief van de koningin staat. Dit zijn werkelijk de levensvragen van deze tijd.

Vanmorgen met onze collega's van Artsen zonder Grenzen België in Pale de ontwikkelingen in Servisch Sarajevo besproken. Volgens Dayton zullen deze gebieden over 90 dagen onder de controle komen van de Bosnische regering. De algemene indruk is dat de meeste Serviërs (volgens UNHCR zeventigduizend mensen) deze gebieden willen verlaten. Belangrijk op dit moment is hoe de mensen weg zullen gaan, waarheen ze zullen gaan en hoe ze de huizen en gezondheidscentra zullen achterlaten. De taktiek van de verschroeide aarde - alles leegplunderen en in brand steken - is geen onbekend fenomeen in deze streken. We hebben als noodvoorraad medicijnen, dekens, babyvoeding en materiaal voor water en sanitair klaarliggen. Deze voorraad was oorspronkelijk voorbereid met het oog op de val van Gorazde, hetgeen na Dayton onwaarschijnlijk is geworden. Tijdens ons gesprek met de Belgen wordt er buiten geschoten. Zogenaamd 'happy fire', dat wil zeggen wegens een bruiloft of dronkenschap, doch dikwijls een combinatie van beide.

We rijden Sarajevo weer binnen langs de verwoeste bibliotheek, het verwoeste Habsburgse postkantoor en langs de straathoek waar Gavrilo Princip - met bekende gevolgen - in 1914 Franz Ferdinand neerschoot. Het gedenkteken, dat bestond uit twee in beton gegoten voetstappen, is in zijn geheel verwijderd. Princip was immers Bosnisch-Serviër. Gewogen, en te licht bevonden.

In de middag brengen we medicijnen, een microscoop, autoclaaf en dekens naar het oorlogsziekenhuis van Dobrinja. Deze wijk, direct aan de frontlijn bij het vliegveld, is lange tijd afgesloten geweest van de rest van de stad. Het ziekenhuis staat onder leiding van de legendarische Syrisch / Palestijnse traumachirurg Youssef Hajir, onlangs door de plaatselijke kranten uitgeroepen tot humanist van het jaar. Het oorlogsziekenhuis, ingericht in een voormalig pakhuis, telt een operatiekamer, verloskamer, laboratorium en vijftig bedden. Er zijn 8500 mensen in drie jaar behandeld. In strijd met alle internationale verdragen - een vodje papier in oorlogstijd - werd het ziekenhuis voortdurend beschoten. Tijdens de omsingeling kon het alleen - en dan in het holst van de nacht - bevoorraad worden over de heuvel Mojmilo. Ruim driehonderd mensen vonden daarbij de dood. We drinken er Bosanska Kava, vroeger nog gewoon Turska Kava geheten.

Terug op kantoor lees ik via E-mail de dagelijkse AzG newsflash: oplopende spanning in Rwanda en Burundi en mogelijk een gelekoortsepidemie in Liberia.

Vrijdag

Vandaag wonen we de eerste persconferentie van IFOR bij. Een kolonel legt de hoofddoelstellingen uit van zijn aanwezigheid: zodanige voorwaarden creëren dat de Bosniërs zelf hun land weer kunnen opbouwen. Verder vertelt hij dat er vanaf heden volledige bewegingsvrijheid zal zijn. We vertrekken naar Servisch Sarajevo waar we twee ziekenhuizen en vijf gezondheidscentra met medicijnen en insuline bevoorraden. De stemming hier is overal bedrukt. Niemand zegt in Sarajevo te willen blijven. Een plaatselijke arts merkt op dat de hele wereld samenzweert tegen het Servische volk. Over de weg hangt een spandoek: “Amerika, bedankt voor de vrede, maar waar moeten wij nu naar toe?” Geleidelijk aan verlaten meer en meer mensen deze wijken, de oproep van Karl Bildt ten spijt.

's Avonds eten we een pizza onder het genot van levende muziek. De tekst van de geliefde meezinger 'Marina, Marina, Mariiiinaaa ...' blijkt veranderd in: 'Fatima, Fatima, Fatiiiimaaaa ...'

Zaterdag

Vandaag een stadswandeling. Veertig procent van de mensen hier is als vluchteling afkomstig van elders, veelal uit agrarische gebieden. Dit verklaart waarom er zo nu en dan een kudde geiten of koeien door de stad loopt. Overal zijn er groentetuintjes verrezen en een groot aantal bomen is verdwenen in de allesbrander. De winkels zijn redelijk bevoorraad, doch onze laatste AzG-bevolkingsonderzoek toonde aan dat de mensen rond moeten komen van zo'n tien DM per maand. In feite is bijna iedereen afhankelijk van humanitaire hulp. Dertig procent van de ruiten is kapot en vervangen door plastic. De weinige automobilisten rijden als gekken, waarschijnlijk een overblijfsel van 'sniper's alley reflex'. Op grasveldjes liggen tweedehands boeken te koop, Servo-Kroatische vertalingen van onder andere Adorno, Habermas en Yourcenar. In de winkels ligt in Bosnische vertaling het postume werk van 'Le premier homme' van Camus te koop. Voor twee maandsalarissen.

De kranten van vandaag citeren Vaclav Havel, die twee dagen op bezoek is, zeggende: 'De vrede komt te laat'. De krant Oslobodjenje brengt het document van de Human Rights Watch over de val van Srebrenica en voorts een cartoon waarbij Mladic tegen Karadzic zegt: “Niemand ter wereld kan ons scheiden, we zullen eindigen in dezelfde cel”.

Verdwenen zijn de enorme betonplaten die café Park beschermen tegen snipers en granaatscherven. Nog steeds lopen er groepjes zwerfhonden rond. Het wachten is op de 'dierenartsen zonder grenzen'. De eeuwige vlam wil ook niet echt branden door de gebrekkige aanvoer van Russisch gas.

's Avonds blijkt Televizija Bosnia i Hercegovina (TV BIH) de multicultureel verantwoorde film: 'Jezus van Nazareth' geprogrammeerd te hebben.

Zondag

Overdag bezoek ik de familie H. van wie de kinderen drie jaar geleden in Nederland politiek asiel aanvroegen. Werkelijk niemand hier gelooft dat er duurzame vrede komt. Vrede is natuurlijk veel meer dan de afwezigheid van oorlog.

Nadat hun kinderen erkend werden als vluchteling vroegen ze een woning aan in Nederland. De lichtelijk wereldvreemde ambtenaar van Herhuisvesting vroeg hen of ze wisten wat een lift was en of ze wel eens van een centrale verwarming hadden gehoord. Beide vluchtelingen zijn overigens architect. Ondanks het feit dat miljoenen Nederlanders het voormalige Joegoslavië hebben bezocht prevaleert bij ons toch nog het hardnekkig beeld van Bosnië als een soort Biafra.

Daarna bezoek ik mijn vriend Ibrahim, een 75-jarige grijsaard met de kop van Thomas Becket. Hij was jarenlang toeristengids en kan urenlang anekdotes vertellen over de geschiedenis van Bosnië. Bijvoorbeeld dat toen de Turken de Bosniërs wilden bekeren tot de islam, de Bosniërs om een jaar uitstel vroegen omdat 'dat jaar de varkens zo goed vetgemest waren'. Op late leeftijd beleefde hij een tweede jeugd in een relatie met een vriendin. Totdat zij in het voorjaar van 1993 door een Servische sniper in de tram werd vermoord.

Vanavond is er geen avondklok. Om middernacht verzamelen we ons voor de kathedraal. Het is veel te druk om een plaats binnen te kunnen bemachtigen. Een groepje opgeschoten jongeren naast me scandeert: “Fuck Londen, fuck Paris, Sarajevo is the best town in the world”.

Om de geïmproviseerde kerstmarkt worden naast allerlei prullaria condooms verkocht van de Wereld Gezondheids Organisatie, door een grapjas omgedoopt in 'wintercondooms'. Drie voor 1 DM. Men is doodsbenauwd dat de IFOR-soldaten Aids binnenbrengen.

Op de stoep zit een vrouwtje chocolade te verkopen. Ze vertelt me dat ze verdreven is uit Grbavica, de Servische wijk om de hoek. Ze overleefde de eerste granaataanval op de markt in februari '93, hetgeen leidde tot het instellen van 'safe havens' en 'exclusion zones'. Met bekende gevolgen. Ze loopt nog moeilijk want ze heeft nog stukjes granaatscherf in haar benen. Volgens Dayton kan ze in 1996 naar huis. Slachtoffer van het Servische pantsercommunisme met zijn rassenwaan en zijn paranoïde ideologie.

Maandag

Vandaag medicijnen en warm ondergoed gebracht naar 'Happy Flowers'. Dit instituut, een voormalige kleuterschool, geeft onderdak aan zeventig chronisch psychiatrische patiënten die uit de Servische gebieden verdreven zijn. De patiënten dringen om de dozen te mogen dragen. In alle wereldtalen wordt ons gevraagd om sigaretten. Terwijl op de televisie de paus begint aan zijn 'Urbi et Orbi' zingt een bejaarde patiënt luidkeels de 'Internationale'. Ontwaakt verworpenen der aarde. In de hoek hangt nog een portret van Tito, in admiraalsuniform.

Artsen zonder Grenzen heeft een omvangrijk programma voor ambulante geestelijke gezondheidszorg opgezet in Sarajevo. Daartoe hebben veertig lokale psychiaters, psychologen en sociaal werkers een intensieve training gehad in het herkennen en behandelen van het zogenaamde Post Traumatische Stress Disorder: een combinatie van klachten en belevingen die typisch een reactie zijn op traumatische gebeurtenissen. Deze veertig counsellors zijn werkzaam in zes centra en geven kinderen en volwassenen zowel individuele als groepstherapie.

Vanmiddag bezoek ik 'het houten huis', een centrum waarin getraumatiseerde kinderen en hun moeders begeleid worden. Het zijn alle vluchtelingenkinderen van wie de vaders achtergebleven zijn in de hel van Srebrenica en Zepa. De kinderen hebben klachten als slapeloosheid, nachtmerries en problemen met het reguleren van hun agressie. Er wordt gedanst, getekend en gezongen.

's Avonds vertoont TV BIH de uitstekende BBC-documentaire: 'The death of Yugoslavia', beter dan enig drama van Shakespeare.

Dinsdag

Vandaag in de studio geweest van Radio BIH in verband met een uitzending over mentale problemen. Het hoofddoel van het programma is de luisteraars te informeren en gerust te stellen dat hun mentale problemen veelal een normale reactie zijn op abnormale gebeurtenissen, zoals vlucht, vervolging, scheiding van familie en geweld. En dat hun problemen van beperkte duur zullen zijn. Voorts wordt verteld dat ze altijd terecht kunnen in een counselling-centrum en dat niemand zich hoeft te schamen om naar een psychiater te gaan. Veel mensen bellen op tijdens het programma. Een veel voorkomend probleem is de aanpassing van gedemobiliseerde soldaten aan een 'normaal' gezinsleven. De psychiater die geïnterviewd wordt haalt het verhaal aan van Agamemnon die moest kiezen tussen de zorg voor zijn dochter en de plicht om het vaderland te dienen. Als achtergrondmuziek wordt 'All you need is love' van de Beatles gedraaid. In de pauze wordt verteld welke wijk vandaag gas, water en elektra kan verwachten. 's Avonds draait 'Natural born killers' in kino Bosna.

Woensdag 27 december

Vanmorgen met Lucia, onze schoonmaakster, een gesprek gehad over het verschil tussen een Bosnische Katholiek, een Katholieke Bosniër, een Bosnische Kroaat en een Kroatische Bosniër. Deze raciale mathematiek is een zaak van leven en dood. Buiten klinken voortdurend knallen - kinderen met vuurwerk.

Vandaag wat geschreven over de toekomst van ons programma. Er wachten ons twee nieuw uitdagingen. Ten eerste: hoe om te gaan met schendingen van de mensenrechten en ten tweede: in hoeverre moet Artsen zonder Grenzen, nadat de ernstige medische noden verdwenen zijn, een rol blijven spelen bij de wederopbouw en organistie van de medische infrastructuur, met name van de zogenaamde Public Health.

Als ik in de vallende sneeuw naar huis loop komt het elektronisch versterkte stemgeluid van de iman, die vanaf de minaret oproept tot het gebed, maar nauwelijks uit boven het geluid van diverse cirkelzagen die brandhout voor de winter geschikt maken.

's Avonds lees ik van de Joegoslavische (doch inmiddels tot Bosniër dan wel Serviër verklaarde) Nobelprijswinnaar Ivo Andric een brief die hij kreeg van de arts Max Levenfeld. Deze legt daarin uit waarom hij Bosnië voor altijd verlaat. “Jullie zijn er in grote mate aan gewend dat jullie je haat en agressie afreageren op degenen die jullie het meest nabij staan.” Hij besluit: “Bosnië is het land van haat en angst”. Dit schreef hij in 1920.

Vanuit Sarajevo een gelukkig Nieuwjaar aan iedereen toegewenst.

    • Fokko de Vries