Grote kaalslag in Molière's komedie 'De ingebeelde zieke'; Leukdoenerij met overgave

Voorstelling: De ingebeelde zieke door Het Gevolg, vanaf 8 jaar. Tekst naar Molière en regie: Ignace Cornelissen. Spel: Marc Decorte, Steven De Schepper e.a. Gezien: 27/12, De Brakke Grond Amsterdam. Aldaar nog t/m 30/12. Inl 00-3232352117

Drie jaar geleden zette Ignace Cornelissen met zijn theatergroep Het Gevolg William Shakespeare's Wintersprookje en Hendrik de Vijfde voor kinderen op de planken. Het waren verrassende voorstellingen waarin Cornelissen de stukken ontdeed van hun historische 'verpakking', de kern zichtbaar en begrijpelijk maakte en die weer opsierde met eigen commentaar. Het is niet verbazingwekkend dat de eigenzinnige Vlaamse theatermaker nu de stap zet naar die andere theaterreus, Molière.

De aanpak in De ingebeelde zieke is herkenbaar. Er heeft grote kaalslag plaats gevonden - geen kostuums, geen decor - en de zogenaamde zieke en zijn omgeving hebben weliswaar een volwassen verschijningsvorm, maar gedragen zich als kinderen, zeurende, verwende kinderen in dit geval. Vader simuleert hartkloppingen en ademnood als hij niet over iedereen de baas kan spelen, zijn tweede vrouw is alleen maar uit op krijgen en hebben, de dochter heeft woedeaanvallen omdat ze niet mag trouwen met wie ze wil en de door vader aangebrachte kandidaat-echtgenoot verlustigt zich uitsluitend in het chirurgje spelen met een groot slagersmes. Alleen het dienstmeisje laveert glimlachend tussen alle stampvoeterij, gedrens en aanvallen van zuurstoftekort door. Als een geduldige moeder luistert, regelt en sust ze en zorgt dat de sympathiekste partijen uiteindelijk hun zin krijgen, zijzelf incluis, met de heer des huizes in haar armen.

Cornelissen beweegt zijn spelers over de vloer als marionetten door de poppenkast. Ze draven op en af en doen met veel misbaar hun zeurende zegje. De vader strompelt dubbelgeklapt rond als Jan Klaassen in ademnood en de stiefmoeder in knalrood mantelpak met schoothond zou haar echtgenoot zichtbaar het liefst met een deegroller op de kop slaan. Als dochterlief haar zin niet krijgt, ploft ze op haar billen, steekt haar armen in de lucht en krijst. In de jonge dokter schuilt de Dood van Pierlala die zijn patient zonder moeite de kist in krijgt, waarbij hij olijk knipoogt naar de zaal. Iedereen stelt zich dus met overgave aan, niet alleen als personage, maar ook als acteur. Toch wilde het voor mij maar niet echt komisch worden en bespeurde ik naarmate de voorstelling vorderde een groeiende behoefte aan pruiken, enorme gewaden en vergulde zeventiende-eeuwse salons, waarschijnlijk om iets ontbrekends op te vullen. Cornelissen blijft te veel steken in een aaneenrijging van kunstjes en vondsten - zoals die van de drie monitoren boven de vloer, die vader met een knip van zijn vingers bedient om zijn huisgenoten te bespioneren - zonder dat duidelijk wordt wat hij nu eigenlijk wil vertellen. Ontdaan van Molière's venijnige commentaar op de medische stand is het verhaaltje wel erg dun geworden en blijft er weinig anders over dan een uurtje knap leuk doen. En dat doet onrecht aan de mogelijkheden van zowel de Franse grootmeester van de comédie als aan die van het beoogde publiek.