DADEL-PISTACHE-NOTENVULLING VOOR EEN FEESTVOGEL

In de 16de eeuw werden kalkoenen in Europa geïntroduceerd door Spanjaarden die de vogel in Amerika hadden ontdekt. In tegenstelling tot andere nieuwigheden uit dat werelddeel als de tomaat en de aardappel, waar bijna tweehonderd jaar vreemd tegenaan werd gekeken, werd de kalkoen door koks meteen geaccepteerd. In Engeland verdrongen kalkoenen als snel de gans van de feesttafel en in Italië moest de pauw het veld ruimen. (Hoewel de pauw meer geliefd was om zijn prachtige veren dan om zijn smaak). Europese fokkers gingen gaandeweg steeds zwaardere kalkoenen fokken, zo zwaar dat ze niet eens meer konden vliegen. (Wilde kalkoenen kunnen in één uur circa 80 kilometer per uur vliegen als het moet en slapen meestel in bomen.) Emigranten brachten de zwaardere kalkoenen terug naar Noord-Amerika, waar men zich op verdere verbeteringen bezon. In de jaren veertig van deze eeuw wisten Amerikanen nog vleziger kalkoenen te fokken. De Amerikanen fokten ook kalkoenen met een platter borstbeen omdat de oude vogels met bolle borsten niet meer in de kleiner geworden ovens pasten. Tegenwoordig zijn in Noord-Amerika de zogenoemde butterball of self-basting kalkoenen zeer populair. Deze kalkoenen zijn onder het vel met boter geïmpregneerd en zijn kant-en-klaar voor de oven.

Voor een kalkoen van circa 3,5 kg

300 gram gehakte ontpitte dadels 2,5 dl verse kippebouillon, verwarmd 30 gram boter 2 uien, gehakt 150 gram gehakte bleekselderij 350 gram blokjes oudbakken witbrood 150 gram ongezouten, gedopte pistachenoten 4 eetlepels fijngehakte verse peterselie 1 theelepel fijngehakte verse salie 1 theelepel gedroogde marjolein zout en versgemalen peper

Week de dadels 30 minuten in de warme bouillon.

Verhit de boter in een grote koekepan op een middelhoog vuur. Fruit er de uien en bleekselderij 5 minuten in onder regelmatig omscheppen.

Neem de pan van het vuur. Schep er het brood, de noten, peterselie, salie, marjolein, royaal zout en peper en het dadelmengsel door. Laat het mengsel afkoelen.