Bulletje en Bonestaak voor beginners; Een voze vetvlek met moraal

Voorstelling: Bulletje en Bonestaak, door Jeugdtheater Hofplein. Script en regie: Louis Lemaire. Gezien: 26/12 in Hofpleintheater, Rotterdam. Aldaar t/m 18/2.

Hun avonturen stonden in de jaren twintig en dertig in Het Volk en ik ken ze uit de wekelijkse publikatie in de VARA-Gids. Maar hoe is het Bulletje en Bonestaak sindsdien eigenlijk vergaan? In tegenstelling tot generatiegenoten als Dik Trom en Pietje Bell worden ze, voor zo ver ik weet, allang niet meer jaarlijks herdrukt en het zou me verbazen als de kinderen die sinds deze week in het Hofpleintheater in Rotterdam meespelen in de kerstproduktie Bulletje en Bonestaak, al eens van hen hadden gehoord voordat artistiek directeur Louis Lemaire hun namen voor het eerst noemde.

Bulletje en Bonestaak waren niet in de eerste plaats kwajongens met een hart van goud, maar vooral het excuus voor schrijver A.M. de Jong en tekenaar George van Raemdonck om hun fantasie de vrije teugel te laten. Ze beleefden avonturen die niemand kan beleven, want de reizen met het stoomschip Hercules brachten hen in oorden die soms weliswaar bestaande namen hadden, maar als een volstrekte karikatuur werden voorgesteld - zoals het Wilde Westen, waar de cowboys alleen onder de duim te houden waren als de dominee zijn pistolen flink liet knallen. En wat ze zelf niet meemaakten, kregen ze te horen van bootsman Ouwe Hein die er fiks op los kon fantaseren.

Het moet lastig zijn geweest uit dat tamelijk onsamenhangende feuilleton een voorstelling met een kop, een staart en nog iets van een intrige daartussen te maken. Lemaire is daar niettemin aardig in geslaagd. Hij schiep, op basis van een paar bestaande avonturen, een reeks fleurige scènes met levensgrote adelaars, krokodillen en een baviaan-achtige negerstam met kannibalistische neigingen, en gaf het thuisfront - moeders en zusjes - een actieve rol door hen op zoek te laten gaan naar de vermiste jongens. Ook is bewaard gebleven hoe cynisch De Jong af en toe uithaalde naar de beschaafde wereld die de rest van de aardbol als onbeschaafd beschouwde: het verhaal van een krompratende menseneter over de beschaafde medemens die kolonialisme en oorlog brengt, heeft een glasheldere moraal.

Het enige wat in de theaterversie ontbreekt, is de karakteristieke gewoonte van Van Raemdonck om alle tekst van De Jong letterlijk te tekenen. Nu nog herinner ik me hoe Ouwe Hein zei dat verstekelingen aan boord altijd worden gekielhaald, en hoe op het begeleidende plaatje bij Bonestaak de benen door de haaien werden afgekluifd. Hier blijft het bij de dreigende woorden. In de voorstelling die ik zag, werden Bulletje en Bonestaak gespeeld door twee verdienstelijke komediantjes (er zijn twee bezettingen) die met aanstekelijk bravoure hun Jan Klaassen-achtige samenspraakjes en gespierde scheldpartijen (“voze vieze vetvlek!” “rammelend geraamte!”) te berde brachten. Lang niet al hun leeftijdgenootjes in het ensemble hebben al zoveel flair als die twee, maar de grappige effecten en de beeldende taferelen maken veel goed.