Kermend wasgoed

Katja de Bruin (samenst.), Achter Achterwerk. Brieven Foto's Annaleen Louwes. Te bestellen bij: VPRO Publieksservice o.v.v. Achterwerkboek, rekening 444600, Prijs ƒ 27,50.

“Ik ben B⊘p en ik ben geboren in Zweden en mijn vader komt uit Nederland en mijn moeder komt uit Stockholm en ik ben zes jaar en ik heb ook een nieuwe pen gekregen. Mooi hè?” Brieven als deze vormen een verademing in Achter Achterwerk, een keuze uit de inzendingen van 1994 en 1995 naar de brievenrubriek voor kinderen achterop de VPRO-gids. Want wie zei ook weer dat de jeugd de mooiste tijd van een mensenleven is?

Voor een groot deel lijkt de nu twintig jaar bestaande Achterwerkrubriek te functioneren als een variant op de 'Lieve Lita'-problemenrubriek uit dames- en roddelbladen. Maar in Achterwerk zijn de inzenders, zonder inmenging van volwassenen, elkaars raadgever over vaak zeer persoonlijke problemen. Ook onstaan er discussies over flippo's, popmuziek, de (wereld)politiek en het milieu. Zo geven de brieven in Achter Achterwerk een mooi beeld van wat kinderen en jongeren de afgelopen twee jaar bezig hield.

Een echte kinderrubriek is Achterwerk niet. De meeste inzenders zijn boven de twaalf en het gaat dan ook vaak over puberonderwerpen: menstruatie, verliefdheid en het gebruik van soft drugs. Wie de rubriek regelmatig leest weet dat dit telkens weer leidt tot verwijtende brieven van jongere lezers, die meer moppen geplaatst willen zien op 'hun' Achterwerk. Maar de behoefte aan een platform voor pubers blijkt groot. Hun hartekreten zijn vaak schrijnend: “(-) Voordat je gaat slapen, bid je tot God, hoewel je niet in hem gelooft, dat de dag van morgen beter uitpakt”, en “Misschien groeit er nog eens iets moois uit de puinhoop die mijn naam draagt.”

De problemen in de op thema gerangschikte hoofdstukken liegen er niet om. Zo passeert in het eerste hoofdstuk 'Ouders' een bizarre stoet van transseksuele, schizofrene en werkverslaafde opvoeders. Andere ouders drinken en slaan en er zijn natuurlijk ook nog altijd veel ouders die scheiden. Een meisje van 12 schrijft dat haar klasgenoten het maar raar vinden dat zij, kind van een lesbische moeder, haar vader niet kent: “Ik wil graag met kinderen schrijven aan wie je dit niet hoeft uit te leggen omdat zij ook KI-kind zijn.”

Opvallend zijn de harde reacties die vaak op eenvoudiger problemen komen. Het meisje dat graag karnemelk op school wil, wordt uitgemaakt voor een verwend zeurkind en ook 'Rosanne' moet het ontgelden: “Altijd komt mijn vader te laat uit zijn nest. Hij moet de trein van half negen hebben. 'Rosanne, doe je nog even die lichten uit?!' Ik moet dan ja zeggen. Is dat niet kut?” Medeleven blijft uit. Een antwoord luidt: “Vertrek maar naar het koningshuis, dan kan je tenminste op je kontje blijven zitten en hoef je je tere handjes niet vuil te maken aan lichtknopjes.” Ook het meisje van negentien dat dolgelukkig meldt zwanger te zijn krijgt er van langs, omdat zij meent “heus nog 'ns een nachtje lekker bezopen (te) kunnen worden of aan 'de pil' (te) kunnen” na de geboorte.

Samenstelster Katje de Bruin interviewde in Achter Achterwerk twaalf brievenschrijvers over 'die brief van toen'. Helaas is 'toen' nog maar zo kort geleden dat er van een echte terugblik op de eigen inzending nauwelijks sprake kan zijn. Nu zijn de interviews vooral interessant omdat eruit blijkt wat de verkregen reacties waren. Annaleen Louwes maakte foto's van de geïnterviewden die lijden aan een wat al te opgeklopte vrolijkheid. De kinderen springen en juichen, ook als hun verhaal eerder reden geeft tot een meer ingetogen portret.

Een van de leukste onderdelen van dit brievenboek is de strip, een relatief nieuw onderdeel van de Achterwerk-rubriek. Kinderen van uiteenlopende leeftijden verzonnen originele grappen in drie of vier plaatjes, zoals een berg wasgoed die kermend van de misselijkheid door de wasmachine draait om even later keurig opgevouwen in de kast verlicht adem te halen.

Heel af en toe gaat er iets helemaal mis in de communicatie op Achterwerk. “Ik zit met een probleem dat gaat over mijn goudhamsters”, schrijft Wies (12). Begrijpend schrijft iemand anders wel te snappen “dat je geschrokken bent doordat je cavia's hun jonkies hebben opgegeten.”