Duo Karpov en Kamsky maakt slappe ronde goed

AMSTERDAM, 28 DEC. De ervaren schaakliefhebber voelt het vaak al in zijn been als hij de deur uitgaat, hij kijkt omhoog, snuift in de lucht, mompelt zorgelijk dat er remises lijken aan te komen en haast zich naar de toernooizaal in de hoop dat hij zich vergist, maar daar vindt hij de meeste borden al verlaten. Het is alsof de schakers elkaar aansteken; als er aan een bord een snelle remise wordt gemaakt, komen anderen ook al gauw op de gedachte dat er makkelijker manieren zijn om de tijd door te brengen dan het spelen van een schaakpartij.

Zo ging het gisteren in het Koop Tjuchem toernooi in Groningen aan vier van de zes borden. Svidler en Tiviakov waren het eerst klaar en er was bij hen nauwelijks iets gebeurd. Leko en Lautier volgden, hun scherpe Svesnikov-variant had in het begin iets moois doen verwachten, maar het verzandde snel in een eindspel met torens en ongelijke lopers. Van Wely en Piket bleven langer op hun post, twee uur en drie kwartier, en deden in die tijd slechts achttien zetten, die het bord niet deden vibreren. Even later moest Sokolov inzien dat er tegen Adams niets te bereiken viel. De Bosnische kampioen van Nederland heeft een dynamische en attractieve stijl, hij trekt steeds scherp van leer en speelde ook gisteren de partij door tot het eind, maar in dit toernooi maakt hij tegen zijn zin de ene remise na de andere.

Zo waren er na drie uur spelen nog slechts twee schakers die probeerden hun partij te winnen: Anatoli Karpov en Gata Kamsky. Met zijn tweeën maakten ze de slappe ronde goed, want het was werkelijk bewonderenswaardig wat ze lieten zien. De Hongaar Zoltan Almasi deed het tegen Karpovs vaste Caro-Kann verdediging zestien zetten lang net zo als hij het in de vierde ronde had gedaan tegen Adams, die toen onder de voet werd gelopen. Karpov kwam natuurlijk met een verbetering en Almasi zag zich gedwongen om het iets rustiger aan te pakken. Het was werkelijk verbluffend hoe snel hij in die rustige stelling in het nadeel kwam. Het spel van Karpov heeft vaak iets geheimzinnigs. Hij lijkt heel gewone zetten te doen en dan blijkt opeens dat al zijn stukken perfect samenwerken en die van de tegenstander doelloos rondschuifelen. Na 25 kalme zetten waar op het eerste gezicht niets mis mee leek te zijn geweest, stond Almasi al voor een ramp en hij mocht nog blij zijn dat hij kon uitwijken naar een eindspel met een pion minder. Dat was nog erg moeilijk te winnen voor Karpov. Tegen Kamsky had hij ook al een eindspel met een pion meer remise laten worden. Zou het hem nog eens overkomen? Deze keer haalde Karpov secuur de vis op het droge.

Het werkelijk grote bak-en braadwerk viel echter te genieten aan het bord van Kamsky en Hansen. Een partij die eigenlijk pas goed begon na de veertigste zet, toen de meesten allang aan de anijsmelk zaten. Na de opening, Nimzowitsch-variant van het Frans, had Hansen de stelling geheel dichtgeschoven. Dat Kamsky de enige was die pogingen zou kunnen doen om de stelling tot leven te brengen was duidelijk, maar hoe dat precies zou moeten beslist niet. Tientallen zetten lang beperkte Kamsky zich tot manoevres op eigen terrein, tastend zoekend naar de best mogelijke stukkenopstelling voor het moment dat de strijd los zou barsten. Dat moment kwam op de 43ste zet. Eerst de lang uitgestelde pionzet die de wapens op scherp zette. Die was verwacht. Twee zetten later deed Kamsky iets dat niet verwacht was, niet door de toeschouwers en waarschijnlijk ook niet door Hansen. Hij bracht een stukoffer waardoor de stelling in een klap explodeerde. Al die uren van trage manoevres had hij kennelijk zitten loeren op die kans. Opeens raasde er een storm over het bord. Geen kalme strategische overwegingen waren meer geboden, maar haarscherpe concrete berekeningen. In die storm werd Hansen opgepakt, hoog in de lucht geheven en hard op de grond gegooid.

Wit Kamsky-zwart Hansen

1. e2-e4 e7-e6 2. d2-d4 d7-d5 3. Pb1-c3 Lf8-b4 4. e4-e5 c7-c5 5. a2-a3 Lb4xc3+ 6. b2xc3 Dd8-c7 7. Dd1-g4 f7-f5 8. Dg4-h5+ g7-g6 9. Dh5-d1 Lc8-d7 10. Pg1-f3 Ld7-a4 11. Lc1-d2 Pb8-d7 12. Lf1-d3 c5-c4 13. Ld3-e2 h7-h6 14. h2-h4 0-0-0 De kansen zijn afgetekend. Voor zwart zijn de enige pionnendoorbraken b7-b5-b4 en g6-g5, maar die zijn nauwelijks uitvoerbaar. Wit moet het van g2-g4 hebben. Die zet is wel uitvoerbaar, maar voor hij er wat aan heeft moet er nog veel gebeuren: eindeloze verplaatsingen van het materiaal binnen de eigen veste. 15. Dd1-c1 Pd7-b6 16. Th1-h3 La4-e8 17. Ta1-b1 Pb6-a4 18. Ke1-f1 Dc7-g7 19. Pf3-g1 a7-a5 20. Le2-f3 Pg8-e7 21. Pg1-e2 Le8-c6 22. Th3-g3 Td8-g8 23. Kf1-g1 b7-b5 24. Pe2-f4 Dg7-f7 25. Pf4-h3 Df7-f8 26. Lf3-e2 Kc8-d7 27. Tb1-a1 Th8-h7 28. Ld2-f4 Th7-h8 29. Dc1-d2 Th8-h7 30. Ta1-e1 Kd7-c8 31. Dd2-c1 Lc6-d7 32. Lf4-d2 Ld7-c6 33. Kg1-h2 Kc8-d7 34. Te1-h1 Th7-h8 35. Kh2-g1 Th8-h7 36. Ph3-f4 Th7-f7 37. Le2-f3 Tf7-h7 38. Pf4-e2 Tg8-h8 39. Kg1-f1 Th7-f7 40. Tg3-h3 Th8-h7 41. Pe2-f4 Th7-g7 42. Lf3-e2 Tg7-g8 43. g2-g4 Eindelijk is het zo ver, Kamsky gaat tot actie over. 43...g6-g5 44. h4xg5 h6xg5

En nu zal menigeen gedacht hebben dat de strijd na 45. Ph5 kalmpjes voort zou kabbelen, maar nee, er volgt een bomontploffing die tot geweldige verwikkelingen leidt. 45. Pf4xe6 Kd7xe6 46. Th3-h6+ Pe7-g6 47. g4xf5+ Tf7xf5 48. Le2-g4 Ke6-d7 49. Th1-h5 Kd7-c7 50. Lg4xf5 Df7xf5 51. Th5xg5 Df5-e4 52. Dc1-d1 b5-b4 53. a3xb4 a5xb4 54. c3xb4 De4xd4 55. Tg5-g4 Pa4-c3 56. Tg4xd4 Pc3xd1 57. b4-b5 Lc6xb5 58. Ld2-a5+ Kc7-b7 59. Td4xd5 Lb5-a6 60. Td5-d7+ Kb7-b8 61. Td7-d6 Zwart gaf op.

    • Hans Ree