E.M.J. SASSEN 1911-1995; Brilliant young man

E. ('Maan') Sassen, kort voor Kerstmis overleden, trad in 1948 toe tot het eerste kabinet-Drees als minister van overzeese gebiedsdelen. Hij was de derde na-oorlogse bewindsman op dit departement. Van 'links naar rechts' traden achtereenvolgens als zodanig op: Logemann, Jonkmann en Sassen. De benoeming van Sassen was een van de offers die de Partij van de Arbeid moest brengen na de gevoelige verkiezingsnederlaag van die partij; tevens werd ze beschouwd als een compensatie voor het optreden van Drees als minister-president, dat na die uitslag zeker niet vanzelfsprekend was.

Sassen kwam tijdens de bezetting als jong advocaat terecht in het gijzelaarskamp Beekvliet. Daar ontpopte hij zich, gelijk zovelen van zijn generatiegenoten, als voorstander van vernieuwing van het staatkundig bestel. Toch trad hij na de oorlog toe tot de herboren Katholieke Volkspartij, zij het na aarzeling. Meteen in 1946 kwam hij als veelbelovende jongere in de Tweede Kamer, twee jaar later zat hij in de regering.

Toen het kabinet aantrad bevond de Indische kwestie zich in een cruciaal stadium. De internationale wereld was zich ermee gaan bemoeien en de VN-Veiligheidsraad had een commissie van goede diensten ingesteld. Na twee militaire acties van Nederlandse zijde en een verharding van de kant van de Indonesische Republiek was het onderhandelingsklimaat volledig verziekt. De pas aangetreden minister van overzeese gebiedsdelen wilde toen op eigen houtje een oplossing forceren. Hij kwam buiten zijn collega's om via het weekblad De Linie met een alternatief: een volledig op ordeherstel gerichte politiek, of het volledig loslaten van Indonesië door Nederland. Dit hoge spel werd door het kabinet niet meegespeeld: Sassen kwam ten val, niet door een votum van de Tweede Kamer, maar doordat hij alleen stond in de ministerraad.

Een zware politieke nederlaag ongetwijfeld, maar Sassens politieke rol was niet uitgespeeld. Hij kwam in de Eerste Kamer en werd daar fractieleider. In 1952 begon via het lidmaatschap van de gemeenschappelijke vergadering van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal, de voorloper van het Europese Parlement, zijn carrière in Europa. Als voorzitter van de christen-democratische fractie in die parlementaire vergadering kreeg hij al gauw een groot gezag in die kring van wat toen nog was het 'Europa van de Zes'. In 1956 na de totstandkoming van de Europese Gemeenschappen kreeg hij een plaats in het uitvoerend orgaan van Euratom en na de fusie van de drie gemeenschappen in de Europese Commissie.

Hij eindigde zijn loopbaan in Nederlandse diplomatieke dienst als permanent vertegenwoordiger bij de Europese Gemeenschap. Sassen was een schilderachtige figuur in de Nederlandse en in de Europese politiek. Zijn collega's zeiden: “Maan loopt niet, Maan schrijdt.” Met zijn paternalisme had hij iets van de komediant over zich, maar in het algemeen namen zij hem wel serieus. Met hem is een van de laatste 'brilliant young men' van kort na de oorlog heengegaan.