BTW op bloemen 'niet snel omhoog'

LEIDEN, 27 DEC. Het zal nog zeker anderhalf tot twee jaar duren voordat de BTW op sierteeltgewassen (bloemen, planten, bomen en bollen) omhoog gaat, als dat al gebeurt. Dat stelt ing. R. Tans van de Vereniging van Bloemenveilingen in Nederland (VBN) naar aanleiding van de procedure die België heeft aangespannen bij het Europese Hof van Justitie in Luxemburg.

België, dat zelf het hoge BTW-tarief voor bloemen hanteert, wil dat de andere lidstaten dat ook doen. Naast Nederland hanteren ook Duitsland, Frankrijk, Spanje, Luxemburg, Oostenrijk en Griekenland het lage BTW-tarief. België wil dat niet, op grond van budgettaire overwegingen. Overstappen op het lage tarief kost de Brusselse schatkist naar eigen schatting 200 miljoen gulden, de VBN houdt het op ongeveer 100 miljoen.

Vorige week stelde de Europese Commissie dat België strikt formeel gelijk heeft in de eis dat alle lidstaten het hoge BTW-tarief moeten hanteren. Sinds de eenwording in '93 had dat al het geval moeten zijn, maar met name Nederland en Duitsland kregen de mogelijkheid nog twee jaar het lage tarief in stand te houden. Hoewel de Commissie België gelijk geeft met de stelling dat per 1 januari van dit jaar in de gehele Unie het hoge tarief had moeten gelden, handhaaft zij het voorstel dat lidstaten vrijlaat het hoge danwel het lage tarief te hanteren. “Dat is een vrij absurde situatie”, zegt Tans, “maar formeel kan de Commissie niet anders. Het voorstel had door de Raad al omgezet moeten worden in een besluit, maar daarbij ligt alleen België dwars. En voor zo'n besluit is unanimiteit vereist.”

De Europese Commissie stelde een jaar geleden voor de lidstaten van de Unie voorlopig niet het hoogste BTW-tarief op te leggen voor sierteeltgewassen, nadat het commissariaat voor belasting- en douanezaken daarover in Straatsburg een akkoord had bereikt.

Voor met name Nederland, Duitsland en Luxemburg - waar tot nu toe BTW-percentages van respectievelijk zes, zeven en drie worden gehanteerd - betekende het voorstel, dat minimaal 8.000 werknemers in de sector zeker zouden kunnen blijven van hun baan. Die banen stonden op het spel zolang de Commissie dreigde voor te stellen dat alle landen het hoogste tarief zouden moeten hanteren. Ook andere lidstaten besloten daarna over te gaan op het lage BTW-tarief. Frankrijk had zich dat al eerder voorgenomen en ging terug van 18,6 procent naar 5,5 procent, nadat de Commissie daartoe de mogelijkheid had geboden. De Fransen gingen in 1991 over tot het hoge tarief, maar dat heeft zeer veel schade berokkend bij de producenten. Het betekende alleen al voor de Nederlandse export een verlies van zeventien procent.

Als de Commissie vorig jaar zou hebben besloten de verhoging van de BTW in de gehele Unie door te voeren, zou dat in Duitsland en Nederland hebben geleid tot een inkomensderving van 47 procent bij telers van deze gewassen. De BTW-stijging zou de eerste vijf jaar een verlies opleveren aan handels- en produktiewaarde van circa vijf miljard gulden, zo is berekend in het onderzoek 'BTW-tarief voor sierteeltprodukten' van het Landbouw-Economisch Instituut en het accountantsbureau Moret Ernst & Young.

Voor de consument betekent een verhoging van de BTW op sierteeltgewassen dat hij ongeveer tien procent meer zou moeten betalen voor bloemen, planten, bollen en bomen, waardoor de sector te maken zou krijgen met een fors lagere omzet. Juist in Nederland en Duitsland zou een hoog BTW-tarief zo hard aankomen, omdat in beide landen èn het lage tarief geldt èn omdat beide landen de belangrijkste afzetmarkt vormen voor sierteeltgewassen. Als op die markten de vraag daalt, ontstaat een enorm overschot. In handel en produktie van sierteeltprodukten gaat nu in de hele EU ruim 25 miljard gulden per jaar om.