Toorop: de idee met een plaatje

Tentoonstelling: Jan Toorop. Sporen van een leven. T/m 7 jan. Slot Zeist, Zinzendorflaan 1, Zeist. Di t/m vr 11-17u, za-zo 13-17u. Gesloten Eerste Kerstdag, Oude- en Nieuwjaarsdag. Litho's van Toorop. T/m 4 maart. Stedelijke Musea, Oosthaven 9, Gouda. Ma t/m za 10-17u, zo 12-17u.

Weg met het gekriebel en gekras, vort met die vermaledijde arceringen die je onkunde als tekenaar maar verdoezelen. Tekenen is als schrijven. Jan Toorop (1858-1928) deed het aan zijn leerlinge Mies Drabbe voor: met één kloeke beweging, zonder z'n hand van het papier te halen, zette hij een voorstelling op papier. Zo ving je 'de psychische krachten van de geest', dromen en ideeën, in voorstellingen, in symbolen die het aardse leven overstegen. Aan schilderijen waagde Toorop - Nederlands bekendste symbolistische kunstenaar - zich zelden. De tekenlijn was zijn loflied, het potlood of de grafietpen zijn instrument.

Het gros van de kunstwerken die nu te zien zijn op een tentoonstelling over Toorop in Zeist bestaat uit tekeningen en etsen. Duingezichten, landschappen, portretten van zijn dochtertje Charley, zijn vrouw Annie Hall en vriendin Ans Smulders, religieuze voorstellingen en mystieke droombeelden. Als uitgewerkte tekening en onaffe, razendsnel gemaakte schets hangen ze in vier zaaltjes bijeen. De tentoonstelling belooft een overzicht te geven van hetgeen Toorop in zijn leven heeft gemaakt. Maar deze titel dekt de lading niet, helemaal niet zelfs.

Alleen het late werk - met name vanaf het moment dat hij zich in 1905 tot het katholicisme bekeerde - hangt hier (en overigens ook in Gouda) ten toon. De 'rusteloos moderne' Toorop, zoals zijn vriend Jan Veth hem noemde, is in Zeist en Gouda niet te vinden. Geen Toorop dus, die vanaf het moment dat hij de Rijksacademie in Amsterdam in 1882 verliet experimenteerde met het impressionisme, het pointillisme van Seurat en het fauvisme van Matisse. Geen Toorop ook die slaolie-affiches en boekomslagen ontwierp en glas-in-loodramen maakte; die zich in 1884 aansloot bij de Belgische avant-garde groep 'Les Vingt' en in 1892 bij de Theosofische Vereeniging van Madame Blavatsky.

De tentoonstelling in Zeist is samengesteld met tekeningen, prenten, foto's en brieven uit particulier bezit. Daarom ontbreekt zijn beroemdste werk, de Drie Bruiden (1883) en het half-abstract, half-symbolistische Lijnenspel. Opkomst met tegenwerking der moderne kunst (1893). Deze symbolistische krijttekeningen - de hoogtepunten uit Toorops symbolistische periode -zijn al lang in museaal bezit.

In Zeist experimenteert en zoekt Toorop niet meer, maar heeft zijn plaats gevonden binnen een symbolisme dat sterk leunt op de katholieke mystiek. De sprong naar de zuivere abstractie, zoals Mondriaan deed, heeft Toorop nooit willen nemen. Het probleem voor hem lag immers juist in de veréniging van droom en werkelijkheid, van lichaam en geest, van het bovenaardse en het ondermaanse. Niet in de keuze voor één van de twee. De Idee gecombineerd met een plaatje, bleef zijn devies. Daar klampte hij zich aan vast, steeds verkrampter helaas, naarmate hij ouder werd.

Kijk maar eens naar zijn grootste en imposantste tekening op de tentoonstelling in Zeist. Dit werk, getiteld de Adoratie Brugge of De Goddelijke Liefdegang, dateert uit 1914 en combineert een aantal episodes uit het Passieverhaal. De contouren en silhouetten zijn nog even zwaar aangezet als op het symbolistische werk van voor de eeuwwisseling. Maar de krioelende 'zweepslaglijnen' van toen zijn verdwenen. In plaats daarvan zie je hoekige en 'droge' lijnen, figuren en gebouwen die eenvormig langgerekt zijn, als vingers van God die naar de hemel wijzen. Toorop zocht en vond de middeleeuwse kathedraal - met zijn zwevende ribben, steunberen en pilaren - op die brug boven het water, maar ook in een processie, en in het gezicht van een voorbijgangster op straat. Hij verfijnde en stileerde tot zijn bouwwerk van godsliefde er stond, maar de onderdelen ontglipten hem. Ze werden kil en afstandelijk, ongenaakbaar.

Veel liever zijn mij daarom zijn schetsen van luierende nettenboetsters aan het strand, van een picknick op de dijk, een haastige voorbijganger op straat, een boer met zijn koe op een landweg, de zomerzon in oranje potloodstreepjes dansend over hun vel. Hier worden helemaal geen hooggestemde ideeën of 'rijk brandende' gevoelskwesties aangesneden. Het zijn details uit het dagelijks leven, die Toorop virtuoos trof in hun vliegende vaart. Dat hij dat niet op de vernieuwende manier deed die men in de eeuw daarvoor van hem gewend was, ach dat zij hem vergeven.