Poolse premier Oleksy wordt niet vervolgd

WARSCHAU, 23 DEC. Tegen de Poolse premier, Józef Oleksy, wordt geen onderzoek ingesteld op grond van de beschuldiging, als zou hij voor Rusland hebben gespioneerd. Het beschikbare bewijsmateriaal is te mager om zo'n onderzoek te rechtvaardigen.

Tot die conclusie kwam gisteren de militaire aanklager na bestudering van het bewijsmateriaal dat door president Lech Walesa was overhandigd. Daarmee loopt, althans voorlopig, de grootste politieke rel in Polen in jaren met een sisser af.

Walesa, die vandaag als president wordt opgevolgd door Aleksander Kwasniewski, had eerder deze week bewijsmateriaal - documenten, video- en geluidsbanden - overlegd die zouden aantonen dat de ex-communist Oleksy vanaf 1983 voor de KGB heeft gewerkt. Minister van binnenlandse zaken Milczanowski, een van Walesa' drie vertrouwelingen in de Poolse regering, eiste een onderzoek. Oleksy van zijn kant sprak van een 'smerige provocatie' waarmee Walesa zich op de valreep wilde wreken voor zijn nederlaag tegen de ex-communist Kwasniewski bij de presidentsverkiezingen.

De militaire aanklager kwam gisteren tot de conclusie dat het bewijsmateriaal onvoldoende is voor een onderzoek. Hij droeg het ministerie van binnenlandse zaken op het bewijsmateriaal zo mogelijk aan te vullen.

Het Polse parlement stemde gisteren vrijwel unaniem - met 350 stemmen voor, geen tegen en twee onthoudingen - voor de vorming van een commissie die de aantijgingen tegen Oleksy moet onderzoeken. De commissie bestaat uit twaalf Sejm-leden, afkomstig uit alle partijen. Algemeen wordt aangenomen dat de commissie niet alleen Oleksy's gedrag onderzoekt, maar ook dat van het ministerie van binnenlandse zaken en de geheime diensten, die Oleksy hebben afgeluisterd en gefilmd.

Het ministerie van justitie heeft gisteren geweigerd de parlementaire imnmuniteit van de nieuwe president Kwasniewski op te heffen. Dat was geëist door Walesa's aanhang, die vervolging van Kwasniewski eist wegens diens leugen over de financiële positie van zijn vrouw. (Reuter, AFP)