Kwesties

TON VAN DIJK: Hier gebeurt nooit iets

222 blz., Nijgh & Van Ditmar 1995, ƒ34,90

Wat hebben een lijk dat maandenlang stinkend in een kruipruimte ligt, een politieman die een gewezen vriend doodschiet, een dodelijk gevaarlijke dochter en een erudiete boekverkoper met elkaar gemeen? Niets, behalve dat zij de aandacht van Ton van Dijk hebben getrokken.

Van Dijk schreef voor HP/De Tijd en was hoofdredacteur van Nieuwe Revu en Panorama. Nu geeft hij onderrricht in journalistiek en bedrijft hij zijn vak als free-lancer vanuit een boerenwoning in Friesland. Hij tikt zijn stukjes, zo laat hij de lezer van het onlangs verschenen Er gebeurt nooit iets weten, uitkijkend op de kerktorens van Minnertsga en Slappeterp.

Van Dijk heeft in dit boek enkele journalistieke reconstructies gebundeld. Hij beschrijft zelf hoe hij daarbij te werk gaat. Hij bezoekt de plek des onheils, loopt de route die de daders hebben afgelegd en melkt buren en familieleden uit, enz. Dat werk heeft in ieder geval acht intrigerende verhalen opgeleverd. De grotere of kleinere tragedies in Hier gebeurt nooit iets spelen zich zonder uitzondering af in een omgeving die even weinig enerverend lijkt als de verstilde weilanden die de auteur beziet vanuit zijn werkkamer in Friesland. Zo woonde en werkte de slager die bijna door een Turkse huurmoordenaar werd doodgeschoten in De Langstraat, “die nooit langer is geworden, ondanks de Hema en andere moderne neringen die er nu ook gevestigd zijn.” En het verhaal over de man die door zijn zoons en echtgenote wordt vermoord, begint in 'het prullenstraatje', waar volgens Van Dijk van alles door elkaar woonde, arbeiders, kampers “en zo nu en dan een los-werkman”.

Naast het alledaagse staat het trieste bij Van Dijk op de voorgrond. Zoals in het verhaal over Ger van Keulen wiens vrouw Sandra door 'een yuppie' in een witte Opel Vectra werd geschept. Nauwgezet volgt Van Dijk de auto van Tim R. . Onafwendbaar zal deze auto het pad van Sandra kruisen. De mooiste verhalen gaan over mensen die 'bezeten' zijn, zoals in 'Pool shark in de Pijp'. Daarin beschrijft Van Dijk op een bijna filmische manier ene Eddie die meester is in 'pool', een soort biljarten: “Eddie runde de ballen over het laken alsof hij rails had gelegd”. Ook in 'De bizarre boekencollectie van een bibliomaan' figureert een 'bezetene', namelijk 'boekengek' Michaël Zeeman, de huidige chef kunst van de Volkskrant en presentator van het VPRO-boekenprogramma op de televisie.

Van Dijk beschrijft Zeemans carrière van zaterdaghulpje tot chef-boekverkoper in boekhandel De Tille in Leeuwarden. Een loopbaan die op 29 oktober 1986 abrupt wordt afgebroken door twee agenten van de gemeentepolitie die Zeeman arresteren op verdenking van verduistering van boeken. De verdenking kan echter niet worden gestaafd met bewijzen en Zeeman wordt niet vervolgd. “Leeuwarden wordt te klein voor Michaël Zeeman, hij zet een tandje bij in een sprint naar het erepodium van cultureel Nederland”, schrijft Van Dijk. In 1987 komt Zeeman bij de Rotterdamse Kunststichting te werken en in 1991 belandt hij op zijn tegenwoordige positie.

Bekenden uit de boekenwereld als zijn voormalig echtgenote Eva Cossée, Martin Ros, Jessica Durlacher en Joost Zwagerman passeren de revue in deze reconstructie van een affaire, die eerder in het blad Esquire was te lezen. Van Dijk heeft - zoals hij dat in al zijn verhalen doet - vele bronnen aan weten te boren. Daarnaast laat hij echter ook 'boze tongen' beweringen doen en naamloze 'boze ex-medewerkers' aan het woord. Bij zijn weergave van 'de twee lezingen' inzake Zeeman - was het diefstal of een uit de hand gelopen betaling in natura? - heeft Van Dijk duidelijk voor de eerste versie gekozen. Of hij daarmee de waarheid geweld heeft aangedaan, zal de lezer nooit te weten komen, maar dat geldt natuurlijk voor alle acht verhalen.

    • Hans Moll