Column

Dom boos

In de donkere dagen rond kerst probeer ik mijn oudejaarsconférence uit in de Amsterdamse Kleine Komedie en ik doe dat twee keer op een avond. Afgelopen donderdag gebeurde er bij de tweede voorstelling iets verschrikkelijks. Op de eerste rij zaten twee echtparen, ik gok midden dertig. Het ene schatte ik in op ouwe kakkers en het andere op goede middenstand of nog erger: middenkader bij een hele degelijke verzekeringsmaatschappij. Ze waren duidelijk met zijn vieren uit. De mannen en dus ook de vrouwen zaten naast elkaar. Gezellig. Lekker bijpraten.

Een van de onderwerpen van mijn oudejaarspraatje is dat als het te moeilijk wordt, men naar een pretnet zapt. Je levert een doorlopend gevecht tegen de afstandsbediening. Tien minuten later komt het enige moment dat ik de zaal wil laten huiveren (ik verraad niks!), ik wil dat heel politiek Den Haag en daarmee een heel volk, inclusief mijzelf, zich schaamt. Dieper dan diep. Tot nu toe lukt het mij dit te spelen in een doodse, bijna magische stilte. Alleen donderdag ging het mis. Op dat zojuist genoemde moment doet de bekakte dame haar tas open, haalt er een truttig potje uit en gaat uitgebreid haar lippen invetten (ik hou me in), dan gaat het potje terug in haar tuttige tasje, ze rommelt nog wat in haar buideltje (ik hou me nog steeds in), buigt zich over haar buurvrouw richting haar echtgenoot en begint tegen hem te kakelen! Waarover? Waarschijnlijk over dropjes of over het gas dat wel of niet uitgedraaid is of over de vuilniszak die nog buiten moet of.........

In elk geval schiet het mij zo in het verkeerde keelgat en bij mij breken alle dijken. Ik stop de voorstelling, loop naar de rand van het podium, buig me naar het gansje en schreeuw: 'Trut!!!' Dit kwam niet uit de grond van mijn hart, niet uit mijn tenen, maar vanuit het eelt onder mijn voeten en van dieper kan ik het niet halen.

Daarna volgde de meest verbitterde scheldkannonade uit mijn hele carrière, geen spatje humor, geen druppeltje vermaak en door de zaal ging een terechte siddering. De onderwijzer was boos, dreigde met nablijven, strafwerk of zelfs schorsing. De komiek had zijn grapjas uitgetrokken en spoog het gal van al zijn desillusies in het gezicht van de domme dame. Zij dook weg in haar stoel, was het liefst door de grond gezakt en via het buizenstelsel van de Amsterdamse riolering weggevlucht. Dan had men ergens in de buurt van Artis midden op de weg een putdeksel zien bewegen en was daar even later een verwilderde, schichtige dame met tuttig tasje uitgekropen.

Mijn minachting was zo groot dat ik mij moest inhouden om haar niet vanaf het podium in haar keurige hockey-gezichtje te spugen. Het is wederzijdse minachting. Want wie haalt het nou in zijn botte kwabben om op het moment dat het echt ergens over gaat, lekker met je man te gaan lullen en dan nog wel hangend over je buurvrouw?

Zelden heb ik me zo kwaad gemaakt. Normaal los ik dit soort zaken altijd dollend met de zaal op en wordt er juist vaak erg hard gelachen om zo'n incident. Ik hou te veel van mensen om ze echt te kwetsen, maar donderdag sloegen bij mij alle stoppen door. En volkomen terecht. Wat een trut.

De voorstelling kwam niet meer goed. Er is nog wel gelachen, maar 500 mensen zagen een teleurgestelde man zijn best doen om er nog een leuke avond van te maken en eerlijk gezegd lukte mij dat niet helemaal. Eén ding weet ik wel: 499 mensen, inclusief de man van die mevrouw, waren het hartgrondig met mij eens. Wel heb ik nog lang nagedacht over het huwelijk van die mevrouw. Zou ik, door wie dan ook, mijn vrouw in een volle zaal laten uitschelden voor 'ongelofelijke trut'? Ik denk het niet. Deze man liet het begaan en ik denk dat hij later in de auto tegen zijn eigen dombootje heeft gezegd:'Nou hoor je het ook eens van een ander' en 's avonds heeft hij waarschijnlijk in de Gouden Gids gezocht onder het rijtje 'advocaten'. Dit was de druppel om de scheiding definitief door te zetten.

Of ik spijt heb? Ja. Ik was natuurlijk heel dom boos. Hoe kan je nou een avond van vijfhonderd mensen zachtjes om zeep helpen omdat er één trut op het meest verkeerde moment doorheen zit te kakelen? Dat is waar. En dat spijt me. Ik ben ook maar een mens. Maar een ding staat vast: het blijft een peilloze trut en ik weet zeker dat zij nooit meer een voorstelling van mij zal bijwonen. En dat lucht enorm op. Haar man wel. Die komt volgend jaar met zijn nieuwe vriendin. Ik wens hem sterkte met Kerstmis!