'Democratie kan zich niet hechten aan de wereldmarkt'

Wat de Verenigde Naties niet lukt, daar slagen Sony, Disney, Coca-Cola en NBC wèl in: de wereld tot een geheel maken. Maar, stelt politicoloog Benjamin Barber in een interview met Warna Oosterbaan, met democratie heeft die onwikkeling niets te maken.

Benjamin R. Barber (1939) is hoogleraar politieke wetenschappen aan Rutgers University in New Brunswick, een stadje ten zuiden van New York. Barber is een progressieve democraat, en een van de adviseurs van president Clinton. In 1984 schreef hij Strong Democracy (University of Columbia Press), een pleidooi voor lokale democratie. Deze herfst verscheen van hem Jihad vs McWorld (Times Books). In dit boek gaat Barber in op twee tendensen die volgens hem het democratisch gehalte van moderne samenlevingen bedreigen. Aan de ene kant leiden nationalisme en religieus fundamentalisme ('Jihad') ertoe dat de wereld in stukjes uit elkaar valt, aan de andere kant tast de internationalisering van handel en industrie ('McWorld') de macht van nationale overheden aan.

Wat is er zo bedreigend aan McWorld?

“Mij verontrust het meest dat bijna niemand McWorld als een bedreiging ziet. Integendeel; men neemt aan dat als je markten hebt, dan heb je automatisch democratie. Minimaal is er een spanning tussen markten en democratie, en maximaal een tegenstelling.

“Het is het verborgen karakter van die spanning die haar zo gevaarlijk maakt. Verborgen despotisme is altijd gevaarlijker dan openlijk despotisme. De mensen leven onder het zachte despotisme van de markt, het vriendelijke despotisme van het winkelcentrum, en ze denken: dat is ok, dat is vrijheid. 'Ik ben vrij want ik kan een Cadillac kopen, een Saab, een Peugeot, of een Chevrolet.' Maar als je van hier naar Princeton wilt met de bus, dan kan dat niet. Dat is een probleem, vooral voor de armere mensen. Dit is het land van de vrije keus, maar al een hele tijd gelden is de keuze voor openbaar vervoer heel veel Amerikanen ontnomen.”

Maar McWorld maakt dat je hier in New York een tentoonstelling van Mondriaan kunt zien, en dat we uw boek in Amsterdam kunnen kopen.

“Dat is waar, ik krijg een gratis ritje op de rug van een systeem dat ik kritiseer. Maar ik ben ook geen criticus van de markt onder alle omstandigheden. Het mislukte experiment in de Sovjet Unie heeft wel bewezen dat door de staat geleide bevelseconomieën niet produktief, niet efficiënt en behoorlijk tiranniek zijn. Als een manier van economische organisatie, produktie en - gedeeltelijk - distributie is kapitalisme zo gek nog niet. Het probleem ontstaat wanneer we denken dat het ook de manier is om al onze sociale problemen op te lossen. Ik ben geen criticus van het kapitalisme, maar wel van de stelling dat kapitalisme en democratie hetzelfde zijn.”

Wat maakt kapitalisme en de Amerikaanse manier van leven zo onweerstaanbaar?

“Als je praat met Michael Eisner, de president-directeur van Disney en je legt hem de these van mijn boek uit, dan zal hij zeggen: 'Die Barber is gewoon een snobistische intellectueel. Wij manipuleren niet, we geven het publiek wat het wil. De strijd van Barber is niet met ons, maar met de smaak van het publiek.' Maar het is niet waar dat de markt alleen maar tegemoetkomt aan de smaak en voorkeuren die buiten de markt tot stand zijn gekomen. Dat is natuurlijk nonsens. De markt zelf helpt de smaak vormen. Als dat niet zo was zou er niet elk jaar miljarden dollars aan reclame worden besteed.

“Mensen zijn ambivalente wezens. Ze willen meestal datgene wat simpel, snel en gemakkelijk is. Maar dezelfde mensen zullen ook zeggen: 'Ik weet dat het niet goed voor me is. Wat goed voor me is, is complex, langzaam en moeilijk. Maar ik heb hulp nodig. Geef me een opvoeder, een geestelijke, een staatsman, een leider.

“McWorld speelt in op de menselijk zwakheid. En we hebben sociale instellingen nodig - kerken, scholen, regeringen of zelfs bedrijven - om ons te helpen. Een doctorsgraad behalen is zwaar, je moet ervoor werken. Het is veel gemakkelijker om van school weg te blijven en drugs te verkopen. Het is gemakkelijker, maar daarom nog niet goed! De mensen die zeggen: 'Het is dat mensen stompzinnige Amerikaanse films kopen', zeggen niet: 'Het is okee dat ze drugs gebruiken'. Zij trekken de lijn dáár, ik trek hem eerder.

Wat is er gebeurd met die sociale instellingen die ons moeten helpen?

“Een paar dingen. Belangrijk is de parodie van sociale instellingen die het communisme was. Het communisme dreef tot in het extreme een paar goede dingen door, en bracht ze zo in diskrediet. Als ik nu in Budapest of in Praag een lezing geef en spreek over burgerschap dan roepen ze 'communistische propaganda!' Nee, zeg ik dan, er is ook heilzame burgerlijke opvoeding. Zij zien dat niet zo, voor hun is dat hetzelfde.

“Verder geldt voor Amerika dat er altijd een liberale, anarchistische tendens is geweest. Amerikanen waren vanaf het begin geen federalisten en eigenlijk anti-overheid. Maar nu zijn er politici die op die gevoelens inspelen en ze voeden. Traditioneel werkten politici en opvoeders tegen die tendens. Om er zeker van te zijn dat je regering niet te tiranniek wordt, zeiden ze, moet je je met de democratie bezighouden, en moet je instellingen hebben die verantwoordelijk zijn. Samen kunnen we dingen doen die we niet alleen kunnen.

“Als we gaan denken dat de private sector alle problemen kan oplossen en dat de publieke sector alleen maar een inbreuk is op onze vrijheid, dan zijn we niet alleen onze bondgenoot kwijt, maar dan sluiten we ook een bondgenootschap met dezelfde krachten die waarschijnlijk onze vrijheid vernietigen: de grote bedrijven. Die zijn alleen maar in winst geïnteresseerd. Dat is niet erg, maar als we het winstoogmerk tot de drijvende kracht maken van alles wat we in onze samenleving doen, dan hebben we een ernstig probleem.

“Bovendien verloopt het vermogen van een volk om altruïstisch en behulpzaam te zijn in cirkels. De Amerikanen zijn een beetje moe van positieve discriminatie, van armoedeprogramma's, van de bijstand. En inplaats dat de politieke partijen zeggen: dat is verkeerd, dat is een vergissing, als je met je sociale politiek ophoudt, krijg je later zelf de kous op de kop, worden ze in zekere zin aangemoedigd te denken dat ze zich kunnen onttrekken aan sociale problemen, dat ze zich kunnen terugtrekken in hun suburbs en hun overdekte winkelcentra, hun particuliere scholen en private vuilnisdiensten. De wereld wordt steeds tweepoliger: big government en big business en niets daartussen.”

Hoe kun je die civil society dichterbij brengen?

“In mijn boek verdedig ik de stelling dat je die sector tussen big government en big business opnieuw moet opbouwen. Je hebt daar de vrije pers, kerken, opleidingen, vakbonden, milieugroepen, en andere organisaties waar burgers samenwerken. Dat is op zichzelf niet genoeg, want er zijn heel wat problemen die niet op lokaal niveau opgelost kunnen worden. Maar je kunt op die manier aan de mensen laten zien dat samenwerking belangrijk is, dat de overheid belangrijk is, dat sociale actie er toe doet. Misschien dat ze zo inzien dat ze op sommige terreinen de federale regering nodig hebben, als een bondgenoot.”

Maar waar begin je? Bij gezinnen? Sportclubs?

“Je begint op veel plaatsen, niet op één. Maar de belangrijkste plaats is de school. Scholen zijn in de unieke positie dat ze jonge mensen kunnen opleiden in burgerschap, verantwoordelijkheid, macht - vooral in een samenleving waarin zo veel instellingen falen. De kerken, de gezinnen, de scholen zijn de laatste instellingen die overblijven. Een krachtig opleidingssysteem, geld voor scholen, geld voor onderwijzers, is uiterst belangrijk. Maar we gaan nu juist de andere kant op. We zijn op de scholen aan het bezuinigen, we privatiseren, precies op het moment dat we meer dan ooit openbare scholen nodig hebben.”

Bill Gates zegt dat de elektronische snelweg de leerlingen daarbij te hulp komt, want dan is straks alle kennis voor iedereen beschikbaar die een computer heeft.

“Dat is flauwekul. Om twee redenen. Inderdaad, je hebt niet zoveel geld meer nodig om een computer te gebruiken. Maar het kost geld en vele jaren van scholing voordat je de vaardigheid hebt om een computer voor iets anders dan spelletjes te gebruiken. De computer versterkt dus alleen maar de kloof tussen de rijken en de armen. Daar komt bij dat computers instrumenten zijn. Ze zijn alleen maar zo goed als de mensen die ze hebben geprogrammeerd. Neem het Internet, dat kan een rol spelen. Maar als de samenleving vulgair is en consumentistisch, dan is het net dat ook. Het net maakt de mensen niet, de mensen maken de technologie.”

Is het fundamentalisme - 'Jihad' in uw boek - een sterke kracht in de Verenigde Staten?

“Ja. We zien dat bij de aanslag in Oklahoma, we zien het bij de Unabomber, en we zien het bij de religieuze fundamentalisten. Ik ben daar niet alleen maar kritisch over: mensen die een heilige oorlog tegen McWorld voeren, begrijpen dat het McWorld ontbreekt aan waarden, en daar hebben ze gelijk in! Fundamentalistische christenen zijn vol afschuw over de vorm die Kerstmis heeft aangenomen. Het is een commercieel feest dat begint in oktober en eindigt in januari, waarin religie totaal vergeten is.

“Hun vergissing is dat ze denken McWorld te kunnen bestrijden met hun huidige methoden. Je moet je eerst afvragen waaróm McWorld zo succesvol is, en dat doen ze niet. Ze zijn paranoïde, ze denken dat het een samenzwering is, ze denken dat kapitalisten vreselijke mensen zijn. Maar kapitalisten zijn geen samenzweerders, het zijn geen vreselijke mensen. Het is het systeem dat tot verkeerde effecten leidt.”

“Jihad is afhankelijk van McWorld, dat is de eigenaardige paradox. De Unabomber is een Luddiet, hij haat technologie. Maar voor zijn aanslagen gebruikt hij de technologie van McWorld, en hetzelfde geldt voor de aanslag in Oklahoma City. Die Michigan Militia hebben hun eigen pagina's op het Internet, ze gebruiken de technologie waar ze tegen zijn! Dus zonder McWorld is er geen Jihad. Ze versterken elkaar. En McWorld is ook gefascineerd door Jihad, de films gaan er tegenwoordig allemaal over: strijd, schieten, vechten. McWorld en Jihad hebben dit gemeen: anarchie, gebrek aan democratie, gebrek aan burgerschap.”

U schrijft dat de natiestaat het slachtoffer zal zijn van de strijd tussen Jihad en McWorld. Maar is dat zo erg? Is de natiestaat niet een ouderwets concept?

“Misschien. Maar God, religie, vrijheid en rechtvaardigheid zijn ook ouderwetse concepten. Het bijzondere probleem is dat de natiestaat de afgelopen driehonderd jaar de arena is geweest voor de groei van de democratie. Als je de natiestaat vernietigt, dan weten de democratische instellingen niet meer wat ze moeten. Met democratie moet je voorzichtig omspringen. Rousseau zei: mensen kunnen democratie krijgen, maar als ze haar kwijtraken, krijgen ze haar nooit meer terug.

“Ik zeg niet dat er geen andere structuren mogelijk zijn waaraan democratieën zich kunnen hechten en op den duur zal de natiestaat ook wel verdwijnen, maar tenzij we een manier vinden waarop de democratie zich kan hechten aan nieuwe eenheden, raken we in de problemen. In ieder geval zijn markten niet het antwoord. Democratie kan zich niet hechten aan de wereldmarkt.”

McWorld wordt wel steeds groter.

“Ik ben niet bang voor de schaal. Wat me bang maakt is de illusie dat het vrijheid is. Wat is groot? Het menselijk ras weet wel raad met imperia. We hebben het Romeinse Rijk gehad, het Duitse Rijk, de Nazi's. We kunnen ook het Disney-imperium zijn plaats wijzen. In Orlando, waar het hoort.”

Is McWorld een blinde kracht, of zit er een plan achter?

“Het is de kracht van de markt, van de winst. McWorld heeft onverwachte sociale effecten die verwoestend zijn. De eersten die over de markt spraken, zoals Adam Smith, wisten dat zonder morele gevoelens, zonder altruïsme, zonder burgerschap, de markt ons zou verwoesten. Hij was een kampioen van de markt, maar hij kende haar grenzen. Wij kennen de markten niet meer.”

Adam Smith zag ook taken voor de overheid.

“Hij vond dat het de overheid was die de markten liet werken. Dat is een historische traditie geworden. De anti-trust-wetten van het einde van de vorige eeuw waren bedoeld om het kapitalisme te redden, en dat lukte. Idem de New Deal: die maakte vangnetten, beschermde de arbeiders en liet het kapitalisme overleven en bloeien. Maar nu ontmantelen we de New Deal en het eerste slachtoffer zal het kapitalisme zelf zijn - maar niet voordat dat de democratie heeft vernietigd.”

Wordt het tijd dat overheden weer meer taken op zich nemen in het openbaar vervoer, het onderwijs, of de gezondheidszorg?

“In Amerika is dat een tactisch probleem. De overheid moet eerst het geloof van de burgers herstellen, en daartoe moet zij zich een beetje gedeisd houden. Ik geloof zelf dat we lokaal moeten beginnen. Mensen die lokaal actief zijn en merken hoe effectief samenwerking kan zijn, vinden hun weg terug naar de overheid. We moeten geduldig zijn. Het werkt niet als je nu gaat ijveren voor grootscheepse overheidsprogramma's - dat is het gevecht dat nu gaande is binnen de Clinton-regering.

“Op centraal niveau moet je met het anti-overheidsgevoel rekening houden, maar op lokaal niveau kun je aan een nieuw begin werken. De burgers zullen heel snel ontdekken dat dat niet genoeg is, want de macht is centraal. En op een gegeven moment zullen ze zeggen: hé wacht even, we hebben onze overheid nodig! Waarom hebben ze die van ons afgenomen? Dat bedoelden we niet!”