ANC

Peter ter Horst, correspondent in Zuid-Afrika van NRC-Handelsblad, besprak The Liberal Slideaway van Jill Wentzel (16 december). Het boek beschrijft hoe de Zuid-Afrikaanse liberals/progressieven kritiekloze steun gaven en geven aan het ANC. Dat lag ook wel voor de hand: het ANC verklaarde in 1954 dat Zuid-Afrika aan allen behoorde die er woonden, 'zwart en blank'. Daarmee werd de anti-koloniale strijd gestopt en vervangen door een anti-apartheidsstrijd, een strijd 'slechts' tegen racisme.

Dat was niet alleen moreel aanvaardbaar, maar het was ook goed voor de persoonlijke belangen van de blanke liberalen. Zoals Jill Wentzel beschrijft ontketende het ANC een gewelddadige strijd tegen personen die niet wilden gehoorzamen aan de parolen van het ANC of het in 1978 vanuit het ANC opgerichte UDF (Verenigd Demokratisch Front). De term 'demokratisch' is hier een codewoord uit de communistische hoek, het ANC werkte zeer nauw samen met de Zuid-Afrikaanse communistische partij. In de recensie staat niet dat die geweldpleging ook gericht was tegen personen en organisaties van elke vorm van politieke concurrentie. Dat waren onder meer het Pan-Afrikanistisch Congres (van 1954) en de Zwart Bewustzijnbeweging later Azapo (opstand 1976, Steve Biko). Die werden tot in Europa door de ANC-solidariteitsgroepen als 'racistisch' bestempeld. Een ander voorbeeld van ANC-terreur gaf Rian Malan in zijn boek Mijn verradershart. Hij beschreef hoe George Wauchope, de secretaris van Azapo, door ANC-ers het land uit geterroriseerd is. Jill Wentzel siert het dat ze bij het South African Institute for Race Relations werkt. Dat heeft in 1990 een conferentie belegd over de strijd tegen de onafhankelijke pers in Zuid-Afrika. De uitgesproken teksten staan in de brochure 'Mau-Mauing the media'.

Het ANC probeerde met alle geweld de media zijn wil op te leggen, ook de grootste zwarte krant van Zuid-Afrika, de Sowetan. Eerst met een onsuccesvolle boycot, later probeerde het ANC deze krant op te kopen. Pro-ANC-media kregen het predikaat 'demokratisch', de Sowetan uiteraard niet. De Sowetan had de fout begaan niet alleen over het ANC te berichten, maar ook over activiteiten van PAC en Azapo. Vele Zuid-Afrikaanse liberalen/progressieven hadden ook daar geen probleem mee, het SAIRR gelukkig wel. Ook de berichtgeving uit Zuid-Afrika was nogal zwijgzaam over het bestaan en dus ook over de behandeling van de politieke concurrentie die de ANC/SACP-alliantie in de bevrijdingsstrijd ondervond. Toen de 'voetbalclub' van Winnie Mandela eind 1988 'Stompie' had vermoord is daarover door de Europese kranten uitvoerig bericht. Niet daarentegen over de daaropvolgende aanslag op de arts Abu Baker Asvat, gezondheidssecretaris van Azapo. Asvat was als buurtgenoot vlak voor zijn dood bij 'Stompie' en de andere gevangen jongeren gaan kijken, op uitnodiging. Toen hij vermoord werd was de assistente van Asvat aanwezig: Albertina Sisulu, tevens voorzitster van de vrouwenbond van het ANC. De 'gemeenschap' wees een groep vertrouwensmannen aan: ds Beyers Naudé, Frank Chikane (Raad van Kerken) en Cyril Ramaphosa (nu secretaris-generaal van het ANC). Ze stelden in 1989 een rapport over Winnies terreurgroepje op. De familie van Asvat en Azapo hebben beiden om het rapport gevraagd, vergeefs. Het is bij mijn weten nog steeds geheim. Winnie kon gate-crashend in de top van de vrouwenorganisatie van het ANC komen.

De Nederlandse ambassade en daarmee BZ waren van bovenstaande zaken goed op de hoogte, maar de geïnteresseerde Nederlandse burger stond en staat informationeel op rantsoen.