Vangstbeperking blijft achter bij voorstel; Europese ministers na marathon eens over vis

BRUSSEL, 22 DEC. De Europese ministers van visserij hebben vanmorgen na een nachtelijke marathonvergadering een akkoord bereikt over beperking van de visquota voor 1996. De beperkingen voor de te vangen hoeveelheden vis gaan minder ver dan de Europese Commissie had voorgesteld.

Europees commissaris Emma Bonino toonde zich niet gelukkig met het akkoord. “Ik had de voorkeur gegeven aan moediger maatregelen om de visbestanden te beschermen”, zei zij. Volgens haar is het compromis niet helemaal bevredigend op dit punt. “Als we ook in de toekomst een duurzame visserij willen garanderen, zullen we meer moeten doen aan bescherming van de visstanden”, aldus Bonino.

De quota zijn voor vrijwel alle soorten omlaag gegaan, omdat de visstanden in de Europese wateren ernstig worden bedreigd. “Het was een zeer arbeidsintensieve en moeilijke oefening”, zei de Spaanse voorzitter, Luis Atienza, na afloop. De Nederlandse minister Van Aartsen ging echter als een tevreden man naar huis. Na pittige onderhandelingen en ruilen met andere lidstaten sleepte hij hogere quota voor tong en schol in de wacht dan de Europese Commissie had voorgesteld.

Dringende verzoeken van de Nederlandse bewindsman bracht commissaris Emma Bonino (visserij) ertoe om de Noorse minister uit bed te bellen en hem te vragen om meer schol. Dit leverde de Europese Unie 3000 ton extra op de door Oslo al toegezegde 78.000 ton. De Nederlandse vissers kunnen daardoor in 1996 30.550 ton schol vangen.

De Commissie toonde zich bovendien bereid de totale vangsthoeveelheid (TAC- Total Allowable Catches) voor tong te verhogen van 15.000 naar 23.000. Daarvan krijgt Nederland 17.300 ton. Commissaris Bonino liet zich overtuigen door onder meer Nederland dat door nieuwe technieken de bijvangst van de zeer bedreigde schol, die tot voor kort aanzienlijk was bij de tongvisserij, tot een minumum beperkt kan blijven.

In alle quota voor Nederland is net als elders in de Unie gesneden. Met name de hoeveelheden schol (van 50.860 in 1995 naar 30.550 ton), haring (van 97.045 naar 64.880 ton) en makreel (van 36.500 naar 24.340 ton) zijn aanzienlijk verlaagd. Ook van tong, kabeljauw en wijting mag minder worden gevangen.

Volgens Van Aartsen heeft Nederland “het maximale eruit gehaald” en een goed resultaat bereikt. “Veel soorten zijn onder het veilig biologisch minimum gedoken. Daar hebben we rekening mee te houden. We moeten een evenwicht vinden tussen een goed visbestand en de sociaal-economische aspecten”, zei de minister. Het totale quotum voor Noordzeevis is nu teruggebracht van 115.000 ton (in 1995) tot 78.000 ton in 1996, terwijl wetenschappers 61.000 ton hadden geadviseerd.

In de Europese visserijraad heeft van Aartsen nog eens het belang onderstreept van een goede controle door de lidstaten en toezicht daarop van de Europese Commissie. “Hoewel we geen harde aanwijzingen hebben, bestaat het gevoel dat sommige landen hun vissers niet zo scherp controleren”, aldus Van Aartsen. Ook heeft hij een beperking van de inzet van de Europese vloot bepleit. Maar daar vond hij nog weinig gehoor voor bij de partners. (ANP, Reuter)