Van Dok verwacht snel forse orders uit Bosnië

DEN HAAG, 22 DEC. Staatssecretaris A. van Dok (economische zaken) wil binnen enkele weken een plan klaarhebben om Nederlandse bedrijven zoveel mogelijk in te schakelen bij de wederopbouw van Bosnië en Kroatië.

“Bosnië wil snel hulp uit Nederland om het land weer bereikbaar te maken, om de luchthaven en de toevoerwegen te herstellen, en de energie- en watervoorziening te verbeteren”, aldus Van Dok. “Ook in Kroatië is er volop werk te doen, op het gebied van de infrastructuur, landbouw en telecommunicatie.” Uit de fondsen van ontwikkelingssamenwerking (in totaal ƒ 80 miljoen) en middelen die Economische Zaken beschikbaar heeft voor de hulp aan Oost-Europa en bijbehorende exportkredietgaranties, kunnen opdrachten voor bedrijven betaald worden.

Van Dok heeft begin deze week in Sarajevo een samenwerkingsovereenkomst met de Bosnische regering gesloten. De staatssecretaris bracht met een delegatie uit het bedrijfsleven - vooral ingenieursbureaus - een bezoek aan de getroffen gebieden.

“De volgende stap is nu om samen met de ondernemers een concreet actieplan te maken voor de uitvoering”, aldus de staatssecretaris. Zij heeft ook al geld beschikbaar gesteld om de gasvoorziening in Bosnië, de haven van Ploc aan de Adriatische Zee en de drinkwatervoorziening te herstellen.

De Gasunie en het bureau Gastec in Apeldoorn maken een goede kans op een miljoenenorder voor herstel van het aardgasnet in Sarajevo en omgeving, dat volgens ir. Koos van Stapelen van de Gasunie “grotendeels verwoest” is.

De Nederlanders hebben het gasnet in 1984 aangelegd, ter gelegenheid van de Olympische winterspelen in februari 1984. Vooral het distributienet ziet er 'beroerd' uit, zegt Van Stapelen.

Pag.12: Nederlandse bureaus al bezig

De eerste noodvoorzieningen voor het gasnet worden zoveel mogelijk metinschakeling van lokale bedrijven gedaan, maar op wat langere termijn zijn er ook goede kansen voor Nederlandse bedrijven die ervaring hebben met dit technische werk. Economische zaken heeft Gasunie en Gastech ook gevraagd de opleiding van technisch personeel in Bosnië snel ter hand te nemen.

Ir. Jan Grefhorst van Gastec werkt aan een plan voor de restauratie en gaat daarmee in de tweede halft van januari terug naar Sarajevo. Vóór de oorlog waren er tienduizend particuliere gasaansluitingen in de stad, nu zijn dat er 85.000, zegt Grefhorst. “In de flats heeft men alle verwarmingsbuizen doorgezaagd en aangesloten op het gasnet, dat voor een groot deel met illegale pijpen over straat loopt. Bovenin de woningen heeft men slangetjes aangesloten voor gevaarlijke brandertjes. Die bestaan uit een simpel pijpje met gaatjes erin. Erg gevaarlijk, want als de druk afneemt, dooft het kookvlammetje en stroomt er gas in de woning”, aldus Grefhorst. Hij schat dat het herstel in totaal 120 miljoen gulden gaat kosten. “Daar komen nog vele miljoenen bij voor herstel van de centrale verwarmingen.”

Volgens een woordvoerder van Gasunie is Bosnië nu geheel afhankelijk van één gasleverancier: Rusland. “Dat moet veranderen, want er zijn vaak problemen met de Russen over de hoeveelheid geleverd gas en de afrekening. Bij problemen wordt de kraan dichtgedraaid. Bosnië moet meer leveranciers krijgen.” Nederland zou tijdelijk als tweede leverancier kunnen optreden, maar dan moet er een verbinding van het Westeuropese gasnet naar Joegoslavische leidingen worden gemaakt.

Ook Ir. M.L.C.M. Henckens van DHV Consultants is in het gevolg van staatssecretaris Van Dok meegegaan naar Bosnië. Henckens, projectdirecteur milieu en water in centraal Europa en de voormalige Sovjet-Unie, noemt de toestand in Bosnië “sinister”. In Sarajevo is zestig procent van de huizen beschadigd en twintig procent totaal vernield. “We zijn over land van Sarajevo naar Split gegaan; vooral in de buurt van Mostar zijn complete dorpen weggevaagd. Een verschrikkelijke toestand”.

Het ministerie van economische zaken heeft het ingenieursbureau gevraagd een noodplan voor Bosnië te ontwikkelen op het gebied van drinkwater, zuivering en riolering. DHV werkt daarbij samen met het zuiveringsschap Amstel en Gooiland in Hilversum dat al vóór de oorlog contacten met het waterbedrijf van Sarajevo had opgebouwd.

Op het specifieke terrein van DHV moet naar schatting voor 600 tot 700 miljoen dollar aan schade worden gerepareerd. Henckens: “Alleen al in Sarajevo gaat zestig tot zeventig procent van het drinkwater door lekken in het leidingennet verloren.” DHV denkt begin volgend jaar al aan de slag te kunnen. Voor Nederlandse specialisten op het gebied van pijpen, pompen en pakkingen liggen er mogelijkheden om aan de slag te gaan.

Nethconsult in Den Haag - een groep van veertig Nederlandse consultants, universiteiten en instituten - is bezig met de voorbereiding van landbouwprojecten in de getroffen gebieden. In Kroatië wil Nethconsult, dat de afgelopen jaren 500 projecten in Oost-Europa heeft uitgevoerd, betrokken worden bij een “breed agro-ontwikkelingsplan”, zoals directeur J.R. Crabbendam dat noemt. Het Masterplan, waarvoor financiering van de Wereldbank nodig is, voorziet onder andere in tuinbouw activiteiten en veterinaire diensten. Voorts wil Nethconsult in Centraal Bosnië onderzoek doen naar pootaardappelen. Crabbendam: “Het research-instituut voor tuinbouw in Sarajevo ligt helemaal in puin. En aardappelen zijn een van de basisvoedingsmiddelen. Er zijn daar problemen met aardappelziekten.”

Het ingenieursbureau Tebodin in Den Haag, dat gespecialiseerd is in de aanleg van havens en luchthavens, wil snel aan de slag met de luchthaven van Sarajevo, die nu nog uitsluitend voor militair verkeer toegankelijk is. “Er is directe noodhulp nodig. Het ministerie dat verantwoordelijk is voor de luchtvaart beschikt nog maar over één telefoon”, schetst B. Claasen, manager Centraal en Oost-Europa van Tebodin. Het bureau zal ook betrokken worden bij de ontwikkeling van de haven in Ploce in het uiterste zuiden van Kroatië. Het is de bedoeling dat de haven een belangrijke functie krijgt voor de Bosnische handel. Claasen, die met de Nederlandse delegatie over land van Sarajewo naar Split reisde, was onder de indruk van de weerbaarheid van de bevolking. “Het is ongelooflijk dat mensen onder die omstandigheden nog zo levenslustig zijn en er tegenaan willen.”