Senaat noemt kwaliteit van wetgeving slecht

DEN HAAG, 22 DEC. De Eerste Kamer wordt door slechte wetgeving gedwongen zich te gedragen als de Tweede Kamer. Dat heeft senaatsvoorzitter Tjeenk Willink gisteren gezegd na afloop van de laatste vergadering in de Eerste Kamer dit jaar.

De Eerste Kamer moet volgens Tjeenk Willink soms “redden wat er te redden valt”, omdat de kwaliteit van de wetgeving van sommige departementen laag is. Als deze hun werk niet beter gaan doen, voorziet hij conflicten met kabinet en Tweede Kamer. Welke departementen het laten afweten wilde Tjeenk Willink niet zeggen.

De voorzitter van de Tweede Kamer, Deetman, is bang dat de Eerste Kamer zijn 'meerwaarde' verliest als de senaat zich moet opstellen zoals Tjeenk Willink vreest. Deetman vandaag in de Volkskrant: “Het is dwaas te denken dat de Eerste Kamer heel anders en beter oplossingen vindt voor politieke meningsverschillen. Als het beter had gekund dan was het hier (in de Tweede Kamer, red.) bedacht.” Hij ziet de senaat het liefst als een 'chambre de reflexion', waar in alle rust over wetgeving kan worden nagedacht.

Aan die rust ontbreekt het volgens Tjeenk Willink geheel: “Wij moeten als parttimers voortdurend in blessuretijd spelen, nadat grote delegaties van departementen, adviescolleges en de Tweede Kamer wetgeving hebben kunnen bekijken.” Er moet volgens de voorzitter van de Eerste Kamer onder grote tijdsdruk worden gewerkt, ook al is de wetgeving soms van slechte kwaliteit. “Daardoor dreigen wij steeds meer wetsvoorstellen af te wijzen, wat met steeds meer compromissen moet worden voorkomen.” Het kabinet zet de senaat voortdurend onder druk om zo snel mogelijk de handtekening onder de voorstellen te zetten. Dan begint volgens Tjeenk Willink de 'politieke opstelling' van de Eerste Kamer, waarmee zij in conflict komt met kabinet en Tweede Kamer aan wie deze opstelling is voorbehouden. “Een neerwaartse spiraal is het gevolg”, aldus de senaatsvoorzitter.

Aanleiding voor de opmerkingen van beide Kamervoorzitters is de behandeling van de Nabestaandenwet in de Eerste Kamer. Pas nadat staatssecretaris Linschoten (sociale zaken en werkgelegenheid) had toegezegd enige 'reparaties' op het wetsvoorstel uit te voeren, ging de senaat met de Nabestaandenwet akkoord. Dit reparatiewetje moet nu weer door Tweede en Eerste Kamer, want de laatste kan wetsvoorstellen alleen in hun geheel goed- of afkeuren.

Deetman meent dat de Tweede Kamer de afgelopen drie maanden meer heeft gedaan dan 'menselijkerwijs' mogelijk was. Hij heeft kritiek op het kabinet dat deze werklust niet heeft weten te waarderen. Volgens Deetman waren bewindslieden op den duur met steeds meer moeite te bewegen tot een gang naar de Tweede Kamer om hun beleidsvoornemens toe te lichten.