Politie tevreden gesteld met minder geld

De politieacties zijn voorbij nu minister Dijkstal en de bonden een akkoord hebben bereikt. Maar de kans is groot dat de straat voor de politie taboe wordt om een arbeidsconflict met de werkgever uit te vechten.

DEN HAAG, 22 DEC. “Aan minister Dijkstal komt de eer toe de eerste minister te zijn die het aandurft om oneigenlijk gebruik van rechtspositieregelingen bij de politie een halt toe te roepen.” Dat zei prof. dr. W. Albeda ruim een week geleden in een toelichting op een rapport van de commissie die zijn naam draagt. De commissie-Albeda was door de minister van binnenlandse zaken ingeschakeld om te bemiddelen in het CAO-conflict met de politiebonden.

De onderhandelingen tussen Dijkstal en de bonden liepen vast op 21 november. Flexibeler werken was een van de breekpunten. Dijkstal wilde dit financieren door de vaste onregelmatigheidstoeslag die politieambtenaren krijgen gedeeltelijk variabel te maken. Iedere agent krijgt, of hij nu onregelmatig werkt of niet, een vaste toelage voor onregelmatigheid. Dijkstal wilde deze toeslag, voor een agent 12,5 procent van het loon, alleen geven wanneer een agent onregelmatig werkt. De bonden keerden zich fel tegen dit voorstel.

Voor de advies- en arbitragecommissie rijksdienst - beter bekend onder de naam van haar voorzitter - is de onregelmatigheidstoeslag een vertrouwd onderwerp. De commissie-Albeda adviseerde al in 1987 over de 'inconveniëntenregeling politie'. “Deze 'doorgeschoten' vermenging van inkomenspolitieke bestanddelen in een regeling gericht op compensatie van inconveniënten, heeft tot een in de praktijk niet werkbare situatie geleid. Een herstel van beide bestanddelen acht de commissie gewenst.” Acht jaar later was er nog niets veranderd. Het afstand doen van 'verworven rechten' is een pijnlijk proces.

Ruim een week geleden adviseerde Albeda de onregelmatigheidstoeslag per 1 juli volgend jaar te vervangen door een operationele toelage die alleen wordt uitgekeerd bij onregelmatig werk. Zestig procent van de vaste component van de huidige regeling wordt 'ingebouwd' in het salaris. Voor een periode van zeven jaar zou een garantieregeling gelden voor de inkomens. De commissie verwachtte dat na die periode het nieuwe systeem volledig zou zijn 'verwerkt', waardoor niemand er in koopkracht op achteruit zou gaan. “Broddelwerk”, oordeelden de bonden. “Nog slechter dan het aanvankelijke bod van Dijkstal.”

Dijkstal en de bonden hebben gisteren een akkoord bereikt waarbij de vaste component van de onregelmatigheidstoeslag verdwijnt. Dat gebeurt stapsgewijs, waarbij tien jaar lang tien procent van die vaste component in het normale salaris wordt verdisconteerd. Het administratief en technisch personeel wordt daarbij op gelijke wijze behandeld als de politie op straat.

De variabele component van de huidige inconveniëntenregeling wordt in juli 1996 vervangen door de operationale toelage. De hoogte daarvan hangt af van de mate waarin politiemensen ook daadwerkelijk op onaangename uren werken. Dat zijn de uren tussen tien uur 's avonds en zeven uur 's ochtends. De toeslag geldt ook voor de zaterdag en zondag en de feestdagen.

“Niemand hoeft ook maar één gulden in te leveren”, zei voorzitter Van Duijn van de Nederlandse Politiebond (NPB) gisteren na afloop van het vier uur durende overleg. Volgens Van Duijn betekent het nu bereikte akkoord “een enorm verschil” met het advies van de commissie-Albeda. “Daarin werd slechts voor een periode van zeven jaar een inkomensgarantie gegeven.”

Saillant is dat topambtenaar Borghouts van binnenlandse zaken - die de onderhandelingen namens Dijkstal heeft gevoerd - in een toelichting zei dat het akkoord voor de schatkist gunstiger uitvalt dan de voorstellen van Albeda. “Ik denk dat dit zelfs iets goedkoper is”, aldus Borghouts. De bonden zijn dus tevreden gesteld met minder geld.

Het meest in het oog springende verschil is dat Albeda meer geld vrijmaakt voor de operationale toeslag. Albeda kiest voor maatwerk, terwijl de bonden en Dijkstal voor confectie hebben gekozen. Inhoudelijk wijkt het akkoord tussen Dijkstal en de bonden versus de voorstellen van Albeda niet veel van elkaar af. De reactie van de bonden op 'Albeda' hoorde bij de actieretoriek.

Wanneer de leden van de politiebonden het akkoord fiatteren, komt een einde aan anderhalve maand 'actievoerend blauw'. Onder het motto 'De politie in lichterlaaie' begonnen de protesten in de Utrechtse Jaarbeurs op 3 november. De ludiek begonnen acties werden in de loop der tijd steeds grimmiger. Automobilisten, voetbalsupporters, bewindslieden en Tweede-Kamerleden vonden dat grenzen waren bereikt - en soms al overschreden.

Dijkstal probeerde de Tweede Kamer gerust te stellen en hij verwachtte dat de acties binnen de gestelde grenzen zouden blijven. Het sussende geluid voor de Bühne week sterk af van de woede die hij ventileerde in het ministerie van binnenlandse zaken. Wat is het verschil tussen de bewakers van de binnenlandse en de buitenlandse veiligheid, zo vroeg Dijkstal zich af. Militairen mogen niet de straat op om CAO-onderhandelingen te ondersteunden. Voor de politie zou dit ook moeten gelden, vindt Dijkstal.

Evenals bij de onregelmatigheidstoeslag zullen de bonden ook dit verworven recht niet zonder slag of stoot opgegeven. En wanneer de commissie-Albeda wordt geconsulteerd, is het advies al klaar. “De straat is - zeker voor de politie - niet de juiste plek om arbeidsconflicten met de werkgever uit te vechten”, oordeelde Albeda ruim een week geleden.