Kamer en onderzoek

IN ALLE STILTE heeft de Tweede Kamer vlak voordat zij met kerstreces ging haar positie als controleur verstevigd. Het betreft het op het eerste gezicht weinig spectaculaire besluit de commissie voor de Rijksuitgaven een vaste positie te geven in het Reglement van Orde van de Tweede Kamer. Toch is dit een beslissing die tekenend is voor de steeds autonomere rol die de volksvertegenwoordiging zich toeëigent als het gaat om het verkrijgen van informatie. Er wordt geen genoegen meer genomen met het 'regeringsmonopolie van de feiten'.

De commissie voor de Rijksuitgaven, die nu formeel een permanente status heeft gekregen, is één van de instrumenten daartoe. In het kader van de grote schoonmaak onder de diverse commissies was er aanvankelijk voor het groepje Kamerleden, dat zich met ambtelijke ondersteuning structureel met de Rijksuitgaven bezighield, geen plaats ingeruimd. De Kamer is hier nu terecht op teruggekomen. Het feit dat de beheersbaarheid van de rijksuitgaven enigszins tot stand is gebracht, mag geen reden zijn voor verslapping van de controle. Integendeel, want behalve de omvang van de uitgaven verdienen zaken als doelmatigheid en doeltreffendheid van diezelfde uitgaven constante zorg van de Tweede Kamer. Een 'onafhankelijke' eigen commissie, dat wil zeggen een commissie die niet zit vastgeklonken aan het beleid van één departement (waardoor het gevaar van verkokering op de loer ligt), is een goede garantie voor afgewogen oordeelsvorming. EEN TWEEDE KAMER die zelf meer op onderzoek gaat, ligt in het verlengde van dualistische verhoudingen. Het dualisme, dat vorig jaar zomer bij de totstandkoming van het sociaal-liberale kabinet meer inhoud kreeg, is de afgelopen maanden overigens aanzienlijk genuanceerd. Vertegenwoordigers van de regeringsfracties bezoeken het Torentje van minister-president Kok frequent. En ook de vakministers schuwen in een vroeg stadium van de beleidsvoorbereiding het vooroverleg met 'bevriende' Kamerleden uit de coalitie niet. Naarmate de regeringservaring toeneemt, wordt ook bij 'paars' de praktijk sterker dan de leer. Coalitiekabinetten, ook al zijn ze nog zo bijzonder samengesteld, kunnen het blijkbaar niet stellen zonder afspraken vooraf. Er is echter al heel wat gewonnen als dat ruiterlijk wordt toegegeven. Op dit punt stelt de coalitie niet teleur, hoewel het ertoe kan leiden dat Kamerleden hun stem uitbrengen voor een wet die ze eerder als 'onding' hebben afgedaan.

Juist omdat een volledig onafhankelijke positie van het parlement ten opzichte van de regering in de praktijk niet bestaat, is het goed dat de Tweede Kamer waar dat kan zoveel mogelijk op eigen onderzoek gaat. Het toenemend aantal parlementaire enqûetes toont aan dat de Kamer deze weg al is ingeslagen. Maar toch blijkt elke keer weer dat parlementaire onderzoeken in hoge mate politiek belast zijn. Ter herinnering: het besloten verhoor van hoge officieren over het Dutchbat-drama. DE TWEEDE KAMER zal haar zelfstandige rol vaak op de regering moeten bevechten. Tegelijkertijd kan de Kamer ook in minder strijdvaardige vorm aan een versterking van de eigen positie werken. Daarmee is deze week een begin gemaakt door de instelling van een parlementaire onderzoekscommissie die een studie zal verrichten naar het broeikaseffect. Het is een goede zaak dat de Tweede Kamer los van door de regering aangedragen informatie ook zelf materiaal verzamelt. Van belang is wel dat de leden die in de commissie zitting nemen zich ervan bewust blijven dat zij in de eerste plaats parlementariër zijn. Het gaat er niet om dat zij straks de zoveelste wetenschappelijke studie verrichten naar de gevolgen van klimaatverandering. Hun onderzoek zal specifiek gericht moeten zijn op de beleidsmatige aspecten van het tegengaan van het broeikaseffect. Parlementair onderzoek is gewenst, maar maatvoering in dergelijk onderzoek eveneens.

Zeker nu ideologische geschillen op de achtergrond zijn geraakt, is het debat tussen regering en parlement steeds vaker een debat over de feiten. De informatiestroom is nog altijd eenzijdig. Het kennisoverwicht zit nu eenmaal bij de regering. Enig evenwicht in de balans is gewenst. Parlementair onderzoek dat aan besluitvorming vooraf gaat is daartoe een uitstekend middel.