Amsterdam opent jacht op affiches van wildplakkers

AMSTERDAM, 22 DEC. In een rommelige loods roert Aldo (23) met een stok in een emmer om lijm aan te maken. Het is elf uur 's avonds en min drie graden. Zo meteen gaat hij op zijn fiets het Amsterdamse centrum in om zo'n honderd affiches op te hangen aan palen, elektriciteitskastjes en schuttingen. Illegaal. Andere 'wilde plakkers' s zijn ook al op pad, want de periode voor de kerstdagen is druk. Kerst-houseparty's, de nieuwste cd van Janet Jackson en theatervoorstellingen moeten allemaal worden aangekondigd.

In de stad staan honderden zuilen en driehoeksborden waarop jaarlijks voor miljoenen legaal wordt geplakt door publiciteitsbedrijven. Daarnaast plakken wildplakkers illegaal tegen lagere prijzen jaarlijks honderdduizenden affiches. Voor kleine, gesubsidieerde theaters die veel verschillende programma's bieden, is wildplakken soms de enige betaalbare mogelijkheid om te adverteren. Organisatoren van een klein aantal concerten in theater Paradiso laten ook wildplakken, zegt publiciteitscoördinator L. Vijfschaft. “Dat is de enige manier om het beoogde publiek te bereiken.”

Aldo verlaat de loods. De kans bestaat dat hij straks door de reinigingspolitie in de kraag wordt gegrepen. Dat zal hem 250 gulden kosten en inbeslagneming van zijn posters. Aan de muur, tussen talloze affiches, hangt een waarschuwing voor een groter gevaar: 'Jongens, pas op in de Reguliersdwarsstraat! Plak niet op het geveltje, de eigenaar heeft een bijl klaar staan'.

Van het Amsterdamse plakkerscollectief Plakker en Co., waartoe Aldo behoort, moesten gisteren acht leden voor de kantonrechter verschijnen wegens overtreding van de algemene plaatselijke verordening die wildplakken verbiedt. Bijna veertig schikkingen, van 250 gulden per stuk, die ze weigeren te betalen, zijn voor deze rechtszitting gebundeld. De zitting werd overigens aangehouden.

In zijn verdediging beroept Plakker en Co. zich op het recht op vrijheid van meningsuiting. Het collectief vindt dat in principe iedereen overal een aankondiging voor een cultureel evenement moet kunnen ophangen. Volgens de wildplakkers zijn er te weinig betaalbare plaklocaties in Amsterdam (er zijn twaalf gratis zuilen) voor ideële organisaties en theatergezelschappen en organisatoren van evenementen met een klein budget. Voor een paar honderd gulden kan een toneelgroep, museum of platenmaatschappij al een paar honderd affiches 'wild' laten ophangen in de stad. Weliswaar tussen vele andere affiches, waardoor ze niet altijd even goed opvallen, maar ze hangen in elk geval. De honderden officiële plakzuilen, frameborden, driehoeksborden rondom lantaarnpalen en op glas- en papierbakken zijn volgens Plakker en Co. en veel kleine theaters te duur. Eén officiële campagne met n driehonderd affiches kost ten minste 750 gulden.

Omdat het collectief een aantal voorstellen bij de gemeente heeft ingediend voor legalisering van zijn activiteiten, hoopt het op ontslag van rechtsvervolging. Zo niet, dan gaan de plakkers in hoger beroep, desnoods tot aan de Hoge Raad. Mochten ze legaal worden, dan willen ze borden ophangen aan lantaarnpalen en op elektriciteitskasten langs de weg. Ze zeggen dat ze de palen zullen schoonhouden en netjes zullen plakken. “Verder zijn we van plan onze prijzen niet te verhogen, zodat dezelfde theatergroepen en organisaties onze klanten kunnen blijven”, zegt E. van der Laan, een van de oprichters van Plakker en Co.

Op een gedoogbeleid van de gemeentelijke dienst stedelijk beheer hoeven wildplakkers voorlopig niet te rekenen, zegt A. van der Sluis, rayonmanager stedelijk beheer van de binnenstad. Amsterdam moet schoon zijn, vóór de zomer van 1996, zo heeft wethouder G. ter Horst (openbare ruimte) besloten. De duizenden affiches die Plakker en Co. per maand ophangen ontsieren het straatbeeld en vervuilen het milieu, vindt Van der Sluis. Het collectief bedient ongeveer tachtig procent (ongeveer 200.000 posters per jaar) van de wildplakmarkt in Amsterdam en verspreidt ook affiches in andere grote steden. Studenten en andere incidentele wildplakkers nemen de overige twintig procent voor hun rekening. Het probleem van legalisering is dat er altijd nieuwe wildplakkers zullen komen die een lagere prijs vragen dan de legale plakbedrijven, zegt Van der Sluis. Hij vraagt zich af hoe ver stedelijk beheer kan gaan met het aanwijzen van legale plaklocaties. “We realiseren ons wel dat de sector die gebruikt maakt van wildplakkers niet zo kapitaalkrachtig is. Daarom hebben we nooit een heksenjacht geopend.”

Maar de maatregelen die stedelijk beheer sinds twee jaar neemt tegen wildplakken liegen er niet om. Volgend jaar zal de gemeente voor eenmaal het centrum schoonspuiten, wat volgens Koppers ten minste een miljoen gulden kost. Daarna zullen schoonmaakbedrijven de palen bijhouden. Ook wil stedelijk beheer dat de gemeentelijke subsidie voor kleine theaters wordt gebonden aan voorwaarden: wie laat wildplakken, wordt gekort. Aan de APV die het opdracht geven voor wildplakken verbiedt, wordt ook gesleuteld: opdrachtgevers moeten vanaf volgend jaar een boete van een paar duizend gulden kunnen krijgen. Als dat doorgaat zal het volgens L. Vijfschaft van Paradiso gebeurd zijn met niet-commerciële voorstellingen en evenmenten in Amsterdam.

De reinigingspolitie besteedt vijftien procent van haar tijd aan de opsporing van wildplakkers, vooral 's avonds. Het afgelopen jaar hebben de 26 agenten hun jacht op wildplakkers geïntensiveerd. G. Koppers werkt sinds elf jaar bij de reinigingspolitie. Hij geldt als expert op het wildplakterrein en kent alle kopstukken van Plakker en Co. inmiddels persoonlijk. Dit jaar heeft zijn dienst ongeveer tienduizend affiches in beslag genomen (twee voetbalvelden vol) en honderdtwintig processen-verbaal opgemaakt. Vanavond tuurt hij vanuit zijn dienstauto naar iedere fietser die in het donker iets groots op de bagagedrager vervoert. Wie zich in Amsterdam tussen zonsondergang en zonsopgang op straat begeeft met een emmer lijm, is strafbaar. Koppers houdt bij welke affiches waar hangen; als hij straks bij een nieuw rondje andere posters ontdekt, weet hij dat zijn prooi niet ver uit de buurt is. “Dan hoef je slechts de cirkel rondom dat punt steeds kleiner te maken.” Op een paal hangen twee affiches schots en scheef. Eentje is er half afgescheurd. Koppers kijkt misprijzend: “Dat komt omdat wij ze opjagen. Vaak hebben ze geen tijd om netjes te plakken. Dat is toch lelijk?”

Toch vindt hij al die affiches, mits netjes geplakt, niet ècht erg, zegt hij. Want diep in zijn hart is hij “een echte Amsterdammer”. Sterker, hij vindt de jongens van Plakker en Co. eigenlijk sympathieke knullen. Slim ook. Ze passen hun plakrondes aan de diensttijden aan van de reinigingspolitie, die niet dag en nacht op plakjacht kan zijn. Daarom holt de reinigingspolitie altijd net achter de feiten aan. Ze zijn geen vijanden van elkaar, het is een (duur) spel, zegt Koppers. “Maar de wet is de wet en die moet ik handhaven.” Hij houdt ze niet aan met een emmer lijm, want dat zou te gemakkelijk zijn. “Het gaat erom ze op heterdaad te betrappen.” Anderzijds nodigen de wildplakkers hem uit voor hun verjaardagen. Ook voor hen is het een spel.

Vanavond heeft Koppers twee agenten ingezet in een onherkenbare auto. “Het is tenslotte een kwestie van wie ziet wie het eerst?” en zijn dienstauto valt te veel op. Plotseling slaan zijn collega's alarm over de radio. Ze hebben M. Hellebrekers, een lid van Plakker en Co., gesignaleerd. Koppers veert op, zijn ogen staan op 'jacht'. Over de radio tellen ze af: “3.. 2.. 1” En precies tegelijk rijden beide auto's op Hellebrekers af. Hij heeft geen tijd om te vluchten, levert zijn affiches in en roept na het afleggen van een verklaring vrolijk: “Ik ga weer nieuwe halen hoor!”

Het argument dat Plakker en Co. opkomt voor de vrijheid van meningsuiting verwerpt rayonmanager A. van der Sluis. “Is een cd van Janet Jackson verkopen je mening uiten?” vraagt hij. “Die organisaties en de wildplakkers verdienen daar veel geld mee.” Plakker en Co. zegt commerciële opdrachten te moeten aannemen om minder vermogende klanten te kunnen bedienen. Het gevolg van die vrijheid zou volgens Van der Sluis zijn dat iedereen mag wildplakken in Amsterdam. “Maar Plakker en Co. wil de markt volledig beheersen. Wie op hun locaties plakt, wordt vriendelijk doch dringend verzocht elders te plakken. Anders wordt over hun affiches heengeplakt.” Volgens Koppers was er in september sprake van een soort plakoorlog. Plakker en Co. vindt het noodzakelijk de eigen markt te beschermen: “Onze klanten moeten erop kunnen rekenen dat niemand over hun affiches heenplakt. Daarnaast kunnen wij ervoor zorgen dat er in Amsterdam netjes wordt geplakt als wìj al het plakwerk uitvoeren.”