Regisseur van 'Nixon' op de loop met historie

WASHINGTON, 21 DEC. Natuurlijk was Nixon, de nieuwe film van Oliver Stone, al omstreden voor hij gisteren in de Verenigde Staten in première ging. De regisseur die vier jaar geleden zo gehekeld was om JFK, zijn historisch niet te verantwoorden film over Kennedy, had het aangedurfd een portret te maken van de ongrijpbare Richard Nixon, de Amerikaanse president die in 1974 moest aftreden naar aanleiding van het Watergate-schandaal en die toen hij vorig jaar overleed toch alom herdacht werd als een belangrijk staatsman.

De geschiedenis van zo'n gecompliceerd personage kon toch niet toevertrouwd worden aan zo'n ongenuanceerde filmer? Weken geleden al verschenen in de Amerikaanse pers de eerste stukken over de historische onjuistheden en pure verzinsels in de film. En begin deze week gaven de nabestaanden van Nixon een verklaring uit waarin ze Stone beschuldigden van karaktermoord.

Nixon, die naar verwachting begin volgend jaar in Nederland wordt uitgebracht, is geen documentaire en geen biografie, maar een historisch drama. Wijs geworden door alle kritiek op JFK heeft Stone voor deze film weliswaar grondig historisch onderzoek gedaan - in de voetnoten bij het scenario, dat hier in de handel is, pronkt hij met de grote lijst gebruikte literatuur. Ook heeft hij zich laten adviseren door voormalige medewerkers van Nixon, onder wie een van de hoofdrolspelers in het Watergate-schandaal, John Dean. Maar daar gaat het allemaal niet om.

Stone wilde geen nauwkeurig verslag geven van wat er over Nixon bekend is: hij wilde zijn geest doorgronden en een psychologisch portret maken. En daarbij veroorloofde hij zich nogal wat dichterlijke vrijheden en wilde fantasie. Nixons ongelukkige jeugd en zijn moeizame huwelijk kregen in de film een belangrijke rol toebedeeld.

En alsof Nixons werkelijke loopbaan niet voldoende dramatische gebeurtenissen kende, voegde Stone er nog een samenzwering om Fidel Castro te vermoorden aan toe, waardoor Nixon via een onvermoede omweg uiteindelijk ook nog bij de moord op Kennedy betrokken zou raken.

Pagina 6: Hopkins speelt Nixon bitter

WASHINGTON, 21 DEC. Natuurlijk was Nixon, de nieuwe film van Oliver Stone, al omstreden voor hij gisteren in de Verenigde Staten in première ging. De regisseur die vier jaar geleden zo gehekeld was om JFK, zijn historisch niet te verantwoorden film over Kennedy, had het aangedurfd een portret te maken van de ongrijpbare Richard Nixon, de Amerikaanse president die in 1974 moest aftreden naar aanleiding van het Watergate-schandaal en die toen hij vorig jaar overleed toch alom herdacht werd als een belangrijk staatsman.

De geschiedenis van zo'n gecompliceerd personage kon toch niet toevertrouwd worden aan zo'n ongenuanceerde filmer? Weken geleden al verschenen in de Amerikaanse pers de eerste stukken over de historische onjuistheden en pure verzinsels in de film. En begin deze week gaven de nabestaanden van Nixon een verklaring uit waarin ze Stone beschuldigden van karaktermoord.

Nixon, die naar verwachting begin volgend jaar in Nederland wordt uitgebracht, is geen documentaire en geen biografie, maar een historisch drama. Wijs geworden door alle kritiek op JFK heeft Stone voor deze film weliswaar grondig historisch onderzoek gedaan - in de voetnoten bij het scenario, dat hier in de handel is, pronkt hij met de grote lijst gebruikte literatuur. Ook heeft hij zich laten adviseren door voormalige medewerkers van Nixon, onder wie een van de hoofdrolspelers in het Watergate-schandaal, John Dean. Maar daar gaat het allemaal niet om.

Stone wilde geen nauwkeurig verslag geven van wat er over Nixon bekend is: hij wilde zijn geest doorgronden en een psychologisch portret maken. En daarbij veroorloofde hij zich nogal wat dichterlijke vrijheden en wilde fantasie. Nixons ongelukkige jeugd en zijn moeizame huwelijk kregen in de film een belangrijke rol toebedeeld.

En alsof Nixons werkelijke loopbaan niet voldoende dramatische gebeurtenissen kende, voegde Stone er nog een samenzwering om Fidel Castro te vermoorden aan toe, waardoor Nixon via een onvermoede omweg uiteindelijk ook nog bij de moord op Kennedy betrokken zou raken.

VervolgNIXONpag.6 NIXON

XXXXXXX

VERVOLG VAN PAGINA 1

Stone's critici zijn bezorgd dat tientallen miljoenen mensen voortaan zullen geloven dat dit de historische waarheid is, net zoals een hele generatie er na het zien van JFK van overtuigd is geraakt dat Lyndon B. Johnson als vice-president betrokken was bij een samenzwering om Kennedy te vermoorden. Maar afgezien van het vergezochte complot tegen Castro, dat slechts zijdelings aan de orde komt, geeft Nixon een geloofwaardig beeld van de in het nauw gedreven hoofdpersoon, de president die nooit geliefd was.

Geen moment lijkt Anthony Hopkins uiterlijk op Nixon, maar hij speelt hem huiveringwekkend echt: als een verkrampte en bittere man, met een onhandige motoriek, een onzekere grijns en vol achterdocht en zelfbeklag - een glas Johnnie Walker steevast onder handbereik, zweetdruppeltjes op het voorhoofd en de bovenlip. Wèl een echte imitatie, zowel uiterlijk als qua stem, is Paul Sorvino's precies gelijkende Henry Kissinger, die met zijn diepe bas, zijn gevoel voor humor en zijn onbeschaamde gevlei voor enkele zeldzame lichte momenten zorgt. Hopkins' andere tegenspelers komen door hun beperkte rollen nauwelijks uit de verf, alleen Nixons vrouw Pat (Joan Allen) krijgt enige diepte.

De film begint met het Watergate-schandaal, en het lijkt wel alsof alle andere episodes uit Nixons leven, en ook alle personages, worden gezien door de blik van de steeds verder in het politieke moeras wegzakkende president. Flarden van herinneringen - van politieke bijeenkomsten, gesprekken, televisie-uitzendingen - buitelen over elkaar: soms in kleur, soms in zeer grof-korrelig zwart/wit, soms in de lijnen van een televisiebeeld, soms zelfs in foto-negatief.

Tot in de camera-instellingen wordt de scheve blik nagevolgd van de steeds verder van de werkelijkheid losrakende Nixon: veel scènes worden uit onverwachte hoeken gefilmd, van boven, schuin van onder, in duistere trappenhuizen, gangen en kamers in het Witte Huis. Voor wie het niet zelf opmerkt heeft Stone in interviews alvast maar laten weten dat we hem behalve met Shakespeare (koningsdrama!), ook met Orson Welles (Citizen Kane!) mogen vergelijken.

De symboliek is stevig aangezet: donkere luchten pakken zich samen, ijzeren hekwerken rijzen op uit de grond voor het Witte Huis, en in een verkild huwelijk eet men aan weerszijden van een vier meter lange tafel. Hinderlijk is dat echter nauwelijks, de film is toch meer opera dan documentaire. Zij het wel een opera met weinig ontwikkeling: Nixon is een koortsachtig en paranoïde wezen met een hang naar duistere zaken, en dat blijft hij. In een van de laatste scènes, als hij al besloten heeft af te treden, zegt hij tegen een schilderij van zijn grote rivaal, John F. Kennedy: Als ze naar jou kijken zien de mensen wat ze willen zijn, als ze naar mij kijken zien ze wat ze zijn.

In zijn wat sentimentele begrip voor Nixon gaat Stone vrij ver. De moraal van de meer dan drie uur durende film lijkt te zijn: een jongen van eenvoudige komaf komt na veel tegenslagen en dankzij een door zijn moeder aangevuurde ambitie hogerop, maar ook in contact met de verkeerde vrienden die hem overmoedig maken, waardoor alles uiteindelijk misloopt. In een gesprek met demonstranten tegen de Vietnam-oorlog wordt Nixon zelfs in de slachtofferrol geplaatst: hij wil wel anders, beweert hij, maar Het Systeem (wat dat ook mag zijn) laat hem weinig mogelijkheden. Het slotbeeld van de film is een foto van het tienjarige jongetje dat Nixon ooit geweest moet zijn, fris en onschuldig - op een leugentje over een stiekem sigaretje na. Het is misschien het beeld dat Richard Nixon uiteindelijk van zichzelf had.