Lucas 2 bevat geen geheimen meer

Ze kunnen de tekst dromen: “En het geschiedde in die dagen, dat er een bevel uitging vanwege keizer Augustus dat het gehele rijk moest worden ingeschreven. (...) Ook Jozef trok op van Galilea, uit de stad Nazareth, naar Judea, naar de stad van David die Bethlehem heet omdat hij uit het huis en geslacht van David was, om zich te laten inschrijven met Maria, zijn ondertrouwde vrouw welke zanger was.”

Ook de originele Griekse tekst van Lucas 2 bevat voor een beetje predikant of priester nauwelijk nog geheimen. Ieder jaar, met het naderen van de kerst, vragen zij zich af: hoe vertel ik het de kerkgangers nu weer, hoe maak ik een interessante preek over steeds hetzelfde onderwerp, met steeds dezelfde tekst als leidraad. Om een punthoofd van te krijgen.

Zover wil de Haarlemse plebaan H.J. van Ogtrop niet gaan, maar hij verheelt niet dat hij elk jaar door een zekere wanhoop wordt overmeesterd. Terwijl hij toch al 29 jaar voorgaat in de kerstnachtdienst en ook op eerste en tweede kerstdag acte de présance geeft. Juist daarom. “Steeds slaat de twijfel toe. Denk je: dit is niks. Ik ben nu bezig met de preek voor de kerstnachtmis, ik wil de Chassidische legende vertellen over de geboorte van de nieuwe mens. Maar ik ben nog steeds niet tevreden.” Hij gaat op kerstavond drie keer voor, ruim vijfduizend mensen zullen komen luisteren. “Ik gebruik dan wel dezelfde preek hoor; er zal geen parochiaan zijn die alle diensten bijwoont.”

De preek van kerstavond staat natuurlijk niet op zichzelf, hij sluit aan bij wat op de adventszondagen ten gehore is gebracht. Je leeft er als het ware naar toe, zegt Van Ogtrop. Hij neemt elk jaar in december Lucas 2 weer door, pakt ook de Griekse tekst er weer bij en dan begint het gepieker. Vroeger hield hij zich nauwgezet aan de tekst, tegenwoordig preekt hij wat losser. “Mijn eerste kerstpreek was heel diepzinnig, die ging over de tekst 'In den beginne was het Woord.' Achteraf denk ik dat ik zelf niet helemaal begreep waar ik het over had.”

Vanaf eind november is de hervormde predikant W.G. van der Sluys in Amsterdam helemaal geconcentreerd op de kerstviering. Hij maakt al 25 jaar elke keer een nieuwe preek. Een uitdaging, maar niet gemakkelijk, zegt hij. Hij vindt de kerstperiode toch al zwaar: veel mensen zijn depressief, zijn spreekuur zit constant vol. Vorig jaar had hij het op kerstavond over het licht dat de duisternis verdrijft. “Nu neem ik 'knielen bij de kribbe' als centraal thema. We knielen bij de zoon des mensen, bij de som der mensen.” Een echte worsteling is het voor hem niet, hij is ook niet uit op geweldig originele vondsten. “Ik vertrouw erop dat de vonk zondagavond overslaat. Zo niet, dan heb ik pech.” Ondanks de grote toeloop voor de kerstnachtdienst (Van der Sluys verwacht zeker vierhonderd mensen), is voor hemzelf het paasfeest het hoogtepunt. “Ik ben een paaschristen.”

Voor het eerst in twintig jaar hoeft de Amsterdamse gereformeerde predikant A.C. Grandia niet meer. Enige tijd geleden verruilde hij de Keizersgrachtkerk voor een aanstelling bij het IKON-pastoraat. Voor het eerst kan hij zich tijdens de kerstdagen rustig bezinnen, het heen en weer gevlieg van de ene bijeenkomst na de andere is voorbij. “Ik zag er ook wel tegenop om elk jaar een nieuwe kerstpreek te maken. Je moet steeds nieuwe woorden vinden om Lucas 2 uit te leggen.” Hij koppelde zijn preek vaak aan de actualiteit. In de periode van de discussie over de plaatsing van kruisraketten, bijvoorbeeld, was 'vrede' zijn centrale thema en twee jaar geleden het uitzettingenbeleid van het kabinet. “Jezus zou er nooit doorheen gekomen zijn, het Romeinse Rijk had vast het predikaat 'veilig' gekregen.”

Eén keer was het voor Grandia bijna onmogelijk een preek op papier te zetten. Dat was vijftien jaar geleden toen hij en zijn vrouw hun baby na twee dagen verloren. “Dan moeten praten over het kindje in de kribbe, dat viel niet mee. Ik heb het wel gedaan, maar het heeft me veel moeite gekost. Hetzelfde gold voor de doop, als je je eigen kind net hebt verloren is het moeilijk om te kijken naar een gezonde baby die je moet dopen.”