Japan onderzoekt ongeluk in reactor

TOKIO, 21 DEC. De Japanse overheid is vandaag een onderzoek begonnen naar een ongeluk in de snelle-kweekreactor Monju en het achterhouden van informatie daarover door personeel van de installatie. Op 8 december lekte natrium uit het koelsysteem van de reactor waardoor deze moest worden stilgelegd.

Gisteren gaf een functionaris van het verantwoordelijke energiebedrijf, Donen, toe videobeelden van het weggelekte natrium te hebben achtergehouden omdat het hem “gezien de aard van de beelden niet gepast leek deze openbaar te maken”. Donen ontkende destijds dat er meer beelden waren dan de toen al vrijgegeven opnamen.

Het Bureau voor Wetenschap en Techniek van de Japanse overheid, dat belast is met het onderzoek, sluit een strafrechtelijke vervolging van de verantwoordelijke functionarissen niet uit.

Op 8 december raakte de reactor oververhit doordat vloeibaar natrium, dat als koelvloeistof wordt gebruikt, weglekte uit het secundaire koelsysteem. Er bleek een lek in een pijpleiding te zijn waardoor drie ton van het uiterst brandbare materiaal was ontsnapt. De naderhand openbaar gemaakte videobeelden lieten niet de plaatsen zien waar het natrium werkelijk was weggelekt en gaven ook niet aan dat, naar nu bekend is geworden, een stalen plaat onder de pijpleiding geheel was weggesmolten.

Enkele jaren geleden legde een soortgelijk incident de Franse kweekreactor Superphénix lam. Ook hierbij ontstond een natriumlek. Vloeibaar natrium wordt gebruikt als koelmiddel omdat het 'doorzichtig' is voor neutronen. Het is echter brandbaar aan de lucht.

Bij het incident is geen radioactief materiaal vrijgekomen en raakte niemand gewond. Door het ongeluk zijn de protesten tegen het omstreden snelle-kweekprocédé echter nog meer toegenomen. Alleen Japan, Rusland en Frankrijk hebben programma's voor kweekreactoren waarbij splijtbaar plutonium wordt gekweekt uit de isotoop uranium-238, dat normaal grotendeels als 'verarmd uranium' opzij wordt gezet. Natuurlijk uranium bestaat voor 99,3 procent uit dit uranium-238. Door het 'kweken' wordt de uranium zo'n zestig maal beter benut dan met alleen uranium-238 reactoren.

De bouw van Monju begon in 1985 en in de maand augustus van dit jaar bereikte de reactor het kritieke stadium waarbij energie vrijkomt. In juni 1996 zou de reactor op zijn volle capaciteit van 280.000 kilowattuur hebben moeten draaien. Er zijn plannen om een tweede snelle-kweekreactor te bouwen. Bij gebrek aan natuurlijke energiebronnen hecht Japan grote waarde aan kernenergie om zijn onafhankelijkheid te garanderen. Momenteel voorzien achttien kerncentrales Japan van ruim een kwart van de elektriciteitsbehoefte.

    • Hans van der Lugt