Karpov en Kamsky verenigd in Groningen

GRONINGEN, 20 DEC. Een fijne neus voor jong talent en het vermogen om handig in te spelen op de strubbelingen in de internationale schaakwereld. Johan Zwanepol heeft er geen problemen mee als de kracht van het Koop Tjuchem schaaktoernooi aan die pijlers wordt toegeschreven. Ook kan hij het goed hebben als zijn organiseertalent omschreven wordt als positief opportunisme. “Daar sta ik zéér positief tegenover”, beaamt hij volmondig en zonder enige aarzeling.

Zwanepol, die bezig is met zijn 31ste Groningse schaaktoernooi, lijkt het gelijk aan zijn zijde te hebben. Twee jaar geleden sloeg hij zijn slag toen de rebellerende schaakbond PCA van wereldkampioen Gary Kasparov de nodige moeite had om een prachtig bezet kwalificatietoernooi onder dak te brengen. De Groninger opende de deuren van de Evenementenhal en haalde naast de halve wereldtop ook een grote vracht publiciteit binnen.

Dit jaar is hij erin geslaagd om Anatoli Karpov en Gata Kamsky naar Groningen te lokken voor een twaalfkamp. Zij zijn de finalisten van het wereldkampioenschap van de FIDE, die nog steeds geen zekerheid hebben over hun match. Montreal heeft een bod uitgebracht, maar zolang er geen bankgarantie op tafel ligt heeft het voor de spelers weinig zin om zich te verheugen op de in het vooruitzicht gestelde prijzenpot van 1,7 miljoen dollar.

Zwanepol beraamde zijn meesterzet in de zomermaanden. Op zoek naar een derde Russische deelnemer voor zijn toernooi bedacht hij dat hij wel eens garen zou kunnen spinnen bij het isolement waarin FIDE-kampioen Karpov terecht was gekomen. Het gemak waarmee hij Karpov overtuigde en vervolgens de benodigde extra sponsorgelden loskreeg brachten hem op een nog veel mooiere gedachte. Waarom zou hij ook niet meteen proberen Gata Kamsky te contracteren? Die had na zijn verloren PCA-match tegen Anand in het openbaar geen zet meer gedaan. Bovendien klaagde hij op Internet meer dan eens over het uitblijven van uitnodigingen. Ook Kamsky was snel overtuigd en datzelfde gold andermaal voor de Groningse geldschieters. De enige clausule die de FIDE-finalisten bedongen was dat hun contract ontbonden zou worden als hun match voor 10 januari 1996 zou beginnen. Maar die voorwaarde zorgde geen moment voor ongerustheid.

Hoewel Karpov en Kamsky beiden een lastig half jaar achter de rug hebben, waarin zij onafhankelijk van elkaar streden tegen hun gemeenschappelijke vijand Gary Kasparov, kon er moeilijk een groter verschil zijn tussen de manier waarop zij hun tijd vulden. Terwijl de Kamskys in Brooklyn de eenzaamheid van de lange afstandsloper proefden in hun obsessieve voorbereiding op de wk-match, reisde Karpov van hot naar her en schaakte in alle vormen en maten. Voordat hij naar Groningen kwam speelde hij een match van zes rapid-partijen in Varna en won hij het officieuze wereldkampioenschap 2-minutenschaak in Kazachstan. Op de dag van de opening moest hij met een privé-vliegtuig worden opgehaald in Parijs omdat hij in Euro-Disney te gast was geweest bij een jeugdtoernooi.

Misschien verklaarden die verschillende levenstijlen ook voor een deel het verloop van de eerste partij die ze speelden. Karpov moest zich ondanks een voorspoedig verlopen opening hardnekkig verdedigen om laat in de avond remise te maken tegen Ivan Sokolov. Kamsky haalde met een gestroomlijnde slagenwisseling het halve punt vlotjes binnen tegen Svidler, die met wit spelend al snel het gevoel moet hebben gehad dat hij zat te verdedigen.

De vrij onbekende Peter Svidler is niet de minste van de overige tien deelnemers die samen goed zijn voor de gemiddelde rating van 2.652 die het toernooi het niet al te vaak vertoonde predicaat 'categorie 17' opleverde.

Svidler werd een maand geleden, nog steeds tot veler verbazing, voor de tweede keer in successie Russisch kampioen. Vele jaren eerder was de Petersburger al opgenomen in het reservoir van veelbelovende jeugdspelers waar Zwanepol zo graag uit put en blijft putten. Dankzij een respectabele lijst Europese jeugdkampioenschappen in Groningen en optredens als arbiter op menig FIDE jeugdkampioenschap in het buitenland kent hij de namen van de nieuwe beloftes als weinig anderen anderen. Ruim voordat een breder publiek zich voor Svidler begon te interesseren had Zwanepol hem al in de peiling. “Ik werd in 1990 gebeld door Botwinnik die vertelde dat hij weer een groot talent onder zijn hoede had. Of ik geen toernooi voor hem wist. Als 14-jarige speelde Svidler hier voor het eerst in de open grootmeestergroep.”

Gedreven begint Zwanepol te vertellen welke kleine kampioenen ook dit jaar weer in de overige groepen meedoen. Moeiteloos rolt een reeks Russisch klinkende namen over tafel die misschien ooit met terugwerkende kracht onze aandacht zullen verdienen. Voorlopig opereren zij nog in de schaduw van de hoofdgroep. Daar speelde Jeroen Piket met zwart een solide remise tegen Lautier. Loek van Wely nam alleen de leiding. De enige beslissing op de openingsdag was zijn knappe overwinning op de winnaar van verleden jaar, de Hongaarse kampioen Zoltan Almasi.

    • Dirk Jan ten Geuzendam