Kamer: stop zoeken naar schuldigen 'Srebrenica'

DEN HAAG, 20 DEC. Het moet afgelopen zijn met het zoeken naar de schuldigen van het debâcle van het Nederlandse VN-bataljon Dutchbat bij de val van de Bosnische stad Srebrenica in juli dit jaar. De schuld voor wat er misging lag bij de Servische leiders. Tot die conclusie kwam de Tweede Kamer afgelopen nacht in een laatste debat over de affaire Srebrenica.

De positie van de verantwoordelijke ministers, Voorhoeve (defensie) en Van Mierlo (buitenlandse zaken), stond in het debat niet meer ter discussie. Voorhoeve aanvaardde zijn verantwoordelijkheid voor wat er na de val van de Bosnische stad allemaal misging bij Dutchbat en bij de defensie-organisatie in Den Haag.

De woordvoerders van CDA en PvdA, die in de vorige kabinetsperiode aandrongen op het uitzenden van Dutchbat, namen ook hun verantwoordelijkheid daarvoor. Defensiespecialist Valk van de PvdA: “We hebben in 1993 wel degelijk een goede beslissing genomen. Het alternatief was gruwelijk.” Volgens de woordvoerders van CDA en VVD was het debat vooral ook nodig om de militairen van Dutchbat vrij te pleiten. “Zij moeten een goede kerst ingaan”, aldus De Hoop Scheffer (CDA).

Tegen het eind van het debat kwam VVD-woordvoerder Blaauw fors in aanvaring met minister Van Mierlo. Blaauw legde de schuld voor de val van Srebrenica voor een deel bij Van Mierlo. Deze had eerder moeten onderkennen dat de Verenigde Naties de door hen beschermde moslim-enclaves in Oost-Bosnië wilden opgeven en hij had dat tijdig in het kabinet moeten aankaarten. Bovendien zou Van Mierlo hebben nagelaten “een diplomatiek offensief te ontketenen”. Blaauw: “Mij heeft geen enkel bericht bereikt dat voor Nederland en het Nederlandse bataljon een ten minste zo intensieve diplomatieke actie is uitgevoerd als bijvoorbeeld voor het binnenhalen van een post voor een Nederlander.”

Van Mierlo reageerde fel: “Ik moet zeggen dat de heer Blaauw alleen maar flauw heeft getrapt in de richting van Buitenlandse Zaken. Dat is een goedkope truc.” Hij noemde de aanval “beneden de maat, want je kunt je er niet tegen verdedigen”.

Blaauw noemde de uitspraken van Van Mierlo een “clowneske tirade” en bleef erbij dat de minister van buitenlandse zaken “rechtstreeks had moeten interveniëren bij zijn collega's”.

Pagina 7: Van Mierlo weigert verwijt VVD te accepteren

Van Mierlo weigerde het verwijt van VVD-Kamerlid Blaauw te accepteren: “U zegt maar wat. Kunt u misschien iets bedenken dat meer inhoud heeft?” Blaauw accepteerde vervolgens Van Mierlo's mededeling dat hij voortdurend rechtstreeks in contact is geweest met zijn collega's van andere landen om steun te krijgen voor het Nederlandse bataljon in Srebrenica.

In het debat werd verder duidelijk dat minister Voorhoeve de Inspecteur voor de gezondheidszorg heeft ingeschakeld om te beoordelen of de medische staf van het Nederlands bataljon genoeg hulp heeft geboden aan de plaatselijke bevolking. De inspecteur kan zaken voorleggen aan het tuchtcollege. Artsen van Dutchbat in Srebrenica lopen nu het risico zich te moeten verantwoorden voor het Medisch Tuchtcollege. Voorhoeve erkende dat het onderzoeksrapport over de gebeurtenissen in Srebrenica op dit punt in eerste instantie tekortgeschoten is. “Informatie hierover had mij eerder moeten bereiken. Dat heb ik de betrokkenen duidelijk laten weten”, aldus de minister.

Voorhoeve gaf als zijn “persoonlijk oordeel” dat de medische staf van het Duchtbat niet genoeg heeft gedaan voor een moslimvrouw die met drie schotwonden het kamp in Potocari werd binnengebracht. Zij kreeg van de artsen morfine toegediend. Volgens de minister hadden de artsen moeten nagaan of een operatie haar leven had kunnen redden. “De medische capaciteit daarvoor was aanwezig”, aldus Voorhoeve.