Influenzavirus houdt Nederlanders in bed

ROTTERDAM, 20 DEC. Nederland wordt geteisterd door een griepepidemie. Ruim dertig van elke 10.000 mensen hebben vorige week contact met de huisarts gezocht vanwege griepverschijnselen. Waarschijnlijk zijn er drie tot vier keer zoveel mensen ziek in bed gaan liggen en niet naar de huisarts gegaan.

Volgens metingen van het Nationaal Influenzacentrum is begin december een griepgolf over Nederland gespoeld. Aanvankelijk werden vooral het westen en het noorden van het land getroffen, nu is het hele land ongeveer even ziek. Het verloop van de griepgolf wordt voor het influenzacentrum geregistreerd in 66 over het land verspreide huisartspraktijken.

Griep is in de volksmond een verzamelnaam voor infecties door een honderdtal verschillende virussen, waarvan de meeste een korte ziekte met verkoudheid, hoofdpijn of buikpijn en misselijkheid veroorzaken. Enkele daarvan zijn de influenzavirussen die een slachtoffer vaak wel een week in bed houden met buikpijn, spierpijn, koorts en verkoudheid. De kans op secundaire bacteriële infecties van de luchtwegen is groot. Na herstel kan de patiënt zich nog weken slap voelen.

Uit laboratoriumonderzoek van bij patiënten geïsoleerd influenzavirus blijkt dat de griep die nu woedt een A-griep is van het subtype H3N2. De virusvariant lijkt op het virus A/Johannesburg/33/94. Dat is een van de drie virusstammen die dit najaar in het griepvaccin waren verwerkt. Het vaccin biedt dus voldoende bescherming tegen het virus. Dit betekent niet dat gevaccineerden geen griep krijgen, maar de ziekte verloopt bij hen minder ernstig. Vaccinatie tegen influenzavirus moet plaatsvinden voordat het virus rondwaart. Op dit moment heeft vaccinatie geen zin meer.

Het menselijk afweersysteem onderscheidt grofweg drie typen influenzavirus: B, A/H1N1 en A/H3N2. Afweer die wordt opgebouwd tegen de ene stam werkt niet tegen een andere. Het subtype A/Johannesberg/33/94 is in 1994 voor het eerst in Zuid-Afrika bij een patiënt gevonden en is nu in West-Europa gearriveerd.

Vorig winterseizoen is er in Nederland weinig influenza geregistreerd. Pas in maart werden er mensen ziek. Eind 1993 daarentegen waren er meer zieken (50 per 10.000 mensen) dan nu.