Groei van investeringen loopt terug; Bedrijven: minder optimisme voor '96

DEN HAAG, 20 DEC. Het forse optimisme waarmee Nederlandse ondernemers 1995 tegemoetzagen heeft zich niet doorgezet. Het bedrijfsleven heeft nog steeds vertrouwen in de toekomst, maar de verwachtingen voor het komende jaar zijn minder hoog gespannen.

Dit concludeert voorzitter A. Kranendonk van de Vereniging van Kamers van Koophandel op basis van een toonaangevende enquête onder 65.500 bedrijven (60 procent van de in Nederland geregistreerde ondernemingen), die vanmorgen in Den Haag is gepresenteerd. De zogenoemde Erbo-enquête, die dit jaar voor de 22ste keer is gehouden, geeft een beeld van trends en verwachtingen in het Nederlandse bedrijfsleven.

“Grote bedrijven zijn beduidend optimistischer dan kleine bedrijven”, meent Kranendonk. De prognoses van grote bedrijven (meer dan 50 werknemers) voor de omzet, export, winst, werkgelegenheid en investeringen in het komende jaar zijn iets naar boven bijgesteld. Bij kleine bedrijven daarentegen “loopt het export-animo terug en komen investeringen slechts aarzelend tot stand”. Bedrijven met minder dan vijftig werknemers verwachten dat de omzet zich in 1996 zal stabiliseren, maar dat de werkgelegenheid iets zal toenemen.

Uit de enquête blijkt verder dat het zuiden van Nederland het afgelopen jaar een bijzonder gunstige ontwikkeling doormaakte. In het westen daarentegen blijven nagenoeg alle economische indicatoren voor 1995 onder het gemiddelde.

De Vereniging van Kamers van Koophandel verdeelt Nederland voor haar enquête regionale bedrijfsontwikkeling in vier regio's. Voorzitter Kranendonk tekende bij de zwakke ontwikkeling van het westen (de provincies Noord- en Zuid-Holland) aan, dat de positie in vergelijking met 1994 is verbeterd. De groei in de regio Zuid (de provincies Brabant, Limburg, en Zeeland) wordt volgens Kranendonk vooral gedragen door een opleving in de industrie. De index voor het ondernemersvertrouwen - waarin de prognoses van kleine en grote bedrijven voor omzet, werkgelegenheid, winst en omzet meewegen - daalt per saldo met enkele punten. Vorig jaar liet de index na vier opeenvolgende jaren van daling voor het eerst weer een stijging zien.

De naar beneden bijgestelde verwachtingen zijn volgens Kranendonk niet het gevolg van tegenvallende resultaten. “1995 was voor het Nederlandse bedrijfsleven een goed jaar”, constateert hij.

Het Nederlandse bedrijfsleven realiseert dit jaar een omzetgroei van 2,3 procent. Die is vooral te danken aan een toename van de afzet in het buitenland. In volume gemeten nam de buitenlandse omzet toe met 4,5 procent. De volumetoename van de binnenlandse omzet blijft daarbij met 1,6 procent achter.

Vooral exportgerichte sectoren als de landbouw, de industrie, de groothandel en de dienstverlening hebben van de conjuncturele opleving geprofiteerd. Meer binnenlands georiënteerde sectoren als de detailhandel en de bouw hadden met een stagnerende of zelfs teruglopende omzet te maken.

Voor het eerst sinds jaren steeg, aldus de enquête, het aantal arbeidsplaatsen: met 1,6 procent. Ook de investeringen namen in 1995 toe: 4,6 procent.