Bedrijven in Zuid-Nederland dragen meeste bij aan groei

DEN HAAG, 20 DEC. Het bedrijfsleven in het zuiden van Nederland maakte in het afgelopen jaar een bijzonder gunstige ontwikkeling door. In het westen daarentegen blijven nagenoeg alle economische indicatoren voor 1995 onder het gemiddelde. Dit conludeerde voorzitter A. Kranendonk van de Vereniging van Kamers van Koophandel (VKK) op basis van een vanmorgen gepresenteerde enquête onder ruim 65.000 ondernemers.

De VVK verdeelt Nederland voor haar enquête regionale bedrijfsontwikkeling (Erbo) in vier Regio's. Kranendonk tekende bij de zwakke ontwikkeling van het westen (de provincies Noord- en Zuid Holland) aan, dat de positie in vergelijking met 1994 is verbeterd. De groei in de regio Zuid (de provincies Brabant, Limburg, en Zeeland) wordt volgens Kranendonk vooral gedragen door een opleving in de industrie. De sectoren electrotechniek, optische industrie, het transport en uitgeverijen en drukkerijen hebben in de zuidelijke provincies een uitstekend jaar achter de rug. Ook de sectoren groothandel en dienstverlening scoren in het zuiden bovengemiddeld.De groei van de omzetten in het totale Nederlandse bedrijfsleven ging in het afgelopen jaar gepaard met winstherstel. Evenals vorig jaar zal 87 procent van de Nederlandse bedrijven dit jaar met winst afsluiten, maar “de kwaliteit van de winst is toegenomen”, zegt Kranendonk. “De verliezen van de bedrijven met een negatief resultaat zijn per saldo afgenomen en de winsten van de winstgevende bedrijven zijn toegenomen.”

Koplopers onder de winstmakers zijn de bouwbedrijven waarvan 90,9 procent 1995 met een positief rendement zal afsluiten. Hekkesluiter is de agrarische sector waar niet meer dan 82,4 procent van de bedrijven in het afgelopen jaar winst maakte. “Ondanks het forse herstel van de grote winstgevende bedrijven in de agrarische sector blijft de totale sector achter, constateert de VKK.

De winsten brachten, na een tweejaarlijkse periode van dalende werkgelegenheid, voor het eerst weer een toename in het aantal arbeidsplaatsen met zich mee. De werkgelegenheid steeg met 1,6 procent na een afname met 0,2 procent in het afgelopen jaar. Alleen onder de grote industriële ondernemingen signaleren de kamers van koophandel een afname in werkgelegenheid. In de dienstverlening groeide de werkgelegenheid, met 870.000 arbeidsplaatsen Nederlands grootste werkgever, groeide het sterkst, met 2,7 procent.

Ook de investeringen namen in 1995 toe, met 4,6 procent. Ook hier trok het grootbedrijf de kar met een investeringsgroei van 8,1 procent. Kleine bedrijven bleven achter met een toename in de investeringen van niet meer dan 0,8 procent. De sterkste investeerders vindt de vereniging onder de industriële ondernemingen (plus 10 procent), terwijl de detailhandel met een investeringssom zeer terughoudend blijft. De investeringen van deze sector namen in 1995 af met 2,7 procent.

Het CBS verwacht voor dit jaar een toename in de investeringen met 17 procent. Het optimisme waarmee het komend jaar tegemoet wordt gezien verschilt sterk per sector. Onder uitgeverijen, drukkerijen, bedrijven in de basismetaal en de transportbranche zijn de verwachtingen veel hoger gespannen dan vorig jaar. Bij de groot- en detailhandel, maar vooral ook in de agrarische sector blijven de winstverwachtingen voor het komend jaar daarentegen sterk achter.