Lijsttrekkersschap González bij gebrek aan alternatieven in Spaanse PSOE ; De premier offert zichzelf nog eens op

MADRID, 19 DEC. Felipe was moe. Na Spanje dertien jaar te hebben bestuurd meende de premier en partijleider dat de 'sociaaldemocratie' een ander gezicht moest krijgen. Felipe González wilde meer tijd voor zichzelf, zei hij de afgelopen maanden. Maar het bleken schijbewegingen. Gisteren stelde González zich voor de zevende maal in successie beschikbaar voor het lijsttrekkerschap van de Spaanse socialistische arbeiderspartij (PSOE).

Hij doet het voor partij en vaderland, zei hij gisteravond in een ingelast televiesie-optreden voor de staatstelevisie TVE. “Het geeft me geen plezier, maar de opbouw van Spanje blijft een project waartoe ik me aangetrokken voel. Ik heb nu meer ervaring dan bijna twintig jaar geleden. Ik heb ook een duidelijker beeld van wat het land nodig heeft”, aldus de premier.

Na een urenlang beraad besloot de PSOE-top gistermiddag dat González de beste kaarten had om de partij te leiden. Tegen zoveel morele druk bleek de premier uiteindelijk niet bestand, was zijn lezing. Dus schoof hij zijn twijfels en bezwaren alsnog terzijde. “Ik heb niet de intellectuele arrogantie het beter te weten als dertig kameraden iets ander beweren.”

Niet iedereen was even onder de indruk van González' zelfopoffering. “Een vermakelijke vaudeville”, concludeert het dagblad Diario 16. Een groot aantal kranten meent - mèt de politieke oppositie - dat González door middel van een uitgekiende campagne de maximale steun binnen zijn partij heeft vergaard. “Hoeveel jaren roept González nu al niet dat hij moe is?”, aldus Diario 16, die de breed uitgesmeerde twijfel van de premier als “nationaal georganiseerde leuterkoek” naar de prullenbak verwees.

Ook binnen de PSOE is niet iedereen gelukkig met de gang van zaken. Een groep van socialistische intellectuelen en politici heeft González in een open brief gevraagd de politieke verantwoordelijkheid te nemen voor de reeks schandalen die de afgelopen drie jaar zijn regering teisterde: corruptie, vermeende staatssteun aan contra-terreur en nog meer corruptie. Het is tijd voor een nieuwe leider wil de partij niet verzanden in cliëntelisme, angst voor vernieuwing en totalitaire machtsuitoefening, betoogde de groep.

Maar hun schrijven bleek in de 'hofhouding' van de PSOE weinig indruk te hebben gemaakt. Rodríguez Ibarra - regio-president van Extremadura en een van de weinigen die de slachtpartij onder socialistische kopstukken bij de lokale verkiezingen eerder dit jaar wist te overleven - onderstreepte dat er geen crisis is binnen zijn partij. Integendeel, het zijn de anderen: “Politieke en economische machten en sommige perspublikaties spannen zich samen tegen de partij”, aldus Ibarra.

Het kan niet verhullen dat de PSOE de afgelopen maanden geen aanvaardbare alternatieve lijsttrekkers heeft gekandideerd. Eigenlijk kwam alleen voormalig minister van buitenlandse zaken Javier Solana in aanmerking als kroonprins. Maar diens benoeming als secretaris-generaal van de NAVO doorkruiste dat. Alle schandalen van de afgelopen jaren ten spijt klampt het partijkader zich aan González vast als de belangrijkste stemmentrekker. Volgens peilingen zal de PSOE bij de komende verkiezingen haar plaats als grootste partij moeten afstaan aan de conservatieve Partido Popular (PP). Maar kennelijk is zij bang om zonder González nog meer averij op te lopen.

De premier heeft de afgelopen weken een paar publicitaire meevallers gehad: Solana's benoeming bij de NAVO was uiteraard een Spaans succes. En het succes van de gladjes verlopen topontmoetingen van de Europese Unie in Madrid straalde natuurlijk af op de staatsman González.

Ook aan het schandalenfront wist de getergde premier het lot gunstig te stemmen. Zonder dat het overigens tot een grondig justitieel onderzoek kwam, wist de regering met succes te suggeren dat samenzweerders gepoogd hebben het kabinet ten val te brengen. Alle schandalen zouden daarbij doelbewust in het leven zijn geroepen. Ook de GAL-affaire, de zaak van de met overheidssteun opererende doodseskaders tegen de ETA, lijkt in rustiger vaarwater gekomen nu de parlementaire enquète is afgelast - na succesvol manoeuvreren van de PSOE.

Het jongste terreur-offensief van de ETA, dat tot dusverre zeven burgerslachtoffers heeft geëist, maakt het animo om de GAL te onderzoeken niet groter. Voorlopig is voormalig minister van binnenlandse zaken José Barrionuevo de hoogste gezagsdrager die zich deze dagen voor de rechter moet verantwoorden voor mogelijke samenwerking met de doodseskaders. Uitgerekend gisteravond, nadat zijn persoonlijke vriend de premier zich andermaal verkiesbaar had gesteld, werd de vroegere bewindsman een hart onder de riem gestoken. Bijna achthonderd sympathiserende partijleden, verenigd in het 'Burgerplatform uit solidariteit met Barrionuevo', kwamen bijeen om tot diep in de nacht in een bekend Madrileens restaurant een diner te genieten ter ere van de verdachte. Aanwezig was ondermeer Carmen Romero, de echtgenote van de premier. González zelf at overigens elders.