Kamer achter concurrentie bij het spoor

DEN HAAG, 19 DEC. Vanaf 1998 komt er concurrentie op het spoor. Dit werd gisteren duidelijk tijdens het afrondende debat over de verzelfstandiging van de Nederlandse Spoorwegen, waarmee een meerderheid in de Tweede Kamer instemt.

Het 'ja' van de Kamer volgde op een brief van minister Jorritsma (verkeer en waterstaat), waarin zij afgelopen vrijdag een aantal voorstellen deed op het gebied van tarieven, onrendabele lijnen en consumentenbescherming. De regeringsfracties PvdA, VVD en D66 noemden deze voorstellen gisteren “verdedigbaar en werkbaar” (Van Gijzel, PvdA) en “een brief die de kou uit de lucht heeft gehaald” (Van 't Riet, D66). Vorige week maandag liep het debat nog vast, omdat de Kamer van de minister meer zekerheid over de toekomst van de onrendabele lijnen wilde.

In de brief schrijft Jorritsma dat aan de onrendabele lijnen de komende twee jaar niets verandert. Daarna wordt een aantal ervan op regionaal niveau openbaar aanbesteed. Verder heeft de minister in samenspraak met de NS maxima vastgesteld voor de prijzen van de treinkaartjes. “Met redenen omkleed” en “in overleg met de minister” mag daarvan worden afgeweken. Ten slotte memoreert Jorritsma in de brief dat zij al eerder had aangekondigd de consumentenbescherming wettelijk te zullen regelen.

Rosenmöller (GroenLinks) wees erop dat in de brief nauwelijks enige concessie is gedaan. Hij haalde uit naar de PvdA, die volgens hem “een nederlagenstrategie” heeft gevolgd. PvdA, maar ook D66, hebben zich de afgelopen weken sterk gemaakt voor de onrendabele lijnen, die in hun optiek zoveel mogelijk allemaal intact moesten blijven.

Van de regeringsfracties hebben alleen de liberalen steeds concurrentie bepleit. Remkes (VVD) zei gisteren 'blij' te zijn met de brief van Jorritsma, omdat “de minister ons nu heeft gerustgesteld voor wat betreft de concurrentie, waarvan we even bang waren dat die niet tot stand zou komen”.

Onduidelijk is nog waar het geld vandaan moet komen voor het instandhouden van alle onrendabele lijnen tot medio 1998. Jorritsma, daarin gesteund door de VVD, vindt dat het mogelijk moet zijn dit te betalen met geld dat toch al voor de NS was bestemd, bijvoorbeeld in de vorm van investeringen in infrastructuur. PvdA en D66 hebben daar moeite mee.

Ook zeiden deze twee fracties de afgesproken maxima voor de tariefstijgingen “aan de hoge kant” te vinden. Minister Jorritsma wees erop dat het niet waarschijnlijk is dat de NS van die maxima gebruik zal maken. “Het bedrijf heeft er alle belang bij zoveel mogelijk klanten te lokken. Dat doe je niet met forse tariefstijgingen.” Morgen, de laatste dag voor het kerstreces, stemt de Tweede Kamer over de verzelfstandiging.