Het Staatsballet uit Oefa op tournee met De Notekraker; Dansen met een naïeve ernst

Het staatsballet van Oefa. Voorstelling: De Notekraker; choreografie: Joeri Grigorovitsj; muziek: Peter Iljitsj Tsjaikovski. Gezien: 14 dec. Theater De Lievekamp, Oss. Tournee t/m 14 jan. Inl 010-5923155.

Jarenlang trok het Scapino Ballet in de weken rond Kerstmis door het land met het sprookjesballet De Notekraker. Armando Navarro's spirituele produktie van dit kerstballet bij uitstek kon rekenen op een enthousiast onthaal en vulde dan ook moeiteloos de zalen. Toen het gezelschap twee jaar geleden besloot het werk niet meer uit te voeren omdat het niet langer in het artistiek beleid paste, werd dat terecht door velen betreurd.

Een nieuw gezelschap - het Ballet van het Zuiden - wilde het ontstane gat in de markt opvullen met gebruikmaking van Navarro's choreografie. Het mocht niet zo zijn. Hoewel zo'n dertig voorstellingen geboekt waren en er al weken druk was gerepeteerd, bleken uiteindelijk noch genoeg gelden, noch genoeg mannelijke dansers te vinden. In een laat stadium werden de voorstellingen afgezegd. Als redder in de nood bood het Staatsballet uit Oefa zich aan met hún Notekraker.

Het gezelschap uit Oefa, de hoofdstad van de Russische republiek Bashkortostan, heeft sinds dit jaar nauwe betrekkingen met Joeri Grigorovitsj, de man die vorig jaar werd ontslagen als artistiek directeur van het Bolsjoi Ballet. Zo studeerde hij in Oefa zijn, nog voor het Bolsjoi gemaakte, produktie van De Notekraker in met dezelfde decors en kostuums.

Grigorovitsj is een choreograaf die werkt en denkt vanuit de klassieke ballettraditie. De gestileerde schoonheid en precisie van harmonische bewegingen staan voorop, uitdieping van karakters, menselijke gedragingen of een verhaallijn hebben nauwelijks zijn belangstelling. Het moet allemaal verfijnd, verheven, vertrouwd en liefst virtuoos zijn.

De Notekraker waarmee het Staatsballet nu door het land trekt, is daarvan een goed voorbeeld. Het is alsof je bladert in een ouderwets sprookjesboek. Dat heeft een bepaalde charme, zeker omdat de jonge dansers van deze groep een naïeve ernst uitstralen die we in het Westen nauwelijks meer kennen. Er zitten een paar ongewone en aardige aspecten in Grigorovitsj' versie: de Notekraker waarmee het kleine meisje Clara (in deze versie Masja geheten) haar avonturen beleeft, is in het begin niet het groteske houten speeltje waarmee je noten kraakt, maar een door een danser vertolkte pop (heel goed gedaan door de kleine Klara Ismagilova). Er wordt redelijk tot goed gedanst, heel gedisciplineerd maar zeker niet zo virtuoos als je van 'Russen' zou verwachten.

In de hoofdrollen die ik zag (er wordt met twee alternerende bezettingen gewerkt), was de Masja van Helena Fomina lieflijk, de prins van Airat Fatkhelislamov galant en prinselijk, en de Drosselmayer, de tovenaar die alle dromen veroorzaakt, van Airat Khakimov springerig en elegant. Een plezierige voorstelling die terecht door een breed publiek geapprecieerd zal worden, maar de echte balletkenner zal er niet opgewonden door raken.