Boeken uit bezit van W.F. Hermans op de veiling

Veiling van boeken uit de collectie W.H. Hermans. Op 20 december bij Van Gendt Book Auctions, Brandewijnsteeg 2, Amsterdam. Kijkdagen t/m 17 december van 10-16u.

AMSTERDAM, 16 DEC. Met een roze kleurpotlood heeft W.F. Hermans de aantekeningen in de marge van de pagina's gekrabbeld. Het verhaal heet 'Andante con moto', werd geschreven door H. van Galen Last en verscheen in 1946 in het literaire tijdschrift Criterium. Vooral met dat laatste moet Hermans niet erg gelukkig zijn geweest. In zijn exemplaar van Criterium waarin het verhaal staat wemelt het van het roze - hatelijkheden, schamperingen en soms uitdrukkingen van oprechte minachting. Bij een passage waarin Van Galen Lasts hoofdpersoon indringend door een vrouw wordt aangekeken - een voorval dat de ik-figuur zich naar eigen zeggen nog jaren blijft herinneren - schrijft Hermans: 'over een zo onbenullig voorval zou ik ook maar niet 2 jaar nadenken'. Bij de mededeling 'wij moesten kompassen en vitaminetabletten als proviand meenemen': 'Smakelijk eten van die kompassen'. En ook in de rest van de tekst blijkt Hermans geen liefhebber van Van Galen Lasts proza: 'kom, kom' staat een paar keer in de marge, en 'luchtballon'.

De zes gebonden delen Criterium uit de jaren '45 tot '48, waarin ook 'Andante con moto' te vinden is, vormen het pronkstuk van de veiling die Van Gendt Book Auctions op 20 december houdt uit de nalatenschap van de dit jaar overleden schrijver W.F. Hermans. In totaal omvat de veiling 72 kavels met zo'n vierhonderd boeken uit de privé-collectie van de schrijver. Tot dat moment liggen de werken nog opgeslagen in het magazijn van Van Gendt, een flinke, met boekenkasten gevulde ruimte op feestzaalformaat, die voor een bibliotheek zou kunnen doorgaan als alle aanwezige boeken niet met dikke elastieken in stapeltjes waren gebonden.

Volgens H. Tijenk van het veilinghuis is de collectie door de weduwe Hermans aangeboden bij Kok in Amsterdam, een antiquariaat waaraan Van Gendt is gelieerd. “Kok heeft de grote bulk gehouden”, vertelt hij. “Duizenden en duizenden boeken, die varieerden van pockets tot grote wetenschappelijke werken. Wij hebben een selectie gemaakt uit de werken met een zekere curiositeits- en handelswaarde, waarin Hermans een handtekening heeft gezet, aantekeningen heeft gemaakt of die anderen aan hem hebben opgedragen.”

De pakketjes boeken die op de veiling zullen worden aangeboden moeten volgens het veilinghuis tussen de 80 en 800 gulden opbrengen. Het minst wordt verwacht van kleine kavels als 'nummer 1186, Collectie Wijsbegeerte' of 'nummer 1152, Collectie van negen Franstalige werken', stapeltjes boeken waarin alleen Hermans' handtekening of blindstempel staat. Hogere verwachtingen heeft Van Gendt van een aantal boeken van Wittgenstein met aantekeningen van Hermans (tussen de 200 en 250 gulden) en de collectie Criterium, waarin naast 'Andante con moto' onder meer Hermans' verhaal 'Paranoia' te vinden is en een gedeelte uit zijn roman De tranen der acacia's - beide met aantekeningen van de schrijver. Dit kavel moet tusen de 600 en 800 gulden opbrengen.

Wie door de boeken bladert - gezamenlijk bijna twee boekenkasten vol - ziet dat Hermans zijn kritische reputatie ook in zijn privé-aantekeningen al waarmaakte. “Deze slappe Du Perron-imitatie smaakt zoals kauwgom waar een ander al uren op gesabbeld heeft waarschijnlijk smaak,” schrijft hij bijvoorbeeld op het schutblad van Ik ben niets veranderd van J.J. Peereboom (1978), en “Wie dit soort onzin leest, kan, omdat de tijd van boos worden voorbij is, alleen maar ongeduldig en verdrietig worden,” bij Teilhard de Chardin van B. Delfgaauw.

Behalve veel cynische en hilarische opmerkingen bieden de aangeboden kavels ook kleine mogelijkheden tot uitbreiding van de Hermans-studie - al blijven de opmerkingen ook hier vaak steken in sarcasme. Zo noteerde de schrijver op de schutbladen van Nietzsche's Werke in Drei Bänder onder meer: “Nietzsche even onbruikbaar voor het dagelijks leven of de politiek als Jules Verne voor de techniek.” En: “De onderstrepingen bij Nietzsche maken de indruk of hij zeggen wil: Kijk mij eens! Ik durf toch maar wat te zeggen!”

Omdat Hermans de gewoonte had de nummers van de pagina's waarop hij aantekeningen maakte op het schutblad van een boek te vermelden, is het voor toekomstige Hermans-vorsers tamelijk eenvoudig zijn opmerkingen op te zoeken. Vaak blijken het dan kleine correcties, vraagtekens of uitroeptekens, maar soms leveren die kreten ook een kleine parel op, zoals de volgende opmerking, in Le surréalisme van Yves Duplessis (1953), waarmee ook Reve-fanatici blij kunnen zijn: “v.h. R. is iemand die hoofdpijn heeft en zijn hoofdpijn als heilige waarheid beschouwt”, krabbelt Hermans. “Ik daarentegen neem aspirine als ik hoofdpijn heb.”