Cor's campagne

De Nederlandse reclame- en marketingwereld heeft haar oordeel over het vroeger verguisde Philips pijlsnel bijgesteld. Nederlandse marketeers vinden Philips een 'dynamisch bedrijf met een frisse uitstraling en nieuw elan'. De marketingorganisatie Nima reikte gisteren haar jaarlijkse prijs uit aan Philips-president Jan Timmer.

Het kan verkeren. In september betitelden reclamemakers de nieuwe Philips-campagne 'Let's make things better' als “desastreus” voor de onderneming en “naïef, zonder boodschap, kinderachtig en lelijk”. De wereldwijde slogan was bedacht door managers zonder kennis van verfijnde maketingtechnieken. Philips stelde zich met de claim 'Let's make things better' bloot aan 'tegenslogans' van de concurrentie, zo oordeelden gerenommeerde reclamemakers.

De kansen van bestuurder Cor Boonstra, het brein achter de campagne, om Timmer op te volgen zouden zienderogen afnemen door deze risicovolle campagne. Maar nu, drie maanden later, omschrijft Philips de campagne als een succes. En het concern maakte vorige week bekend dat Boonstra volgend jaar Timmer zal opvolgen en dus op de affiches van Philips zal prijken.

Philips werkte vroeger met honderden reclamebureau's, maar heeft voor 'Let's make things better' slechts twee, het Franse Euro RSCG (onder de cliënten Citroën en Procter & Gamble) en het Amerikaanse DMB&B (Mars, Fiat), uitverkoren. De opwinding van reclamemakers over de nieuwe campagne van Philips, dat jaarlijks miljarden besteedt aan reclame, was dus niet geheel ontbloot van broodnijd. Maar de kritiek op de Philips-campagne sneed wel degelijk enig hout en het elektronicaconcern oogst nu wel erg gemakkelijk roem bij marketeers, kennelijk verblind door de peptalk van het concern. De echte test in marketing moet nog worden afgelegd; is Boonstra's campagne bestand tegen 'better is not good enough'.