Bundesbank verlaagt rente

BONN, 15 DEC. Voor de derde keer dit jaar heeft de Duitse Bundesbank gisteren de rente verlaagd. Het disconto zakt van 3,5 naar 3, de lombardrente van 5,5 naar 5 procent. De Duitse rente bereikt daarmee de laagste stand sinds juli 1988. De Duitse regering, de bankwereld en werkgevers en vakbonden hebben instemmend gereageerd op de niet overal verwachte stap van de Duitse centrale bank.

Eerder deze week hadden SPD-voorzitter Oskar Lafontaine en IG-Metallchef Klaus Zwickel maar ook vertegenwoordigers van banken en werkgeversorganisaties aangedrongen op een verdere verlaging van de rente. Op een pleidooi daarvoor, maandag, van Lafontaine had de centrale bank nog koeltjes gereageerd met een verwijzing naar de toch al lage reële rente (3,5 procent minus een inflatie van 1,8). Gisteren sprak bankpresident Hans Tietmeyer kritisch over “het opgewonden debat van de afgelopen dagen”.

Volgens Tietmeyer heeft de renteverlaging niets te maken met politieke druk uit binnen en buitenland en is zij evenmin bedoeld als stimulans voor de stagnerende Duitse conjunctuur. Zij moet allereerst een ruimere groei van de geldhoeveelheid in Duitsland dienen, zei hij na de laatste bijeenkomst van de Zentralbankrat van dit jaar.

Op die bijeenkomst wordt traditioneel de gewenste norm voor de geldgroei in het komende jaar bepaald. Die heeft de Bundesbank gisteren voor 1996 gesteld op een corridor tussen 4 tot 7 procent. Over 1995 gold voor deze zogeheten M3 een percentage 4 tot 6. Voor het geldgroeidoel van de Bundesbank tellen onder meer mee: de hoeveelheid contant geld die in omloop is, girale tegoeden en 'kortlopend' termijn- en spaargeld op bankrekeningen. Voor 1996 gaat de Bundesbank uit van een economische groei van 2 procent, een “onvermijdelijke” inflatie van maximaal 2 procent en een teruggang van de omloopsnelheid van de D-mark met 1 procent. Daaruit resulteert een gemiddeld M3-doel van 5,5 procent, legde Tietmeyer uit.

Ondanks de tegengestelde verklaringen namens de Bundesbank reageerde de Duitse regering gisteren alsof voor de rentedaling wèl conjuncturele motieven hadden gegolden. Minister Theo Waigel (CSU, financiën) verwelkomde het nieuwe M3-doel als volledig passend bij de eisen voor de toetreding tot de Europese economische en monetaire unie (EMU). Bovendien heeft de centrale bank er met deze norm en de renteverlaging voor gezorgd dat de conjunctuur door ruimere liquiditeit wordt versterkt, zei hij.

Gisteren had de centrale bank in haar jongste maandbericht nog gewaarschuwd dat de stijging van het financieringstekort en de staatsschuld ertoe zou kunnen leiden dat de Bondsrepubliek straks niet aan de EMU-criteria voldoet en dat er daarom stevig op de overheidsuitgaven moet worden bezuinigd.