Congres VS wil tv met een chip tegen geweld

WASHINGTON, 14 DEC. Nieuwe televisietoestellen moeten voorzien worden van een chip, waarmee ouders kunnen zorgen dat programma's met veel geweld niet te zien zijn. De Amerikaanse Senaat en het Huis van Afgevaardigden hebben overeenstemming bereikt over de invoering van deze zogenoemde V-chip (de V staat voor violence, het Engelse woord voor geweld). Ze willen de regeling opnemen in een telecommunicatiewet, die eind dit jaar of begin volgend jaar aan president Clinton zal worden voorgelegd.

Als de regeling van kracht wordt, moeten omroeporganisaties en programmaproducenten binnen een jaar een keuringssysteem opzetten. Slagen zij daar niet in, dan zal de federale overheid richtlijnen opstellen. President Clinton heeft eerder dit jaar al te kennen heeft gegeven voorstander te zijn van de V-chip. Gewelddagige programma's zullen van een code worden voorzien, die maakt dat alleen toestellen die daarop zijn afgesteld de ondertiteling weergeven.

Sommige televisiemaatschappijen hebben gezegd dat de regeling neerkomt op overheidscensuur. Procenten van televisies hebben bezwaar tegen de bemoeienis van de overheid met de technologische mogelijkheden die zij hun klanten aanbieden.

Andere bezwaren zijn van meer praktische aard. Hoeveel geweld is teveel? Is elke Popeye-film taboe, of moet de grens worden getrokken als er bloed vloeit? Bovendien: voor alle televisies in Amerikaanse gezinnen vervangen zijn door een tv met V-chip zijn we zeker tien jaar verder. En zelfs als ieder toestel zo'n chip heeft, is het nog maar de vraag hoeveel ouders er gebruik van zullen maken. Ten slotte is een probleem dat kinderen vaak handiger met moderne technologie omgaan dan hun ouders, zodat het goed mogelijk is dat velen de belemmering toch weten te omzeilen.

Het plan voor de V-chip is afkomstig van de Democratische Afgevaardigde Edward J. Markey, uit Massachusetts, en stuitte aanvankelijk op verzet van de Republikeinen in het Congres. Deze zagen er een inbreuk in op het beginsel van de vrije markt. Maar het idee bleek goed te vallen bij organisaties van ouders en in de onderwijswereld. De Republikeinen, die dikwijls pleiten voor de waarden van het gezin en wier leider in de Senaat, Robert Dole, herhaaldelijk geweldadige films uit Hollywood heeft gehekeld, sloten zich ten slotte bij het plan aan.

In de Verenigde Staten bestaat een betrekkelijk nauwkeurig systeem voor classificering van bioscoopfilms. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen films die voor alle leeftijden toegankelijk zijn, films waarvoor ouderlijke begeleiding gesuggereerd wordt, films waarbij ouders ernstig gewaarschuwd worden dat onderdelen ongeschikt kunnen zijn voor kinderen onder de dertien, films die alleen toegankelijk zijn voor kinderen onder de zeventien als er een ouder of begeleider bij is, en ten slotte films die helemaal niet toegankelijk zijn voor kinderen onder de zeventien.