Acht redenen waarom Nederlanders tegen de 'euro' moeten zijn

Op hun topberaad in Madrid moeten de Europese regeringsleiders dit weekeinde de laatste knopen doorhakken over de invoering van een Europese munt. Uitstel zit er niet meer in. Toch moet dat er beslist komen, meent Michiel Bicker Caarten. De 'euro' is namelijk een slecht idee, en bovendien helemaal niet nodig.

Vrijdag begint in Madrid een belangrijke Eurotop: premier Kok en de andere regeringsleiders van de vijftien EU-landen gaan bepraten hoe de laatste fase van de overgang naar een monetaire unie moet worden geregeld. Die moet volgens het Verdrag van Maastricht over drie jaar al plaatsvinden.

Tot nu toe klampen de Euro-leiders zich vast aan hun tijdschema. Dat is niet verwonderlijk: ten minste vier van de vijftien hebben destijds zelf hun eigen handtekening in de vuistdikke verdragen van Maastricht gekrabbeld. Premier Kok (als minister van financiën), Felipe Gonzalez, John Major en natuurlijk Helmut Kohl zelf.

Toch moet er uitstel komen, en niet slechts voor een paar maanden. In de belangrijkste landen van Europa zijn al meerderheden van de kiezers tegen monetaire unie. In Engeland natuurlijk, maar ook in Duitsland is tweederde van de bevolking tegen het inruilen van de Deutschmark voor de 'euro'. In Frankrijk was krap 51 procent voor de EMU bij het referendum een paar jaar geleden; de balans kan de afgelopen weken best zijn doorgeslagen naar de andere kant. Maar in Nederland is nog steeds geen politicus te horen die pleit voor uitstel, laat staan afstel. Daarom hier nog maar eens de argumenten op een rij gezet. 1. De gulden wordt zwakker. De gulden en de Duitse mark zijn de sterkste munten van Europa geworden doordat de centrale banken van die twee landen een streng anti-inflatiebeleid hebben gevolgd. Dat beleid is een van de grote succesverhalen van de afgelopen tien jaar geworden. Nadat iedereen het erover eens werd dat kapitalisme beter werkt dan socialisme (of liever: centralisme), groeide in de late jaren tachtig de consensus dat lage inflatie op de lange termijn beter is voor de welvaart. Engeland, Italië, Spanje - al die landen hebben toegegeven dat de Duitsers gelijk hebben (en dus ook de Nederlanders), en beloofd dat ze voortaan hun economieën op de Germaanse manier zullen leiden. Dat is de essentie van de EMU: het gebeurt op de Duitse manier, of het gebeurt niet.

Maar als de Europese en Monetaire Unie er komt, zullen die Duitse en Nederlandse centrale banken moeten toelaten dat anderen gaan meesturen. Duitsland kan wel de regels neerzetten, maar zal - om de anderen mee te krijgen - water bij de wijn moeten doen. Fransen, en misschien zelfs wel - wat God verhoede - Engelsen aan het monetaire stuur. Engelsen, die tot nu toe bij elke naderende verkiezing de belasting verlaagden, zo de inflatie opjoegen en vervolgens daarvoor de prijs moesten betalen door hun munt te devalueren. Ter herinnering: het pond was 25 jaar geleden vier keer zoveel waard als nu.

Maar iedereen zal zijn economie toch Duits moeten leiden - dat staat toch in het Verdrag van Maastricht? Oh ja? Waarom heeft de Duitse minister van financiën Theo Waigel dan in september plotseling strengere toelatingseisen gesteld, en hamert hij er nu op dat na de eenwording er voortdurende controle moet zijn? Hij ziet ook wel dat de weg van de minste weerstand o zo verleidelijk is voor politici. 2. De EMU is rigide. En de toekomst is onzeker. Zou het misschien zelfs mogelijk zijn dat landen die een in Nederlands en Duitse ogen volstrekt “onverantwoordelijk” beleid voeren, misschien blijken gelijk te hebben? Engeland en de Verenigde Staten, die voortdurend hun munt devalueren, hebben werkloosheidscijfers van respectievelijk 8,1 en 5,5 procent, tegen 7 en 9,2 voor Nederland en Duitsland. Of de 'onverantwoordelijke' landen gelijk krijgen is nog niet duidelijk. Maar daar gaat het niet om. De Europese munt is gefundeerd op het dogma van inflatiebestrijding; en misschien is dat wel de verkeerde manier om je economie te leiden in de 21ste eeuw. In ieder geval is het fout om rigide te zijn: wat doe je als er oorlog komt? Dan geef je toch geen moer meer om inflatie? Dat brengt ons op het volgende argument. 3. De EMU ontneemt Nederlanders het recht om hun eigen toekomst te bepalen. Het simpelste voorbeeld: als op een gegeven moment de werkloosheid tot gigantische sociale onrust leidt, en een regering besluit om werkgelegenheid op de korte termijn voorrang te geven boven een lage inflatie - staat ze machteloos. Keynesiaans geld pompen in de economie is niet langer toegestaan. Premier Kok kan nu nog president Duisenberg van de Nederlandsche Bank ieder moment bij zich roepen en zeggen: sorry, maar nu is het uit met die sterke gulden; het landsbelang gaat voor. Dat kan hij bij de Centrale Europese Bank in Frankfurt niet meer doen. 4. De EMU is nergens voor nodig. Waarom wilden we ook alweer een Europese munt? Omdat het toeristen en bedrijven geld bespaart. Welnu, dat geld dat nu wordt verloren door die toeristen en bedrijven wordt verdiend door de banken, en blijft dus grotendeels in Europa. We willen ook monetaire unie omdat het een essentieel onderdeel is van een Politieke Unie. Maar waarom moeten we een politieke eenheid worden? Omdat we anders blijven kissebissen, en misschien zelfs wel weer in oorlog vervallen, is het antwoord. Maar waarom zouden we het opeens met elkaar eens worden als we allemaal een stukje onafhankelijkheid inleveren? Volwassen landen werken samen als ze daar allebei voordeel in zien; en dat verandert niet door ze plotseling tot 'Unie' te bombarderen. Je moet het inhoudelijk eens zijn, de vorm doet er niet toe. 5. De EMU leidt de aandacht af van wat echt belangrijk is. Wat echt belangrijk is, is een gemeenschappelijke markt voor goederen, diensten en mensen. Daarmee zijn we een heel eind op weg, en de voordelen zijn voor iedereen duidelijk. Als we daar nu eens op zouden concentreren, dan zou misschien voor meer mensen duidelijk worden waarom Europese Unie voordelen kan opleveren. Dat zou het een stuk makkelijker maken om monetaire unie te verkopen. Zoiets moet organisch groeien, niet van bovenaf worden opgelegd. Het doordrukken van monetaire unie leidt ook de aandacht af van een politiek veel hoger prioriteit: toelating van de Oosteuropese landen. Hoe sneller die meedoen in de vrije markt, hoe sneller hun welvaart zal groeien. Dat is ook in het belang van West-Europa. 6. Geen zinnig mens geeft een auto aan een puber zonder rijbewijs. Waarom geven we ons geld dan wèl aan Brussel in beheer? Er valt nog genoeg te verbeteren aan de EU. De geldsmijterij in de landbouwsubsidies, de verspilling van het Europees Parlement dat heen en weer reist tussen Brussel en Straatsburg, de corruptie die ieder jaar weer trouw wordt opgetekend door de Europese Rekenkamer, het gebrek aan parlementaire controle. Waarom moet een instituut dat zijn eigen huis nog niet in orde heeft, de zeggenschap krijgen over ons geld? Zolang de EU niet in staat is om het Europees Parlement uit Straatsburg te halen, verdient ze niet de beheerder van de Europese munt te worden. 7. De EMU bevordert centralisme. We hadden toch moeten leren van het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. Waar mensen steeds beter geïnformeerd en steeds mondiger worden, wordt het steeds moeilijker om ze te besturen. Regels moeten worden uitgelegd, verdedigd, en hoe dichter dat bij de betrokkenen gebeurt hoe groter de kans op consensus. Centralisme hoort bij een feodale tijd, niet in een informatiemaatschappij. 8. De EMU leidt tot hogere belastingen, draconische bezuinigingen, of gesjoemel met de boeken. De Nederlandse overheidsschuld is ruwweg 80 procent van het Bruto Nationaal Produkt (BNP) - de norm is 60 procent. Om de schuld in drie jaar terug te brengen zal òf de economie met zeven procent per jaar moeten groeien, òf de regering zal de komende jaren de begroting niet alleen in evenwicht moeten brengen - maar zelfs drie jaar lang een overschot moeten boeken om een kwart van de totale overheidsschuld af te betalen (terugbrengen van 80 naar 60 procent van BNP). De economie zal niet zo snel groeien, dat is veilig aan te nemen; en overschotten boeken, wel, dat is iets dat we bijna verleerd zijn. De regering zegt dat als het spaargeld van de ambtenarenpensioenfondsen wordt meegerekend, de overheidsschuld ruim onder de 60 procent-norm is. Het is de vraag of het Verdrag van Maastricht die rekenmethode toestaat; het Verdrag is op een hoop punten vaag, dus het is goed mogelijk. Maar dan houden we onszelf voor de gek: het doel van de criteria was toch om verantwoordelijk beheer van de openbare financiën aan te moedigen, niet om prijzen uit te reiken voor creatief boekhouden.

Overhaaste monetaire unie leidt of tot hogere belastingen (zoals in België), of tot verlaging van sociale voorzieningen (zoals in Frankrijk), of tot gesjoemel - en in het geval van Nederland, misschien zelfs wel tot alledrie.

Dan zijn er nog enkele drogredenen die worden aangevoerd om de EMU door te drukken. De EMU helpt de zwakke broeders hun economie op orde te brengen. Dus eigenlijk moeten we al die tijd en energie steken in het gevecht voor een gemeenschappelijke munt, niet om die munt in te voeren, maar omdat slapjanussen in Italië zelf hun zaakjes niet op orde kunnen brengen zonder hulp van ons? Als ik Italiaan was zou ik me hoogst beledigd voelen. Staten hebben toch al geen soevereiniteit meer over hun financiële beleid. Italië, Spanje, Zweden en Engeland werden in 1992 gedwongen om te devalueren omdat internationale beleggers hun munten massaal verkochten. Ze deden dat omdat ze geen vertrouwen hadden in het financiële beleid van die landen; ze functioneerden dus eigenlijk als 'Internationale Financiële Politieman' en overheden van die landen hadden niets in te brengen. Dus, is de redenering, het maakt niets meer uit of je de bevoegdheid om de rentestand te bepalen overgeeft aan Frankfurt - je was hem toch al kwijt.

Die vlieger gaat ook niet op: als je 'vecht' tegen de financiële markten, heb je altijd nog zelf je lot in handen; als je de bevoegdheid overgeeft aan de centrale bank van Frankfurt, deel je je soevereiniteit met 14 andere landen.

Je kunt de redenering ook gebruiken als pleidooi voor uitstel:

Fijn, de financiële markten zorgen al voor discipline; waarom zouden we ons dan nog sappel maken over monetaire unie? De EMU is onze beste kans om Duitsland onder de duim te houden. Als we deze kans niet aangrijpen wordt Duitsland het machtigste land van het continent, en dat wekt alleen maar weerzin, en misschien zelfs wel weer oorlogen. Dit argument is voor Duitsers - die zo langzamerhand toch niet meer hoeven te bewijzen dat ze zich kunnen gedragen - maar het is ook onlogisch. Immers, waarom gebeurt de hele overgang naar de Europese munt op Duitse voorwaarden? Waarom krijgt Waigel gehoor als hij zegt dat er extra strenge voorwaarden moeten worden gesteld? Waarom wordt iedere halve zin van Hans Tietmeyer, de Duitse centrale bankier, op een goudschaaltje gewogen. Omdat er zonder Duitsland geen monetaire en geen politieke unie kan zijn. Dus Duitsland moet worden behaagd - en dat is eenvoudigweg omdat Duitsland het rijkste en machtigste land van Europa is. Daar helpt geen lieve moedertje, en zeker geen lieve euro, aan.