Voor toelating tot EMU; Eerste Kamer: extra beperking staatsschuld

DEN HAAG, 13 DEC. De regeringsfracties VVD, PvdA, D66 en oppositiepartij CDA pleiten voor een extra reductie van de staatsschuld in deze kabinetsperiode. Over de manier waarop zo'n extra schuldreductie moet plaatsvinden verschillen de fracties.

Dat bleek gisteren en vandaag tijdens de algemene financiële beschouwingen in de Eerste Kamer. Een meerderheid van de fracties is een groot voorstander van Nederlandse deelname aan de Economische en Monetaire Unie (EMU). Alleen de kleine christelijke partijen en GroenLinks maakten bezwaar tegen de strenge EMU-criteria. Het begrotingstekort mag bijvoorbeeld niet hoger zijn dan drie procent van het bruto binnenlands produkt (bbp) en voor de staatsschuld geldt een maximum van zestig procent van het bbp. Dit jaar bedraagt de EMU-schuldquote 78,7 procent, voor volgend jaar wordt een daling voorzien naar 78,4.

De vroegst mogelijk ingangsdatum voor de derde fase van de EMU is 1 januari 1999. De beslissing over toelating tot de derde fase gebeurt op basis van de tot en met 1997 gerealiseerde beleidsuitkomsten. De fracties van VVD, PvdA, D66 en CDA zijn eensgezind in hun opvatting dat Nederland niet de kans moet laten lopen om in 1999 het toegangsbewijs tot de EMU te verdienen. Zij riepen VVD-minister Zalm (financiën) op meer werk te maken van het terugdringen de staatsschuld. Zalm is niet pessimistisch. “Wij kunnen ons ook kwalificeren als wij de politieke wil hebben.” Bij een bbp-groei van 4 procent daalt de schuldquote met 3 procentpunten per jaar. En voor het overige: “geduld tot volgend jaar”, aldus Zalm.

De staatsschuld zou extra omlaag kunnen door financiële meevallers alleen te gebruiken voor schuldreductie of door extra ombuigingen. Andere mogelijkheden zijn de verkoop van staatsdeelnemingen (het zogeheten tafelzilver; bepleit door het CDA) of de goudvoorraad van De Nederlandsche Bank. Dit laatste werd voorgesteld door PvdA-senator Wöltgens.

De financieel woordvoerder van de PvdA-fractie voorziet geen problemen bij de EMU-criteria, want Nederland is de enige lidstaat die een adequate voorziening heeft getroffen voor toekomstige ambtenarenpensioenen. Als rekening gehouden wordt met de reserves van het ambtenarenpensioenfonds ABP valt de Nederlandse staatsschuld ineens een stuk lager uit.

De VVD en D66 pleiten ervoor om toekomstige belasting- en uitgavenmeevallers zoveel mogelijk te gebruiken voor het terugdringen van het financieringstekort. Op deze manier kan volgens D66-senator Schuyer de schuldquote uitkomen op 75 procent van het bbp. De minister van financiën zei gisteren “de komende tijd iets extra aandacht geven aan de mix tekortreductie tegenover lastenverlichting.”

Voorzitter Wallage van de PvdA-fractie in de Tweede Kamer herhaalde begin deze week nog eens zijn opvatting dat niet alle financiële meevallers moeten worden gebruikt voor extra reductie van het financieringstekort. “Wij zetten niet het verstand op nul en de blik op oneindig”, aldus Wallage voor de NOS-radio.