Rechter glijdt uit over mestbeleid

Minister Van Aartsen (landbouw, natuurbeheer en visserij) erkende op 27 november op een persbijeenkomst ruiterlijk dat het huidige mestbeleid niet goed te controleren valt. Die uitspraak had haar echo op een onverwachte plaats. Voor de Leeuwarder belastingrechter mr. H.E. Pruiksma vormde zij namelijk voldoende aanleiding om de omstreden mestheffing niet langer toe te passen op milieuvriendelijke boeren. Een recente uitspraak die olie op het vuur van het boerenprotest is. De rechter, tevens CDA-Statenlid, geeft met graagte een toelichting in agrarische bladen. Een analyse van de uitsprak toont aan dat zij overhaast is genomen en meer op emotionele dan op juridische gronden. Maakt de afstandelijke onbevooroordeelde rechter gaandeweg plaats voor de politiek bewogen rechter?

Centraal in het verhaal staat een Brabantse kippenboer die een heel milieuvriendelijke oplossing voor zijn mestprobleem had gevonden en daarom vrijgesteld wilde worden van de mestheffing. De agrariër investeerde voor anderhalf miljoen gulden in een installatie die kippenmest verwerkt tot reukloze korrels waar bovendien de ammoniak uit is gehaald. Hij verkocht de mestkorrels, deels in het buitenland. Hoewel het ammoniakgehalte in 1998 voor de mestheffing mee gaat tellen, is het criterium nu de aanwezigheid van 125 kilo fosfaat in de geproduceerde mest. Maar mr. Pruiksma vindt dat de kippenboer precies heeft gedaan wat de politiek 'voor ogen zou hebben moeten staan', namelijk het reduceren van de ammoniakuitstoot. Daarmee verbeterde de man geheel vrijwillig het officiële beleidsdoel voor 2005. De rechter begrijpt dan ook niet dat de minister in dit geval geen ontheffing van de overschotheffing heeft gegeven.

De landbouwambtenaren betoogden ter zitting vurig dat de heffing nu eenmaal wordt bepaald aan de hand van de nog rijkelijk in de mest aanwezige fosfaten. Dat was destijds een politieke beslissing, aldus de ambtenaren. Pruiksma heeft als Fries Statenlid voor het CDA gevoel voor het politieke spel waar hij in zijn rechterlijke functie niet in mag meespelen. Net toen hij daarom wilde toegeven aan de duidelijke wettekst die de kippenboer in de mestheffing betrekt, trok een bericht zijn aandacht. De mestdeskundige Frits Bloemendaal, redacteur van het Agrarisch Dagblad heeft een boekje opengedaan over het mestbeleid sinds 1970. Het beleid stinkt, zo blijkt overduidelijk uit zijn boek 'Het Mestmoeras'. Sommige regels zijn zo moeilijk te controleren dat er nauwelijks toezicht wordt uitgeoefend. Het beleid is soms tegenstrijdig en de Tweede Kamer die dat alles wist, heeft boter op haar hoofd. Minister Van Aartsen kreeg het onthullende boek op 27 november aangeboden. De bewindsman haastte zich afstand te nemen van het oude beleid maar erkende: “Het mestbeleid is jarenlang niet goed gecontroleerd en zal ook de komende twee jaar zo blijven.” Rechter Pruiksma las dit daags daarop in zijn ochtendblad Trouw en belde meteen persvoorlichter Hans Blom van het ministerie. Waren de berichten juist? Jazeker, maar de minister doelde daarbij specifiek op de controle op het uitrijden van mest, niet op de rest van de controles die gewoon plaatsvinden.

Toch was het krantenartikel voor Pruiksma aanleidsing tot een ander uitspraak: een minister die 'in feite de komende jaren de deur voor nog meer overtredingen van de mestwetgeving openzet', begunstigt willens en wetens de fraudeurs. Hij heeft daarom geen recht de heffing op te leggen aan een milieuvriendelijke kippenboer, die wel getrouw een goede boekhouding voert. Op 30 november kon de Brabantse pluimveehouder het gerechtsgebouw fluitend verlaten. Daar stonden de protesterende boeren van te kijken. In de dagen daarop lichtte mr. Pruiksma zijn vernietigende vonnis toe in vraaggesprekken met enkele agrarische bladen. De boeren die met hun trekkers de snelweg optrokken, hadden opeens magistrale steun voor hun dreiging de mestboekhouding te boycotten.

Overigens is het wel zeker dat de Hoge Raad korte metten gaat maken met de spectaculaire uitspraak. Juridisch rammelt ze namelijk. Zo heeft de rechter de procespartijen niet de gelegenheid gegeven te reageren op het door hemzelf bijeen gesprokkelde feitenmateriaal dat de eveneens zelfbedachte bezwaren moet dragen. Bij Landbouw is men daar erg boos over. De feiten bestaan uit een telefonisch bevestigd krantenbericht. De betrokken woordvoerder stelt bovendien dat hij in dat telefoontje een cruciale maar niet in het vonnis opgenomen nuance heeft aangebracht.

Maar zelfs al bekende minister Van Aartsen op een onbewaakt moment tijdens een persbijeenkomst in Nieuwspoort zijn onmacht, is dat dan voldoende om alle milieuvriendelijke boeren een vrijstelling van de heffing vrij te bezorgen? Moet een rechter zo'n wel vergaande beslissing in zijn eentje in minder dan twee dagen nemen, juist in een tijd dat de gemoederen al zo oververhit zijn? Hoort het tot de taak van een rechter om de politiek voor te houden wat ze eigenlijk had moeten overwegen? Voor het vertrouwen in de rechterlijke macht is het essentieel dat zij zich apolitiek opstelt, weloverwogen werkt en in belangrijke zaken collegiaal oordeelt. Al die elementen ontbreken in dit opzienbarende Leeuwarder vonnis.