Anfield Road voetbaltempel met ambiance; Liverpool ruikt naar voetbal

LIVERPOOL, 13 DEC. Er ligt een oranje shawl bij het monument van de Hillsborough-ramp. Verder wat bloemen en een brief van een Deense supportersclub van Liverpool. Een flakkerend vlammetje verlicht de namen en leeftijden van de 96 slachtoffers. Sommige fans waren niet ouder dan veertien jaar. Het is een indrukwekkend tafereel bij de poort van Anfield Road, de voetbaltempel van Liverpool waar vanavond Nederland en Ierland strijden om de zestiende en laatste plek voor het Europees kampioenschap. De markante Ierse bondscoach Jack Charlton vindt dat zijn team in deze accommodatie min of meer thuis speelt. International Ray Houghton bespeurt hier altijd een grimmige sfeer. In ieder geval wordt het duel gespeeld in een bijzondere ambiance.

Kort voordat de spelers het veld opgaan, op de plek waar ze altijd even moeten wachten, zien ze boven de trap bij de tunnel een voor velen afschrikwekkend bord. 'This is Anfield', valt erop te lezen. Aangevuld door het embleem van de in 1892 opgerichte Liverpool Football Club en de titel van het befaamde clublied You'll never walk alone. “Als je dat ziet sta je al voordat je het veld opgaat met 1-0 achter”, weet Hans Dorjee, coach van het olympisch elftal, die in 1975 stage liep bij de club aan de Mersey.

Een deel van de negentienduizend Ierse fans zal plaatsnemen op een beroemde tribune: The Spion Kop Stand. Het is de korte zijde aan de westkant in welke richting Liverpool altijd de tweede helft probeert te spelen. Zoals Ajax dat in De Meer doet met de Diemen-zijde in de eerste helft, maar elke verdere vergelijking loopt natuurlijk mank. Op de staantribune van The Kop stonden vroeger de fanatieke Liverpool-supporters. Ook andere Engelse clubs voerden een tribune met zo'n naam in.

Maar Liverpool claimt het patent te bezitten op The Spion Kop, die in 1906 in gebruik werd genomen. De tribune werd genoemd naar een heuvel in Zuid-Afrika waar vele duizenden Engelse militairen, afkomstig van de Merseyside, het leven verloren bij de Boerenopstand in 1900. In 1928 kreeg de tribune een overkapping en groeide de capaciteit tot 30.000 toeschouwers. Inmiddels zijn dat er veel minder (12.400) omdat Anfield Road net als meer stadions in Engeland een grondige renovatie onderging en nu alleen nog zitplaatsen kent (totale capaciteit 45.000). Dit gebeurde als gevolg van de ramp op Hillsborough in 1989 en met het oog op het EK van volgend jaar. Anfield is in het accommodatie-schema opgenomen van Euro '96.

Zoals in de meeste Engelse stadions zit het publiek als een circusbezoeker dicht op de arena en staan er nergens hekken die het uitzicht kunnen belemmeren. Vanaf de eerste rij is het nog geen drie meter naar de zijlijn. Geen gracht zoals in De Galgenwaard of De Kuip; je wordt in je gang naar het veld slechts gehinderd door een klein afstapje.

Glenn Helder, de linksbuiten van het Nederlands elftal die voor Arsenal uitkomt, vindt dat het ontbreken van een afrastering voor een speciale atmosfeer zorgt op het veld en in de rest van de stadions. “Je opereert, zeker als flankspeler, heel dicht bij het publiek. Maar het kabaal in de Engelse stadions is zo gigantisch dat je toch niet kunt verstaan wat iedereen roept. Zo'n entourage inspireert mij niettemin als voetballer. Ik ben een typische publiekspeler die graag een band opbouwt met de toeschouwers. Dat kan in de Engelse stadions. Je kunt als toeschouwer de spelers bijna aanraken maar het gebeurt zelden dat iemand over de balustrade springt.”

Helder kan zich een moment herinneren waarop hij genoot van de reactie van het publiek dat hem letterlijk op de voet volgde. “Bij de cornervlag besloot ik een keer niet voor te zetten, maar een hakbal te geven naar een ploeggenoot die achter me liep. Later zag ik op televisie hoe verbaasd de mensen langs de lijn reageerden. En vervolgens stonden ze op voor een applaus”, aldus Helder die op 23 december terugkeert op Anfield Road en dan pas voor het eerst met Arsenal het stadion van Liverpool bezoekt.

Het Nederlands elftal trainde gisteravond op het veld van Anfield en verbaasde zich over de onberispelijke grasmat. Elk grassprietje lijkt op z'n plaats te zitten. “Hier rolt de bal pas echt goed”, concludeerde Ronald de Boer tevreden. Hans Dorjee maakte al eerder kennis met het roemruchte stadion waarin Ajax op 14 december 1966 het onverslaanbaar geachte Liverpool van Bill Shankly op 2-2 hield, nadat het thuis in de dichte mist 5-1 was geworden voor de Amsterdammers. Dorjee liep in 1975 stage bij Liverpool. Op een vakantie in Benidorm was hij Shankly's opvolger Bob Paisley tegen het lijf gelopen. En die nodigde hem uit voor een bezoek van twee weken aan zijn club. Dorjee: “Het was in de tijd van Kevin Keegan en Phil Neal. Ik werd voor de eerste nacht opgevangen door een oude supporter die mij onderdak verschafte in zijn Coronation-streetachtige huisje. Die man en zijn vrouw waren zo gastvrij dat ik niet meer naar een hotel durfde te gaan. Ze gaven me 's nachts twee kruiken tegen de kou. Ik voelde me al gauw verbonden met Liverpool. Die stad ruikt gewoon naar voetbal.”

Dorjee maakte toen kennis met het oude Anfield Road. “De tribune bewoog altijd mee met de aanvalsgolven van Liverpool. Dat vond ik heel indrukwekkend. Voor de wedstrijd hadden de youngsters de schoenen gepoetst van de spelers. Ze droegen ook zorg voor de rest van het materiaal. Een dag na de wedstrijd speelde de hinkepinkende Paisley altijd een partijtje met zijn spelers.”

De Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond heeft nog pogingen ondernomen om te proberen de beslissingswedstrijd te verplaatsen naar Wembley. Dat stuitte op verzet bij de UEFA, de Europese voetbalunie die Liverpool al een toezegging had gedaan, en de Ieren die natuurlijk aan hun eigen contingent dachten in de Merseyside. Bovendien stond voor gisteravond de oefeninterland Engeland-Portugal gepland op het heilige gras van Londen.

De twaalfduizend Oranje-fans worden begeleid door 225 stewards en acht supporterscoördinatoren. Degenen die met eigen vervoer reisden, werden vandaag opgevangen bij de docks in de haven. In een park was een tent opgesteld waar de mensen een versnapering konden halen. Ook werd er muziek gespeeld.

Veiligheidscoördinator Will van Rhee, die er op wees dat er meer Nederlanders waren geweest als de wedstrijd op het continent was gespeeld, verwachtte geen problemen. “Bij het WK in Amerika waren in Orlando 18.000 Nederlanders en 12.000 Ieren. Dat verliep ook in goede harmonie. Alleen de mist kan hier voor problemen zorgen.”

    • Erik Oudshoorn