Witrussen hebben eindelijk een parlement

Het heeft een half jaar gekost, en vier moeizame stemronden, maar Wit-Rusland heeft eindelijk een werkzaam parlement. In wat kan worden gezien als een ondubbelzinnige afwijzing van de plannen van de autoritaire president Aleksandr Loekasjenko om de komende vijf jaar alléén te regeren hebben de kiezers zondag 59 nieuwe parlementariërs gekozen. Daardoor zijn nu 198 (van de 260) parlementszetels gevuld, 24 meer dan het vereiste quorum, en kan het parlement eindelijk functioneren.

In mei van dit jaar hadden de Witrussen in twee stemronden slechts 119 van de 260 parlementszetels gevuld: in 141 districten bleef meer dan de helft van de kiezers thuis en waren de verkiezingen ongeldig. Omdat het nieuwe parlement geen quorum had, kon het niet aan het werk. Daarom besloot het oude parlement aan te blijven - tot woede van president Loekasjenko, die betoogde dat de zittingstermijn van het oude parlement was verstreken. Hij regeerde voortaan per decreet, als alleenheerser, negeerde parlementaire uitspraken, negeerde ook de uitspraken van het Constitutionele Hof en verbood zijn ministers zelfs in het parlement te verschijnen.

Loekasjenko liet er geen twijfel aan bestaan dat de nieuwe poging een parlement te kiezen voor hem niet had gehoeven: voor hem waren de verkiezingen “stupide”. Hij heeft er zelfs alles aan gedaan om de twee nieuwe stemronden op 29 november en zondag te saboteren, door kandidaten te verbieden geld aan hun campagne uit te geven, hun toegang tot de media te verhinderen en hen belachelijk te maken. De voorzitter van het oude parlement, Mjetsjislav Gryb, mocht zelfs niet op de televisie verschijnen om de kiezers op te roepen te gaan stemmen. Gryb week daarop met zijn oproep uit naar de Russische televisie.

Dat op 29 november meer dan zestig en afgelopen zondag meer dan vijftig procent van de kiezers in de betrokken districten de moeite nam toch te gaan stemmen, wordt gezien als een duidelijk signaal dat de Witrussen niet zoveel heil meer zien in Loekasjenko, de president die de censuur heeft ingevoerd, onafhankelijke vakbonden uitschakelt en er ook niet voor terugschrikt oppositionele politici ('nationale fascisten') door de politie in elkaar te laten slaan. Loekasjenko's aankondiging dat hij de komende vijf jaar zonder parlement wil regeren als het ditmaal met de verkiezingen niet zou lukken, en zijn openlijke sabotage van het democratische proces hebben de kiezers mogelijk zelfs geprikkeld toch maar te gaan stemmen.

Aldus heeft Wit-Rusland een parlement dat naar alle waarschijnlijkheid al op korte termijn in botsing zal komen met Loekasjenko. De in maart van dit jaar aangenomen grondwet geeft de president namelijk uitgebreide bevoegdheden, maar die zijn altijd nog kleiner dan de bevoegdheden die Loekasjenko zich sinds mei heeft toegeëigend.

Het nieuwe parlement wordt gedomineerd door communisten. De communistische partij heeft 43 van de 198 zetels veroverd, de met haar verbonden agrarische partij heeft er 39. Daarnaast telt het parlement 92 onafhankelijken, van wie de meesten afkomstig zijn uit de oude communistische nomenklatoera, waaruit overigens Loekasjenko als voormalig directeur van een kolchoze ook voortkomt.

De hervormers zijn maar heel bescheiden vertegenwoordigd. Het nationalistische Volksfront heeft geen enkele zetel kunnen bemachtigen. Zijn kopstukken stonden vooral kandidaat in de 23 kiesdistricten van de hoofdstad Minsk, waar de opkomst onder de vijftig procent bleef en waar de verkiezingen dus ongeldig waren. Oppositieleider Zenon Paznjak, de leider van het Volkfront, kreeg op 29 november in het district Smorhon 47 procent van de stemmen, drie procent te weinig om te worden gekozen. Hij mocht in de tweede ronde niet meer uitkomen, omdat er bij die eerste ronde in Smorhon maar twee kandidaten waren.

De hervormers beschikken in het nieuwe parlement over slechts twintig zetels: de twaalf van de Sociaal-Democratische Partij en de acht van de Partij van Verenigde Burgers van Stanislav Bogdankjevitsj, de voormalige directeur van de centrale bank. Ook Stanislav Stankjevitsj, de eerste president van Wit-Rusland na de uitroeping van de onafhankelijkheid, die begin vorig jaar aan de kant werd gezet, veroverde zaterdag een zetel.

Wit-Rusland, Oost-Europa's hekkesluiter waar het gaat om democratische en economische hervormingen, heeft dus eindelijk weer een parlement, maar veel uitzicht op een duidelijke koerswijziging in de richting van hervormingen is er niet. President Loekasjenko heeft inmiddels via een woordvoerder zuinigjes laten weten “heel gelukkig” te zijn dat er weer een volksvertegenwoordiging is. Hij had ook alvast een advies aan het parlement: het moet “niet ambitieus” zijn, maar wel “constructief”.