Premier Çiller wendt zich in open brief tot volk van Europa

ANKARA, 11 DEC. In een 'Open brief aan het volk van Europa' heeft de Turkse premier Tansu Çiller onderstreept dat Turkije een jonge democratie is maar dat haar volk de Westerse waarden en normen deelt. “Mocht het Europarlement”, aldus Çiller zaterdag op een persconferentie, “woensdag onverhoopt toch besluiten tégen de op stapel staande douane-unie tussen Ankara en Brussel te stemmen of een beslissing daarover opschorten, dan zal dat de anti-democratische krachten in Turkije ondersteunen”. Verwacht wordt overigens dat het Europees parlement zich voor de douane-unie tussen de EU en Turkije zal uitspreken.

Het lijdt geen twijfel dat Çiller met name doelde op de moslim-fundamentalistische Welvaartspartij, die de afgelopen jaren belangrijk aan aanhang heeft gewonnen in Turkije. Het wordt zelfs niet uitgesloten geacht dat deze partij als eerste uit de bus komt bij de parlementsverkiezingen die op 24 december worden gehouden. Çiller erkende gisteravond voor één van de Turkse prive-televisiestations dat de Welvaartspartij inderdaad de belangrijkste concurrent is van haar conservatieve Partij van het Juiste Pad (PJP).

Çiller maakte haar 'open brief' zaterdag openbaar tijdens een ontmoeting in haar residentie in Ankara met de buitenlandse pers. In de vorm van een advertentie staat de tekst vandaag ook in internationale media. In de brief wordt uitgelegd in hoeverre de democratie in Turkije al gestalte heeft gekregen en op welke manieren Turkije feitelijk zijn plaats in Europa al heeft ingenomen.

Çiller wond er op de persconferentie geen doekjes om dat ze “gezien de krachten in binnen- en buitenland die het vrijhandelsakkoord proberen te ondermijnen” het niet als een vaststaand feit beschouwt dat het Europarlement woensdag daadwerkelijk het groene licht geeft. Met de nationale tegenkrachten doelt ze niet alleen op de fundamentalisten, maar tevens op de centrum-rechtse Moederlandpartij, die er de afgelopen weken op heeft aangedrongen dat de stemming in het Europarlement wordt opgeschort tot na 24 december. Ze wil zo voorkomen dat Çiller de ratificatie van de douane-unie kan gebruiken in haar verkiezingscampagne.

De Turkse premier zei dat ze tot het laatste moment de Europarlementariërs zal blijven proberen te overtuigen van het feit dat de economische integratie van Turkije in Europa in lijn is met de wil van het Turkse volk: meer vrijheden, een liberaler klimaat en meer democratie. Çiller en de Turkse minister van buitenlandse zaken en vice-premier, de sociaal-democraat Deniz Baykal, hebben de afgelopen weken een intensieve diplomatieke campagne gevoerd in Europese hoofdsteden om niet alleen de regeringen van de EU-lidstaten maar met name de sociaal-democratische partijen in die landen duidelijk te maken dat de douane-unie een belangrijke locomotief is voor een verdere democratisering van Turkije. Ook de Amerikanen hebben zware druk op Brussel uitgeoefend om het vrijhandelsakkoord gestalte te geven en daarmee Turkije in Europa op te nemen.

Çiller sloot uit dat haar regering zal instemmen met eventuele voorwaarden die Europarlementariërs verbinden aan hun ja-woord. De indruk in Ankara is dat de Groenen en de christen-democratische en de socialistische fracties concrete democratiseringsmaatregelen van Turkije zullen eisen in ruil voor het vrijhandelsakkoord. Een van die voorwaarden zou zelfs zijn dat Turkije de identiteit van de Koerden erkent en hun culturele rechten toekent. De populaire krant Hürriyet (vrijheid) meldt vandaag geschrokken op de voorpagina dat daaronder tevens wordt verstaan dat Turkije met de separatistische Koerdische Arbeiders Partij (PKK) rond de tafel gaat zitten.

Volgens de Turkse premier is het niet aan Straatsburg om Turkije voor te schrijven hoe het democratiseringsproces er precies moet uitzien. Wel maakte ze duidelijk dat als ze op 24 december opnieuw aan de macht komt, ze de grondwet verder wil hervormen en dat er al voorstellen liggen voor het opheffen van de noodtoestand in het Koerdische Zuidoosten van het land, die de bevolking overlevert aan de willekeur van zowel de regionale bestuurders als de regeringsmilitairen.

    • Froukje Santing