Bosnische Serviërs reageren niet; Ultimatum over vrijlating Franse piloten verstrijkt

PARIJS/SARAJEVO, 11 DEC. Een Frans ultimatum over de vrijlating van de twee Franse piloten die sinds 30 augustus door de Bosnische Serviërs worden vastgehouden, is gisteravond verlopen zonder enige actie van de Serviërs.

De kwestie van de twee Franse piloten heeft de ontwikkelingen in het vredesproces van de afgelopen dagen beheerst. Frankrijk eist dat de twee piloten, die op de eerste dag van de massale NAVO-bombardementsactie Deliberate Force bij Pale werden neergeschoten, worden vrijgelaten voordat donderdag het vredesakkoord voor Bosnië wordt getekend. President Chirac gaf vorige week de Servische leider Milosevic één week de tijd om de vrijlating van de piloten te bewerkstelligen. Zou dat niet gebeuren, dan zou Frankrijk sancties nemen. De aard van die sancties werd niet toegelicht.

Vrijdagavond stelden de Fransen de Serviërs een nieuw ultimatum: de piloten moesten voor gisteravond worden vrijgelaten. Als de Bosnische Sertviërs in gebreke zouden blijven zou dat “veelvoudige consequenties” hebben, zo waarschuwde Parijs. De Fransen dreigden vrijdag met militaire zowel als diplomatieke maatregelen. Frankrijk kreeg de steun van de 52 landen en organisaties die in Londen bijeen waren op de eerste conferentie over de uitvoering van het vredesplan. Bovendien pleitte de Amerikaanse bemiddelaar Richard Holbrooke in Belgrado bij president Milosevic in krachtige termen voor de vrijlating van de piloten. Holbrooke wilde niets zeggen over Milosevic' reactie. Eerder heeft Milosevic laten weten niet in staat te zijn de verblijfplaats van de twee piloten te achterhalen.

Gisteren werd ook door andere landen, zoals Duitsland en Rusland, druk op de Serviërs uitgeoefend. De Russische minister van buitenlandse zaken, Kozyrev, zei dat er voor de Bosnische Serviërs “redenen genoeg zijn” om uitsluitsel te verschaffen over het lot van de piloten. Het ultimatum verstreek vannacht echter zonder dat de Bosnische Serviërs iets van zich lieten horen.

De leider van de Bosnische Serviërs, Radovan Karadzic, heeft gisteren gezegd dat de ondertekening van het vredesakkoord donderdag “een definitief einde maakt” aan drieëneenhalf jaar oorlog. “We willen vrede, ondanks de pijnlijke compromissen die we hebben moeten accepteren”, aldus Karadzic. Of dat betekent dat de Bosnische Serviërs nu accepteren dat de Servische voorsteden van Sarajevo onder gezag van de Bosnische regering komen te staan, zoals het akkoord van Dayton bepaalt, is onduidelijk. Tot dusverre hebben de Bosnische Serviërs zich heftig verzet tegen de hereniging van Sarajevo onder gezag van de Bosnische regering.

Zaterdag had Karadzic zich nog heel wat onverzoenlijker uitgelaten. Hij zei toen dat zijn 'Servische Republiek' in Bosnië “nooit de staat Bosnië-Herzegovina zal erkennen”. Volgens het vredesverdrag maakt de 'Servische Republiek' deel uit van die staat Bosnië-Herzegovina. Karadzic zei in Banja Luka dat “we ons zullen inspannen om het niveau van integratie van de Servische Republiek in Bosnië-Herzegovina zo laag mogelijk te houden in de politieke veldslagen die ons nog wachten”.

De Russische minister Kozyrev pleitte gistgeren voor de opschorting van alle pogingen van het Haagse tribunaal voor de vervolging van oorlogsmisdadigers om de Bosnisch-Servische leiders Karadzic en Mladic te berechten. (Reuter, AFP, AP)