Spanje; Glasloze Guernica tekent het 'normale' Spanje

MADRID, 9 DEC. In zaal 5/9 van het Madrileense museum voor moderne kunsten Reina Sofía heerst een geroezemoes dat de Noordeuropese geluidsnorm voor museumbezoek ruim overschrijdt. Voor het kniehoge hekje staat het volgepakt met bezoekers die nauwlettend in de gaten worden gehouden door twee breedgeschouderde bewakingsbeambten. Daar hangt het lijstloze schilderij dat als geen ander werk de gruwelen van het oorlogsgeweld in het collectieve wereldgeheugen heeft gegrift. De Guernica: Picasso's verbeelding van het bombardement door een Duits vliegerkorps van het gelijknamige stadje in Baskenland in 1937.

Het is druk deze vrijdag. De vrije dag - Maria onbevlekt ontvangen - wordt door velen benut om de Guernica voor het eerst in volle glorie te zien. Vijftien jaar na de terugkeer naar Spanje is het beschermende pantserglas voor het werk verwijderd. Voor het eerst kan Spanje Picasso's werk van dichtbij bewonderen zonder de klinische afstand van een vacuüm verpakt stuk kaas. Minister van cultuur Carmen Alborch kon bij de presentatie haar emoties dan ook nauwelijks bedwingen. “Het schilderij geeft nu een sensatie die we niet eerder konden ervaren. De kleur is geweldig.”

Het is waar: zo onbeschermd en zonder hinderlijke reflectie blijkt het zwart, wit en grijs plotseling uit subtielere tinten te bestaan. De museum-directie liet dan ook niet na te onderstrepen dat de verbetering van de zicht op het schilderij voorop had gestaan. Maar er is meer, zoals de minister zelf al aangaf. “Het weghalen van het pantserglas houdt in dat het land genormaliseerd is en de democratie zich definitief gevestigd heeft”, aldus Carmen Alborch.

Het was dan ook niet helemaal toevallig dat de 'nieuwe' Guernica werd onthuld te midden van alle feesten rond het twintigjarig jubileum van de herinvoering van de democratie. Spanje haalt gaandeweg steeds meer van zijn burgeroorlog en dictatuur weg onder de glazen stolp waar ze jarenlang hebben gelegen.

Zoals Nederland jarenlang krampachtig zweeg over zijn laatste koloniale stuiptrekkingen in Indonesië en het gedrag tijdens de Tweede Wereldoorlog opwaardeerde tot een verzetsdaad van nationaal niveau, zo kan ook Spanje moeilijk uit de voeten met het recente verleden. Zij het dat de weerzin een andere achtergrond had: voor zover er onder de oorlogen een gradatie van gruwelijkheid kan worden aangebracht, laat de burgeroorlog de meest ingrijpende littekens van verscheurdheid achter. En wie onder de dictatuur had gezucht, schaamde zich vooral voor de middelmaat die zich zo lang wist te handhaven.

Aandachtig turend probeert een vader met zijn puberzoon de figuren op de Guernica te duiden. “Vertel me eens, wat zegt dat paard?”, ondervraagt de vader op schoolse toon. Het lijden en de schaamte van Spanje, luidt het bestudeerde antwoord van de zoon. Of was dat nu juist die brullende stier? Nee, de stier is de vitaliteit van het Spaanse volk, doceert vader geduldig. De lamp in de zon? Dat moet de hoop zijn, daarover is de familie het eens.

Naarmate de tijd verstrijkt sterven de ooggetuigen en verbleken de herinneringen tot symbolische waarden waar afstand van kan worden genomen. Uit een van de vele enquêtes die laatste weken werden gepubliceerd, bleek het regime van Franco een duidelijke herwaardering te ondergaan. Nog maar negen procent van de ondervraagden - tien jaar terug was dat nog het dubbele - meende ondubbelzinnig dat de dictatuur positief is geweest voor Spanje. Het deel dat Franco's bewind verwierp als ronduit slecht voor het land bleef ongewijzigd, grofweg een kwart. Het aantal mensen dat zowel goede als slechte kanten aan de de Franco-periode zag, steeg evenwel van 46 tot 63 procent.

Voor de Guernica houdt een bontmantel stil waar zich bij nadere inspectie een kleine, oudere vrouw in blijkt te bevinden. Met haar vriendin - iets langer, gehuld in een vrijwel identiek bontje - is ze speciaal gekomen om de Picasso te bezichtigen. “Voor mij is het een kreet tegen de oorlog”, zegt ze beslist. “Tegen de burgeroorlog”, vult haar vriendin aan.

Maar was Picasso's schilderij niet juist een expliciete afrekening met de opstandige militairen onder leiding van Franco? “Voor mij gaat het niet om links of rechts, allebei hebben ze gruwelijke stommiteiten begaan”, klinkt het gedecideerd uit de kleine bontmantel. Ze heeft de oorlog meegemaakt, maar nauwelijks bewust. “Het is er bij mij thuis ingestampt. Binnen de familie in Burgos waren er twee kampen. Mijn ouders stonden ertussen in, wilden niet voor of tegen kiezen. De jongere generatie zegt dat niets meer. Die weten niet eens wie Franco was.”

Een afrekening zit er bijna zestig jaar na dato niet meer in. Een van de onuitgesproken grondregels van de overgang naar de democratie die nu wordt herdacht is altijd geweest dat er geen represailles werden ondernomen tegen de oude machthebbers. Het 'Vergeven en Vergeten' dat vaak aan de vreedzame overgang naar de democratie is toegeschreven is niet geheel overeenkomstig de werkelijke gang van zaken, zo schrijft de Britse journalist John Hooper in zijn boek 'The new Spaniards'. “Omdat niemand in Spanje ooit werd berecht, werd er ook niemand schuldig bevonden. En omdat er niemand schuldig was, kwam er ook nooit vergeving aan te pas. Het was simpel een kwestie van vergeten.”