Pulp is live nog hartstochtelijker dan op cd

Door Concert: Pulp. Gehoord: 8/12 Max/Melkweg, Amsterdam.

Jarvis Cocker heeft het ideale figuur van een vrouw uit de jaren twintig. Langgerekt en languissant, met eindeloze benen en bottige schouders verrijst de zanger van Pulp tussen zijn muzikanten. Zijn ogen zijn geloken, zijn wangen lijken ingezogen. Maar deze sluike schoonheid kan ieder moment veranderen in een fladderend insect, dat zich in de eigen ledematen verstrikt, geschrokken omhoogspringt of zijn lange vinger als een angel op het publiek richt.

Pulp, dat gisteravond optrad voor een lang tevoren uitverkochte Max/Melkweg in Amsterdam, is èèn van de succesvolste Engelse groepen van het moment. De geschiedenis van Pulp is ook een van de opmerkelijkse van de hedendaagse Britse popmuziek. Want anders dan voor de meeste Engelse hitgroepen, die doorgaans van de ene dag op de andere beroemd worden, heeft dat in het geval van Pulp ongeveer twaalf jaar geduurd.

De groep werd al opgericht in 1981 door de uit Sheffield afkomstige Jarvis Cocker. Ze bleef nagenoeg onopgemerkt, totdat Pulps muziek begin jaren negentig wonderbaarlijk goed in de tijd bleek te passen. De doorbraak kwam dan ook in 1994 met de derde cd His 'n' Hers, en werd dit jaar bestendigd met het fantastische Different Class. Pulp is wervelend en bombastisch, gepolijst en lichtzinnig, maar ondertussen ook droogkomisch.

Het bijzondere aan Pulp is dat de muzikale elementen niet naast elkaar staan, maar samen lijken te smelten tot een duizelingwekkende stroom: de zwierige synthesizers, de glad vervloeiende gitaren, de violen en het echoënde space-gereutel. Tegen deze achtergond klinkt de stem van Jarvis Cocker hoog en overslaand, juichend of kwijnend.

Ook bij een live-optreden slaagt Cocker er in deze nuances hoorbaar te maken, zo bleek gisteravond. Hij doet de geëxalteerde uithalen net zo hartstochtelijk als de gefluisterde lettergrepen en het intieme zuchten, waarbij de luisteraar zich een auditief voyeur voelt. Tussen de nummers door verandert Cocker van emotionele zanger in deadpan komiek. Hij toont het publiek zijn horloge met ingebouwde aansteker en converseert op rustige toon over allerlei trivia. Maar tijdens zijn zang gaat Cocker op in het grote gevoel. Ook letterlijk: de lange benen en hoge hakken zijn niet genoeg, Cocker heeft vóór op het podium nog een extra verhoging waar hij zich op de meeslependste momenten even posteert.

Tussen Cocker en de rest van de band lijkt geen communicatie te bestaan. Toch spelen de gitaristen, drummer, keyboardspeelster en de man met de elektrische viool live nog bijna beter dan op de cd: transparant en afwisselend in dynamiek. Het geheel klonk zo perfect dat iemand in de zaal spijtig verzuchtte dat het de Dire Straits wel leken. Het publiek gaf zich halverwege het concert gewonnen. Ongeveer toen Jarvis tijdens het symfonische I Spy bij de woorden '..and shove it up your ass' een lange benige vinger in de lucht stak die qua bestemming weinig te raden overliet.