Privatisering blijft 'onder vrienden'; Spotprijs voor oliefirma's Rusland

MOSKOU, 9 DEC. Het omstreden privatiseringsprogramma in Rusland heeft opnieuw pakketten aandelen van grote oliemaatschappijen in handen gebracht van organisaties die de biedingsprocedure zelf uit naam van de overheid organiseerden. Een buitenlandse deskundige noemde de prijzen die zijn betaald “bespottelijk laag”.

De bank Menatep organiseerde gisteren de veiling van twee pakketten aandelen in de op één na grootste oliemaatschappij van Rusland, Joekos. Winnaar van beide pakketten werd de tot dan toe onbekende firma 'Lagoena'. Lagoena kocht 33 procent van de Joekos-aandelen voor 150,1 miljoen dollar. De overige 45 procent kreeg de firma in onderpand door aan de staat 159 miljoen dollar te lenen onder het zogeheten 'aandelen-voor leningen' plan.

Lagoena bleek een dochter van Menatep te zijn en heeft inmiddels bekend gemaakt de verworven aandelen aan de bank over te dragen. Een bod van drie concurrerende banken werd door Menatep ongeldig verklaard, omdat het onvoldoende gedekt zou zijn.

De transacties zijn onderdeel van een in hoog tempo uitgevoerde golf van privatiseringen aan de vooravond van een mogelijke communistische overwinning bij de parlementsverkiezingen van volgende week. De verkoop betreft de meest waardevolle delen van de voormalige Sovjet-industrie, met name producenten van grondstoffen, en helpt de regering aan aanzienlijke begrotingsinkomsten.

Volgens critici, zoals de hervormingsgezinde oud-minister van financiën Boris Fjodorov komt de huidige manier van privatisering echter neer op “het verdelen van bedrijven onder vrienden”.

Eergisteren verwierf een consortium rondom de bank Imperial de controle over vijf procent van de aandelen Loekoil, Ruslands grootste oliemaatschappij met geschatte reserves groter dan die van Exxon. Imperial organiseerde zelf de veiling in opdracht van de overheid. Loekoil is mede-oprichter van deze bank en de directie van de oliemaatschappij maakte ook nog apart deel uit van het consortium.

Een consortium rondom de Uneximbank verwierf op dezelfde dag 51 procent van de aandelen Sidanko, een andere grote oliemaatschappij. Vorige maand had dezelfde bank ook al de veiling van 38 procent Norilsk Nikkel gewonnen, de grootste nikkelproducent van de wereld.

Beide veilingen werden georganiseerd door Uneximbank zelf. Een bod op Sidanko van de bank Rossiski Kredit werd terzijde gelegd, omdat de bevestiging dat het bod van Rossiski Kredit gedekt was, binnenkwam 24 minuten nadat de periode voor biedingen was gesloten.

De hoogte van de winnende biedingen lag slechts een fractie hoger dan de minimumprijzen die de staat voor de aandelen had gevraagd. “De prijzen die voor Loekoil en Sidanko werden betaald zijn bespottelijk laag”, zo zei Jean Fueg, analist van het in Geneve gevestigde Petroconsultants in een reactie tegen The Moscow Times. “Er is geen rationele verklaring voor deze prijzen.”

Uneximbank betaalde de staat voor de oliereserves van Sidanko het equivalent van 2 dollarcent per vat, zo rekende Fueg voor. De gebruikelijke prijs internationaal is volgens hem vier tot vijf dollar per vat.

Voor vijf procent Loekoil betaalde het consortium rondom Bank Imperial 35 miljoen dollar. Onlangs is een vergelijkbaar pakket - zes procent - van Loekoil's aandelen voor 250 miljoen dollar verkocht aan het Amerikaanse Atlantic Richfield.

De nieuwe eigenaren van het donderdag geveilde pakket Loekoil hebben wel een belastingschuld van het oliebedrijf ten bedrage van honderd miljoen dollar moeten overnemen. Deze te betalen schuld komt dus bovenop de lage verkooprijs. Maar aangezien de bedrijfsleiding van Loekoil zelf deel uitmaakt van de groep kopers, maakt dit de nieuwe eigenaren weinig want dit bedrag moesten ze toch al betalen.

De transacties van de afgelopen dagen versterken de indruk dat de privatisering in Rusland een privé-aangelegenheid is geworden voor ingewijden. Vorige week kwam onenigheid over het besloten karakter van de procedures naar buiten, toen drie vooraanstaande banken op een persconferentie protesteerden tegen de manier waarop de oliemaatschappij Joekos zou worden aangeboden. Menatep, de organisator van de verkoop, had namelijk van te voren laten weten dat “er geen misverstand over kon bestaan: wij krijgen Joekos”.

De onenigheid betreft een nieuwe fase in de verkoop van Ruslands staatsbedrijven. In 1992 werden aandelen uitgegeven in ruil voor 'vouchers' die elke volwassene gratis kreeg. Daarna werden aandelen voor geld verkocht, maar omdat de opbrengst van die verkoop tegenviel is de overheid vorige maand ook begonnen met het uitgeven van aandelen tegen leningen.

Als de overheid de leningen niet op tijd terugbetaalt mogen de tijdelijke eigenaren over een jaar de aandelen zelf verkopen, iets dat volgens critici al stilzwijgend is afgesproken. In de tussentijd kunnen de tijdelijke eigenaren de zeggenschap die de aandelen met zich meebrengen vrijwel onbeperkt gebruiken.

Vice-premier Tsjoebais, de grote man achter de privatisering, verdedigde onlangs in een gesprek met enkele buitenlandse journalisten het 'aandelen-voor-leningen' plan. Hij onderstreepte dat de verwachte inkomsten uit de privatisering dit jaar juist dankzij het plan worden gehaald.

Verder is volgens hem alleen al het feit belangrijk dát de privatieringen doorgaan. Hij sprak over “politieke factoren” waarmee hij kennelijk de opiniepeilingen bedoelde volgens welke de Communistische Partij de meeste stemmen zal halen bij de parlementsverkiezingen van volgende week zondag. “Het afremmen of stopzetten van de economische hervormingen is niet uitgesloten”, zei Tsjoebais. “Maar het terugdraaien acht ik onmogelijk.”

Dat de gevolgde procedures bij de verkoop van staatsbedrijven verre van volmaakt zijn, sprak de vice-premier niet tegen. “In Frankrijk wordt drie jaar gesproken over de verkoop van Crédit Lyonnais. Hier verkopen wij in drie maanden een belangrijk deel van onze hele industrie”, aldus Tsjoebais. “Als wij alles volgens Westerse normen zouden doen dan zou er geen enkel bedrijf worden geprivatiseerd.”

Over de mogelijk bevoorrechte positie van ingewijden bij de biedingsprocedures stelde Tsjoebais een wedervraag: “Doen er dan ook niet-ingewijden mee? U kent Rusland toch.” Eventuele nadelen van de huidige procedures zullen echter vanzelf worden overwonnen, verzekerde hij. Nadat de staatsindustrie eenmaal in particuliere handen is overgegaan, zal een “tweede golf van verdeling” volgen die het eigendom wijder verspreidt.